Het Hof vernietigt de boetebeschikkingen. Gesteld noch gebleken is dat de belastingplichtige redenen had te twijfelen aan de deskundigheid van diens gemachtigde. Maar ook in het geval het de belastingplichtige was opgevallen dat gefactureerd werd met omzetbelasting maar geen aang
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 6 EVRM
Genoemd in 24.629 uitspraken
24.629 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 23 · live
Profijtontneming. Schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel (w.v.v.). Art. 359.3, 511f en 511g Sv. De uitspraak moet de bewijsmiddelen vermelden waaraan de schatting van het w.v.v. is ontleend met weergave van de inhoud daarvan, v.zv. bevattende de voor die schatting r
Bestuurdersaansprakelijkheid na faillissement.
Dwanginvordering door Ontvanger onrechtmatig jegens derden die door handelen belastingschuldigen (verduisteren gelden) zijn benadeeld? Rechtsgeldig betekend executoriaal derdenbeslag is akte van vervolging in de zin van art. 27 lid 1 (oud) Iw 1990, waarvan stuitende werking voort
Schade na strafrechtelijk beslag goederen juwelierszaak. Onrechtmatige overheidsdaad? Geen sprake van "gebleken onschuld" na sepot strafzaak.
Profijtontneming. 1. De begindatum van de bewezenverklaarde periode berust op de door het Hof gegeven uitleg aan de bewezenverklaring in de hoofdzaak. De uitleg van de uitspraak in de hoofdzaak is voorbehouden aan het gerecht dat over de feiten oordeelt, zij het dat die uitleg in
Economisch. Art. 46 Wte (oud) 1995. Richtlijn marktmisbruik. Voorwetenschap. Begrippen “bijzonderheid”, “openbaarmaking”, “koersgevoeligheid” en “causaliteitsvereiste”.
Inkomstenbelasting. Ontbreken inkoopadministratie coffeeshopexploitant leidt tot omkering bewijslast. Geen kwade trouw.
Profijtontneming. Geen belang. Art. 577b Sv. Middel klaagt dat de berekening is gebaseerd op feiten waarvan betrokkene is vrijgesproken. In HR LJN BN9287 is de beslissing in de hoofdzaak vernietigd v.w.b. de beslissingen t.z.v. het onder 2 en 3 tlg en de strafoplegging omdat het
zorgvuldigheidsbeginsel, onschuldpresumptie, vertrouwensbeginsel, eerlijk proces, tussenvonnis
Motorrijtuigenbelasting; artikel 72, lid 1, aanhef en letter n, en artikel 76, leden 1 en 2, Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994; niet voldoen aan voorwaarden vrijstelling ter zake van taxivervoer; duur naheffingstermijn; berekening na te heffen belasting.
Motorrijtuigenbelasting; artikel 72, lid 1, aanhef en letter n, en artikel 76, leden 1 en 2, Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994; niet voldoen aan voorwaarden vrijstelling ter zake van taxivervoer; duur naheffingstermijn; berekening na te heffen belasting.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie gegerond verklaard, zie ook het arrest 09/00778
- Motorrijtuigenbelasting; artikel 72, lid 1, aanhef en letter n, en artikel 76, leden 1 en 2, Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994; niet voldoen aan voorwaarden vrijstelling ter zake van taxivervoer; duur naheffingstermijn; berekening na te heffen belasting. - Boete; artikel 6
Motorrijtuigenbelasting; artikel 72, lid 1, aanhef en letter n, en artikel 76, leden 1 en 2, Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994; niet voldoen aan voorwaarden vrijstelling ter zake van taxivervoer; duur naheffingstermijn; berekening na te heffen belasting.
Motorrijtuigenbelasting; artikel 72, lid 1, aanhef en letter n, Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994; ten onrechte verleende vrijstelling voor taxivervoer; verhouding artikel 20 AWR en artikel 76 Wet Mrb; duur naheffingstermijn; berekening van na te heffen belasting.
Omzetbelasting. Voorbelasting ter zake van juridische bijstand in aansprakelijkheidsprocedure kan niet in aftrek worden gebracht. Vergrijpboete wegens grove schuld is terecht.
Dagvaarding nietig ten aanzien van feit 1A (innerlijk tegenstrijdig). Niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte bij dagvaarding onder 1B primair en subsidiair, 1C en 2 is ten laste gelegd. Vrijspraak. Met het oog op de beperkte bewijsbestemming van een aan de Belast
Mededingingswet. Boete opgelegd in het kader van het bouwfraudeonderzoek wegens overtreding van artikel 6 Mededingingswet en artikel 81 EG. Versnelde procedure, fair trial. Toerekening overtreding, begaan door dochtermaatschappij, aan moedermaatschappij. Bewijslastverdeling, econ
Vordering tot schadevergoeding ex 89 Sv na vrijspraak deels toegewezen. Ingevolge artikel 90, eerste lid Sv heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.
Vordering tot schadevergoeding ex 89 Sv na sepot toegewezen. Ingevolge artikel 90, eerste lid Sv heeft de toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn. Het moet ga
Regeling GLB-inkomenssteun 2006. Bedrijfstoeslag. Kennelijke fout indien bedrijfskaart en gewasperceelslijst niet overeenstemmen? Sanctiestelsel art. 51 Verordening 796/2004 niet in strijd met evenredigheidsbeginsel en niet van strafrechtelijke aard.
1. Onttrekking van minderjarige aan wettig gezag a.b.i. art. 279.1 Sr. 2. Onschuldpresumptie. Ad 1.: ’s Hofs oordeel dat de verdachte in zodanige mate heeft bijgedragen aan de scheiding tussen de minderjarige en haar ouders, waardoor deze buiten het gezag van haar ouders kwam te
Profijtontneming. Het Hof heeft aan de schatting van het w.v.v. een feit ten grondslag gelegd, waarvan betrokkene in h.b. – onherroepelijk – is vrijgesproken. De bestreden uitspraak is dus ontoereikend gemotiveerd.
In geschil is of de vergrijpboete terecht is opgelegd, welke vraag belanghebbende ontkennend en de Inspecteur bevestigend beantwoordt.