Eisers zijn beiden in het bezit van een nog geldige werkvergunning voor Malta. Malta heeft op grond van artikel 12, derde lid, van de Dublinverordening het overnameverzoek aanvaard. Het beroep van eisers is gegrond. De asielaanvraag van eisers is niet in behandeling genomen omdat
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 5 EVRM
Genoemd in 1.168 uitspraken
1.168 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Wvggz. Zorgmachtiging. Is betrokkene in de gelegenheid gesteld te worden gehoord? Art. 6:1 leden 1 en 2 Wvggz. Vaststelling dat betrokkene niet bereid was zich te doen horen.
Kort geding tegen de Staat. Ontvankelijkheid. Taakverdeling burgerlijke rechter en strafrechter. Vordering vrijlating uit overleveringsdetentie. Gevolgen van arrest Hof van Justitie EU van 24 november 2020 (ECLI:EU:C:2020:953). Met voldoende waarborgen omklede (strafrechtelijke)
Wet zorg en dwang (Wzd). Machtiging tot voortgezet verblijf (art. 24 Wzd). Verzoek ingediend na verstrijken geldigheidsduur voorafgaande machtiging. Gevolgen voor geldigheidsduur machtiging: kon deze voor twee jaren worden verleend (art. 39 lid 5 Wzd)? Aftrek periode verblijf zon
Cassatie in het belang der wet. Faillissementsgijzeling (art. 87 Fw). In verzekerde bewaringstelling van bestuurder van gefailleerde vennootschappen (art. 87 Fw in verbinding met art. 106 Fw). Loopt wettelijke termijn van art. 87 lid 3 Fw door gedurende voorwaardelijke schorsing?
Wvggz. Beroep tegen crisismaatregel (art. 7:6 Wvggz). Wie is procespartij in beroep tegen crisismaatregel? Ontvankelijkheid cassatieberoep. Toelaatbaarheid nieuwe crisismaatregel met aanvullende vormen van verplichte zorg tijdens de geldigheidsduur van de machtiging tot voortzett
Het betreft twee vraagstukken: 1. Een geneeskundige verklaring die door een AVG-arts is opgesteld, terwijl bij cliënt sprake is van een verstandelijke beperking (die op de voorgrond staat) én een psychische stoornis. 2. Een geneeskundige verklaring die is opgesteld door een psych
Wet Bopz. Verzoek schadevergoeding i.v.m. overschrijding beslistermijn voor machtiging voortgezet verblijf (art. 35 Wet Bopz). Toerekening overschrijding beslistermijn aan betrokkene vanwege ongeoorloofd vertrek uit de instelling t.t.v. geplande mondelinge behandeling en aanhoudi
Art. 81 lid 1 RO. Wet Bopz. Machtiging tot voortgezet verblijf. Rechtbank neemt beslissing meer dan vier weken na het verstrijken van de voorafgaande machtiging. Tijdsverloop veroorzaakt door wrakingsverzoeken betrokkene. Moet rechtbank de intussen verstreken tijd in mindering br
Art. 81 lid 1 RO. Wet Bopz. Machtiging tot voortzetting inbewaringstelling (art. 27 Wet Bopz). Doorbrekingsgrond (art. 29 lid 5 Wet Bopz)? Alcoholverslaving. Is voldaan aan maatstaf van HR 23 september 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU0372?
Bopz. De in artikel 17 Bopz genoemde indieningstermijn voor de Officier van Justitie is bedoeld om de procedure te stroomlijnen en strekt niet rechtstreeks tot bescherming van de )op geld waardeerbare) belangen van de betrokkene.
spoedmachtiging gesloten jeugdhulp
Procesrecht. Betekenis van art. 30p Rv; exclusieve regeling van de mondelinge uitspraak? Diverse regels voor mondelinge uitspraken.
Art. 81 lid 1 RO. Bopz. Machtiging tot voortgezet verblijf. Mondelinge behandeling aangehouden voor contra-expertise. Overschrijding beslistermijn? (HR 2 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2016, NJ 2016/475)
Sint Maarten. Strafvorderlijk kort geding. Niet uitgevoerd bevel onmiddellijke invrijheidsstelling.
Wet Bopz. Machtiging tot voortgezet verblijf in verpleeginrichting of zwakzinnigeninrichting. Is ‘verzetcriterium’ (art. 3 Wet Bopz) of ‘bereidheidscriterium’ (art. 2 lid 3 onder a Wet Bopz) van toepassing?
Gesloten plaatsing. Gevolgen van niet-horen van de minderjarige binnen een termijn van 14 dagen. Jeugdrecht kent geen specifieke regeling voor een vergoeding wegens ten onrechte ondergane gesloten jeugdhulp.
BOPZ. Conversie voorwaardelijke machtiging in voorlopige machtiging, art. 14d Wet Bopz. Moet niet-tijdige schriftelijke opgave van de redenen daarvoor (lid 2) leiden tot invrijheidstelling? Mogelijkheden om vergoeding van immateriële schade te vragen; art. 20 en 21 Wkkgz. Samenha
Voorlopige hechtenis. Niet “speedily” als bedoeld in artikel 5 EVRM maar geen gevolgen voor voorarrest.
Beroep op het equality of arms beginsel. Hof oordeelt dat het aan de wetgever en niet de rechter is om te bepalen of aan de verdachte en het openbaar ministerie gelijke beroepsmogelijkheden worden toegekend. Verdachte niet-ontvankelijk. Art. 87 jo 445 Sv
BOPZ. Machtiging tot voortgezet verblijf. Mondelinge behandeling aangehouden voor contra-expertise; hervatting en beslissing na ruim zes maanden. Strijd met art. 17 en 48 Wet Bopz en art. 5 lid 1, onder e, en lid 4 EVRM? Overschrijding van beslistermijn verrekenen met geldigheids
Oplegging en tenuitvoerlegging levenslange gevangenisstraf i.v.m. de eisen ex art. 3 EVRM. Huidige tenuitvoerleggingspraktijk is onverenigbaar met de eisen die art. 3 EVRM stelt. Levenslange gevangenisstraf is niet i.s.m. art. 3 EVRM ook niet indien deze ten volle wordt geëxecute
Art. 81 lid 1 RO. BOPZ. Machtiging voortgezet verblijf. Verklaring onafhankelijke psychiater. Verklaring geneesheer-directeur van het ziekenhuis waar betrokkene verblijft.
Voorwaardelijke invrijheidstelling. Voorwaarde tot opname in zorginstelling niet arbitrair en niet in strijd met artikel 5 lid 1 sub e EVRM. Ook geen strijd met artikel 5 lid 4 EVRM. Geen aanleiding om terug te komen op eerdere beslissing van 21 januari 2015 (ECLI: NL:RBGEL:2015:
Malta, artikel 5 EVRM, Vo 604/2013, claimakkoord, detentie, valse documenten, rechtsmiddelen, bewaringsmaatregel, ECRI, European Commission against Racism and Intolerance, AIDA, Asylum Information database, ECRE, terugkeer, superintendent Immigration Officer, verboden immigrant,