Kort geding. Bevel aan Staat om eiser niet uit te leveren aan Turkije. Uitlevering van eiser zonder dat is voorzien in behandeling van PTSS is van bijzondere hardheid, althans levert schending op van artikel 3 EVRM. De Staat handelt onrechtmatig door eiser uit te leveren zonder -
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 34 EVRM
Genoemd in 39 uitspraken
39 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Kort geding. Het gevorderde verbod op uitlevering wordt afgewezen. Vertrouwensbeginsel. Geen schending van artikel 3, 6 en 13 EVRM. Geen aanleiding voor het vragen van nadere garanties aan de Turkse autoriteiten.
Vonnis na tussenvonnis, nadat Turkse autoriteiten hebben aangegeven het uitleveringsverzoek van eiser te handhaven. Er is geen sprake van scheinding van het specialiteitsbeginsel, geen strijd met een goede rechtsbedeling. Voorts heeft eiser onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de
Uitlevering Turkije. Geen dreigende flagrantie schending artikelen 3,6 en 8 EVRM. Gevolgen uitlevering niet van bijzondere hardheid. Vertrouwensbeginsel brengt met zich dat op naleving terugkeergarantie moet worden vertrouwd.
Kort geding. Vordering verbod uitlevering Turkije afgewezen. Geen dreigende flagrante schending van artikel 3 en 6 EVRM. Geen voorwaarden verbonden aan uitlevering.
N-o verklaring ingestelde h.b. Verdachte heeft h.b. ingesteld tegen het vonnis van de Rb, waarbij het OM n-o werd verklaard in de strafvervolging. De aan het oordeel van het Hof ten grondslag liggende rechtsopvatting dat een verdachte in zijn h.b. n-o kan worden verklaard als hij
Dublin, Italië Geen nova, Afdeling geeft geen onjuiste uitleg aan artikel 20, eerste lid, aanhef en onder e van de verordening, geen motiveringsgebrek verweerder, ten aanzien overdracht geen feiten en omstandigheden aangevoerd. De voorzieningenrechter is van oordeel dat uit het b
Familierecht. Machtiging jeugdige te plaatsen in inrichting voor gesloten jeugdzorg. Belang bij rechtsmiddel tegen tijdelijke maatregel waarvan geldingsduur is verstreken. In EHRM 7 juni 2011, no. 277/05 ziet HR aanleiding terug te komen op eerdere rechtspraak. Aangenomen moet wo
Vervolg op beschikking van 25-01-2010 (LJN:BL1992). Werkneemster wenst dat voor wat betreft haar pensioenvoorziening, loonbelasting en collectieve ziektekostenverzekering zij als gehuwd wordt aangemerkt, met de voordelen voor haar, haar echtgenote en het kind van haar echtgenote.
Wachttijd plaatsing in tbs-kliniek.
Art. 47 AWR. Verklaringen van belanghebbende na vordering Inspecteur niet bruikbaar als bewijs voor boete/verhoging. Gevolgen verlenging navorderingstermijn voor boete?
Boete opgelegd na ontbinding commanditaire vennootschap.
Resolutie BTW-28. Aftrek gemeenschapsvoorzieningen, toerekening aan belaste omzet. Indiening stukken 13 dagen voor de zitting. Art. 6, lid 1, EVRM, geldt bescherming EVRM ook voor belastingplichtige publiekrechtelijke lichamen; redelijke termijn.
Artikel 6, lid 1 EVRM. Overschrijding redelijke termijn? Vermindering boete bij overschrijding redelijke termijn? Artikel 29, lid 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Omkering bewijslast. Redelijke schatting verzwegen omzet / loon.