Onrechtmatige daad; schadevaring, art. 8:1002 BW. Onderaannemer beschadigt kabels bij heiwerkzaamheden vanaf drijvend ponton. Samenloop verjaringsregels art. 3:310 BW en art. 8:1793 BW? HR 15 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA1414, NJ 2007/621.
Burgerlijk Wetboek
Art. 8:1000 BW
Genoemd in 9 uitspraken · Officiële wettekst
9 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Aanvaringsrecht. vanaf een ponton is schadevaring als bedoeld in artikel 8:1002 BW
onderhavige appelprocedure geldt als renvooiprocedure in beperkingsprocedure ex art. 642f Rv. Vraag of Liander ten aanzien van schade aan elektriciteitskabels als gevolg van aanvaring vorderingsgerechtigd is. Omvang schade. Wetsartikelen: artt. 8: 1000, 1002, 1005, 1060, 1065 BW,
Aanvaring tussen binnenschepen op het IJsselmeer na het maken van een passeerafspraak – de Zandink I heeft zich niet aan de passeerafspraak gehouden – de Zandink I heeft 100% schuld aan de aanvaring
Stilzwijgende forumkeuze rechtbank. Artikel 11 Rv. Gebrekkige loopbrug van ponton naar de kade. Titel 11 van afdeling 1 van boek 8 BW is niet van toepassing. De loopbrug valt niet als bestanddeel of scheepstoebehoren van het ponton aan te merken. Artikel 6:173 BW. De loopbrug is
Art. 81 lid 1 RO. Schadevaring (art. 8:1002 BW). Kan voor schade aan oliedrukkabel, die door dekschuit is geraakt, vergoeding gevorderd worden door netbeheerder die geen eigenaar van de kabel is? Is de verjaring tijdig gestuit?
Schadevergoeding in verband met vertragingsschade door raken riolering bij baggerwerkzaamheden. Procedure is geen onaanvaardbare doorkruising van het publiekrecht omdat beoogd is vergoeding te krijgen van vermogensschade en aan dit belang kan niet worden tegemoetgekomen in een be
Onrechtmatige daad; schadevaring, art. 8:1002 BW. Onderaannemer beschadigt kabels bij heiwerkzaamheden vanaf drijvend ponton. Samenloop verjaringsregels art. 3:310 BW en art. 8:1793 BW? HR 15 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA1414, NJ 2007/621.
Aanvaring binnenschip met afgedreven ponton. Binnenschipper stelt dat het ponton ondeugdelijk is vastgemaakt. Niet komen vast te staan dat sprake is van “schuld van het schip” (i.c. de ponton) in de zin van artikel 8:1004 BW, dan wel onzorgvuldig is gehandeld in de zin van artik