Arbeidsrecht, Wet werk en zekerheid. Billijke vergoeding als bedoeld in art. 7:681 lid 1, onder a, BW (vernietigbare opzegging). Omvang billijke vergoeding; punitief karakter; gevolgencriterium; verhouding tot transitievergoeding. Vergoeding van eerder gemaakte kosten rechtsbijstand werknemer? Goed
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:681 BW
Genoemd in 1.921 uitspraken · Officiële wettekst
1.921 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · cache
Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijk/onregelmatig ontslag; vordering tot herstel dienstbetrekking en schadevergoeding; verjaring op grond van art. 7:683 BW; stuiting; schriftelijke mededeling in art. 3:317 lid 1 BW; daaraan te stellen eisen; ondubbelzinnig voorbehoud van recht op nakoming.
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Is onder de Wet werk en zekerheid nog een voorwaardelijk ontbindingsverzoek van de werkgever mogelijk nadat de werknemer op staande voet is ontslagen? Samenloop met verzoek werknemer tot vernietiging van ontslag op staande voet; wijze van behandeling.
15 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/044HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: voorheen mr. A.G. Castermans, thans mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai, t e g e n UNIDEK VOLUMEBOUW B.V., gevestigd te Gemert, gemeente Gemert-Bakel, V
Arbeidsrecht. Wet werk en zekerheid. Vermindering arbeidsduur wegens gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, door middel van opzegging arbeidsovereenkomst o.g.v. art. 7:669 lid 3, onder b, BW gevolgd door benoeming voor 55%. Heeft werknemer recht op (gehele of gedeeltelijke) transitievergoeding? Art. 7
Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijk ontslag. Gevolgencriterium (van art. 7:681 lid 2, aanhef en onder b, BW). Schadevergoeding. Ter beantwoording van de vraag of het ontslag op de voet van art. 7:681 lid 2, aanhef en onder b, BW kennelijk onredelijk is, dienen alle omstandigheden ten tijde van het on
Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens ongeschiktheid werknemer tot het verrichten van de bedongen arbeid (art. 7:669 lid 3, onder d, BW). Toepasselijkheid van wettelijke bewijsregels; vaststaan dan wel voldoende aannemelijk zijn van feiten en omstandigheden. Betekenis van Ontslagbeslui
Arbeidsrecht. Mogelijkheid van voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst. Herstel van een onjuistheid in de Mediantbeschikking (HR 23 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2998). Overweging ten overvloede over de vraag of ook de appel- of verwijzingsrechter bevoegd is de voorwaardelijke ontbinding van
Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding (art. 7:669 lid 3, onder g, BW). Belang van (ontbreken) verwijtbaarheid aan zijde werknemer en werkgever. Toepasselijkheid van wettelijke bewijsregels; vaststaan dan wel voldoende aannemelijk zijn van feiten en omstand
Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijk ontslag wegens voortdurende arbeidsongeschiktheid na langdurig dienstverband; redelijkheidstoets, verwijtbaarheid werkgever; schadevergoeding, ernstige gevolgen als bedoeld in art. 7:681 lid 2, aanhef en onder b, BW; maatstaf; belangenafweging, uitwerking van HR 25
Arbeidsrecht. Procesrecht. Mondelinge behandeling voor een van de drie raadsheren; HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3264 en 3259. Voorwaardelijke ontbinding; herstel in hoger beroep. Kan rechter zelf de arbeidsovereenkomst herstellen? Verwijzing naar HR 25 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:80. Vrijh
Arbeidsrecht; procesrecht. Vervolg op HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1187. Vordering billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen van werkgever. Klacht over behandeling bij hof door combinatie met twee raadsheren-plaatsvervangers. Positie raadsheer-plaatsvervanger (Wet RO).
Wwz Ontslag op staande voet. (Voorwaardelijke) ontbinding.
Arbeidsrecht. Concurrentiebeding. Belemmeringsverbod van art. 9a Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi). Voortzetting als zzp’er van werkzaamheden die eerst als gedetacheerd werknemer werden verricht. Uitleg art. 6 lid 2 Uitzendrichtlijn (2008/104/EG) in het licht van HvJEU 17 nove
Arbeidsrecht, Wet werk en zekerheid. Billijke vergoeding als bedoeld in art. 7:681 lid 1, onder a, BW (vernietigbare opzegging). Omvang billijke vergoeding; punitief karakter; gevolgencriterium; verhouding tot transitievergoeding. Vergoeding van eerder gemaakte kosten rechtsbijstand werknemer? Goed
Onregelmatige beëindiging arbeidsovereenkomst. (Gefixeerde) schadevergoeding werknemer, art. 7:680 lid 1 in verbinding met art. 7:677 lid 4 BW en schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, art. 7:681 lid 1 BW; uitsluiting?( HR 29 september 1995, LJN ZC1830, NJ 1996/90); samenhang, billijk
Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijke opzegging, schadevergoeding als bedoeld in art. 7:681 BW; wettelijke rente, aanvangstijdstip op voet van art. 6:119 en 6:83, aanhef en onder b, BW; verboden aanvulling grondslag verweer; HR doet zelf de zaak af.
Cassatie in het belang der wet. Opzegverbod tijdens ziekte. Kan de kantonrechter een arbeidsovereenkomst ontbinden wegens bedrijfseconomische omstandigheden als een werknemer zich ziek heeft gemeld tijdens of kort na een procedure bij het UWV waarin de werkgever om een ontslagvergunning heeft verzoc
15 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/045HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: voorheen mr. A.G. Castermans, thans mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai, t e g e n UNIDEK VOLUMEBOUW B.V., gevestigd te Gemert, gemeente Gemert-Bakel, V
3 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/220HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. E. van Staden ten Brink, t e g e n DAMCO BAKKERIJGRONDSTOFFEN B.V., gevestigd te Vlaardingen, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.A
-
Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst op grond van art. 7:685 BW na opzegging is mogelijk, maar die ontbinding zal slechts effect (kunnen) hebben voor de nog resterende looptijd van de arbeidsovereenkomst, dus tot datum waartegen is opgezegd; consequenties daarvan voor toewijsbaarheid verzoek
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Is onder de Wet werk en zekerheid nog een voorwaardelijk ontbindingsverzoek van de werkgever mogelijk nadat de werknemer op staande voet is ontslagen? Samenloop met verzoek werknemer tot vernietiging van ontslag op staande voet; wijze van behandeling.
WWZ; ontslag op staande voet; geen dringende reden in verband met persoonlijke omstandigheden; gefixeerde schadevergoeding ex art. 7:672 lid 10 BW; hoge lat weigering transitievergoeding art. 7:673 lid 7 sub c BW; geen toets ernstig verwijt omdat de rechtsgrond voor toewijzing van een billijke vergo
Arbeidsrecht. WWZ. Ontslag op staande voet niet vernietigd. Voorwaardelijk ontbindingsverzoek. Voorwaarde deels afgewezen, andere deel toegewezen.
Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst op grond van verstoorde arbeidsverhouding (art. 7:669 lid 3, onder g, BW). Recht op transitievergoeding (art. 7:673 BW). Uitzondering indien einde arbeidsovereenkomst gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer (art. 7:673 lid 7
Verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst door zowel werkgever als - in reconventie - werknemer. Billijke vergoeding
Arbeidsrecht, Wwz. Kwalificatievraag bij ontslagen bestuurder. Verzoekschrift of dagvaarding? IJkmoment voor inroepen ontslagverbod tijdens ziekte van bestuurder. Hoogte billijke vergoeding. Werkelijke kosten juridische bijstand of liquidatietarief.
Het ontslag van de directeur van het Haga Lyceum blijft in stand. Zijn weigering om na zijn schorsing onder andere de toegang tot de bankrekeningen van de school over te dragen, was een gegronde reden om hem op staande voet te ontslaan.
Arbeidsrecht. Ontslag op staande voet vernietigd, arbeidsovereenkomst ontbonden. Ontvankelijkheid van verzoeken tot toewijzing transitievergoeding en billijke vergoeding. Zijn de verzoeken tijdig gedaan? Vervaltermijn van art. 7:686a lid 4, onder a en b, BW. Grondslag van deze verzoeken. Voorwaardel
-
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige overheidsdaad. Weigering ontslagvergunning door UWV na onvoldoende onderzoek. Onrechtmatigheid. Relativiteit. Verwijzing naar schadestaat.
Wwz Toekenning billijke vergoeding op grond van artikel 7:681 BW
Afwijzing verzoek tot vernietiging ontslag op staande voet, voorwaardelijk verzoek tot ontbinding in dat geval niet ontvankelijk
Arbeidszaak. Verzoek billijke vergoeding na niet-verlengen van tijdelijke arbeidsovereenkomst. Werkgever heeft in redelijkheid tot oordeel kunnen komen dat van ‘goed functioneren’ onvoldoende sprake was. Terughoudende beschouwing van heimelijk gemaakte opnames van gesprekken. Anders dan werknemer he
Verboden onderscheid. Werkgever niet geslaagd in tegenbewijs.Reden voor beeindiging (onvoldoende beschikbaarheid) hing samen met zwangerschap werknemer. Billijke vergoeding van € 40.000,- bruto voldoet aan vereiste van reele en effectieve compensatie.
“Niet voldoen aan eis om 10 minuten voor aanvang werkzaamheden aanwezig te zijn geen reden voor ontslag op staande voet”.
Arbeidsrecht. Wet werk en zekerheid. Vermindering arbeidsduur wegens gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, door middel van opzegging arbeidsovereenkomst o.g.v. art. 7:669 lid 3, onder b, BW gevolgd door benoeming voor 55%. Heeft werknemer recht op (gehele of gedeeltelijke) transitievergoeding? Art. 7
Arbeidsrecht. Wet werk en zekerheid. Billijke vergoeding als bedoeld in art. 7:671c lid 2, onder b, BW (ontbindingsverzoek van werknemer vanwege ernstig verwijtbaar handelen werkgever). Omvang billijke vergoeding. Materiële en immateriële schade. Motiveringsplicht. Toepasselijkheid gezichtspunten va
Arbeidsrecht. Wet werk en zekerheid. Art. 7:683 lid 3 BW. Verplichting tot toekenning billijke vergoeding indien appelrechter niet overgaat tot herstel arbeidsovereenkomst? Begroting billijke vergoeding art. 7:683 lid 3 BW; gezichtspunten HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1187, NJ 2017/298 (New Hairs
Arbeidsrecht. Zaak van vóór de Wet werk en zekerheid. Vorderingen ter zake kennelijk onredelijk ontslag, concurrentiebeding en niet uitbetaalde ADV-uren. Op de verbintenis van de werkgever om aan de werknemer het hem toekomende loon te betalen is de klachtplicht van artikel 6:89 BW niet van toepassi
Arbeidsrecht. WWZ. Uitleg arbeidsovereenkomst (Haviltex). Nietig proeftijdbeding. Welke juridische grondslag mogelijk voor verzoek tot vergoeding wegens opzegging arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd zonder tussentijds opzegbeding? Vergoeding toewijsbaar op grond van artikel 7:677 lid 4 BW. Verval
WWZ-zaak: werknemer wegens frauduleuze handelingen terecht op staande voet ontslagen. Ernstige verwijtbaarheid, voor vergoeding geen plaats. Vonnis kantonrechter bekrachtigd.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Rechtsbijstandverzekering. Vrije advocaatkeuze bij ontslagprocedure bij UWV (art. 6 BBA)? Art. 4:67 Wft. Richtlijn 87/344/EEG en HvJEU 7 november 2013, zaak C-442/12, ECLI:EU:C:2013:717. Moet ontslagprocedure worden aangemerkt als ‘administratieve procedure’ in de z
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Faillissementsrecht. Curator neemt geding werknemer, waarin onder meer wedertewerkstelling wordt gevorderd, niet over. Ontslag van instantie, belangenafweging, art. 27 lid 2 Fw. Betreft rechtsvordering rechten of verplichtingen die tot de failliete boedel behoren? Art.
Procesrecht. Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijk ontslag. Oordeel niet te verenigen met oordeel van hof in 7:658-zaak. Innerlijke tegenstrijdigheid arrest.
Arbeidsrecht. Ontslagrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst op i-grond (art. 7:669 lid 3, aanhef en onder i, BW). Kan rechter aanvullende vergoeding op voet van art. 7:671b lid 8 BW ambtshalve aan werknemer toekennen? Devolutieve werking hoger beroep.
Uitzendkracht heeft geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met inlener na aaneengesloten inleenperiode van ongeveer 13 jaar. Uitzendrichtlijn. Geen misbruik. Bepalen maximale termijn inlening en sancties is een taak voor de wetgever.
ontslag in strijd met opzegverbod bij ziekte; billijke vergoeding
Loonvordering na ontslag tijdens gestelde proeftijd. Dat in petitum geen vernietiging was gevorderd, is hier niet van belang. Hof acht vernietiging ontslag terecht toegewezen. Nieuwe grief over hoogte toegewezen loon slaagt.
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Art. 7:681 (oud) BW. Opzegging arbeidsovereenkomst kennelijk onredelijk?
Arbeidsrecht. Billijke vergoeding; art. 7:683 lid 3 BW; aan motivering te stellen eisen.
Arbeidsrecht. Bedrog door werknemer bij sluiten arbeidsovereenkomst. Mogelijkheid tot vernietiging arbeidsovereenkomst op grond van art. 3:44 BW. Buitengerechtelijke vernietiging (art. 3:50 lid 1 BW). Verhouding tot wettelijk stelsel van ontslagrecht. Mogelijkheid werking van vernietiging te beperke
Arbeidsrecht. Reorganisatie. Regeling van ontslagvergoeding in sociaal plan; ongerechtvaardigde leeftijdsdiscriminatie? Vereisten van legitiem doel van de regeling en noodzakelijkheid van het middel. Doelmatigheid en proportionaliteit. Art. 3 onder c en art. 7 lid 1, onder c, Wgbl. Richtlijn 2000/78
Zaak na verwijzing. Ontslag op staande voet wegens alcoholgebruik. Toetsing aan interne beleidslijn inzake alcohol- en drugsbeleid. Geen hoor en wederhoor. Veroordeling tot herstel arbeidsovereenkomst met ingang van datum ontslag op staande voet.
Arbeidsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding (art. 7:669 lid 3, onder g, BW) wanneer ontbinding wegens disfunctioneren (art. 7:669 lid 3, onder d, BW) wordt afgewezen omdat de werknemer onvoldoende gelegenheid heeft gekregen zich te verbeteren. Toepassing criteriu
Arbeidsrecht WWZ. Onjuiste informatie verstrekt op CV. Arbeidsovereenkomst niet buitengerechtelijk vernietigd op grond van bedrog omdat niet vaststaat dat de overeenkomst (vrijwel) geheel nutteloos was.
Arbeidsrecht. Recht op transitievergoeding bij ontslag op staande voet (onverwijlde opzegging om een dringende reden); art. 7:673 lid 1, onder a, en art. 7:677 lid 1 BW. Dringende reden bij ontbreken van ernstige verwijtbaarheid, HR 29 september 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7282, NJ 2001/560. Procesrecht
Artikel 96 Rv procedure, ontbinding arbeidsovereenkomst op grond van de g-grond (art. 7:669 lid 3 sub g BW), billijke vergoeding, ernstige verwijtbaarheid handelen werkgever, vergoeding ruim € 154.000,00, naast transitievergoeding en immateriële vergoeding (€ 10.000,- netto). Zie ook: herstelvonnis
Wwz Vervolg op tussenbeschikking gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 25 augustus 2017 (ECLI:NL:GHARL:2017:7372); Ontbinding op de g-grond; Vaststelling hoogte billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van werkgever.
Arbeidsrecht. Mogelijkheid van voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst. Herstel van een onjuistheid in de Mediantbeschikking (HR 23 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2998). Overweging ten overvloede over de vraag of ook de appel- of verwijzingsrechter bevoegd is de voorwaardelijke ontbinding van
Arbeidsrecht. WWZ. Ontslag op staande voet, dringende reden. Ontbinding van de arbeidsovereenkomst, verwijtbaar handelen (artikel 7:669 lid 3 sub e BW). Transitievergoeding, ernstig verwijtbaar handelen (artikel 7:673 lid 7 sub c BW)
Geen kennelijk onredelijke opzegging van de arbeidsovereenkomst ex artikel 7:681 BW (oud) met een statutair directeur.
Verzoek tot toekenning van een billijke vergoeding ex art. 7:681 BW (nieuw) vanwege opzegging zonder instemming werknemer en zonder dat zich één van de uitzonderingen voordoet van art. 7:671 lid 1 BW.
De civiele rechter van de Haagse rechtbank geeft het Centraal Orgaan Asielzoekers (COA) gelijk in de rechtszaak die het COA had aangespannen tegen zijn voormalig algemeen directeur Albayrak. Op 1 april 2012 werd Albayrak op non-actief gesteld door het COA. Het oordeel van de rechtbank is dat het CO
Arbeidsonvereenkomst. Kennelijk onredelijke opzegging.
Ontslag ICT-manager niet kennelijk onredelijk, contractueel verlengde opzegtermijn voor werknemer en werkgever Art. 7:681, 7:672 BW
Arbeidszaak. Kennelijk onredelijke opzegging na verwijzing HR (LJN BK4472)
Arbeidsrecht; kennelijk onredelijk ontslag ex art. 7:681 BW. Beoordeling van een vordering ex art. 7:681 lid 1 en 2 vergt dat eerst, aan de hand van alle omstandigheden van het geval, wordt vastgesteld dat het ontslag kennelijk onredelijk is; de enkele omstandigheid dat de werkgever de werknemer gee
Kennelijk onredelijk ontslag. Hof Leeuwarden begroot schadevergoeding met gebruikmaking van XYZ-formule.
Arbeidsgeschil tussen assurantiebemiddelingsbedrijf en voormalig bestuurder/statutair directeur; kennelijk onredelijk ontslag; schadeloosstelling (81 RO).
werknemer van wie de (toekomstige) goederen onder bewind zijn gesteld; welke bevoegdheden komen toe aan de werknemer zelf en welke aan bewindvoerder?
Arbeidsrecht. Uitzendovereenkomst. Is sprake van misbruik zoals bedoeld in art. 5 lid 5 Richtlijn 2008/104/EG (Uitzendrichtlijn)? Heeft hof toetsingskader uit de arresten JH/KG (HvJEU 14 oktober 2020, ECLI:EU:C:2020:823) en Daimler (HvJEU 17 maart 2022, ECLI:EU:C:2022:196) juist toegepast? Nationaa
Terbeschikkingstelling uitzendkracht gedurende bijna dertien jaar aan dezelfde inlenende onderneming. Uitzendrichtlijn (Richtlijn 2008/104/EG). Toepasselijkheid. Arrest LD/ALB FILS Kliniken van HvJ EU. Tijdelijkheid. Misbruik van uitzending idzv art. 5 lid 5 Uitzendrichtlijn? Arresten JH/KG en Daiml
Schadevergoeding, art. 10:12 lid 3 Wvggz, vrijwillige zorg
Arbeidsrecht. Kantonrechter vernietigt ontslag op staande voet maar ontbindt arbeidsovereenkomst op de zogenoemde g-grond. Hof bekrachtigt en wijst het meer of anders verzochte af. Heeft hof ten onrechte niet beslist op verzoek om toekenning billijke vergoeding ex art. 7:683 lid 3 BW?
Arbeidsrecht. Is arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd aangegaan voor zes maanden (standpunt werkgever) of ruim een jaar (standpunt werknemer)? Door werknemer overgelegde arbeidsovereenkomst ten onrechte niet in beoordeling betrokken.
onregelmatige opzegging arbeidsovereenkomst, geen tijdige vernietiging, onrechtmatig derdenbeslag
Vernietiging ontslag op staande voet, gegeven wegens gebruik van aan werkneemster verstrekte (volgens werkgever vertrouwelijke) documenten die aantonen dat werkneemster op oneigenlijke gronden zou worden ontslagen. Tegenverzoek tot ontbinding afgewezen.
Beschikking volgend op het kort geding waarin de voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat werkgeefster de loonbetaling mag opschorten zolang de werknemer niet voldoet aan de instructie om een mondkapje te dragen. Het verzoek tot ontbinding van de werkgeefster wordt toegewezen op grond van een inmid
Ontslag in strijd met 7:671 BW, oorzaak van het ontslag ligt in ernstig verwijtbaar gedrag aan beide zijden, geen transitievergoeding ivm ernstig verwijtbaar handelen werknemer, wel billijke vergoeding ivm ernstig verwijtbaar handelen werkgever, (artt. 7:673 lid 7 sub c, 7:681, lid 1 sub a BW, wetsg
De arbeidsovereenkomst tussen werkgever en verzoekster is door de werkgever op 6 september 2019 opgezegd tegen 31 januari 2020. Verzoekster berust in het ontslag, maar verzoekt om een transitievergoeding en een billijke vergoeding. De kantonrechter oordeelt dat verzoekster geen recht heeft op een tr
niet ontvankelijk verklaring verzoekster. Oosv is ingetrokken. Daarmee is geen sprake van een te vernietigen ontslag. Verzoekster kon na intrekking oosv niet meer berusten in het ontslag.
Wijziging arbeidsovereenkomst (arbeidsomvang) tijdens de looptijd is niet aan te merken als een nieuwe arbeidsovereenkomst. Geen overeenstemming over teruggang naar nulurencontract. Vernietiging opzegging arbeidsovereenkomst ogv 7:681 BW.
Aansprakelijkheid van de werkgever voor psychisch letsel dat is ontstaan in de uitoefening van werkzaamheden. Vervolg op ECLI:NL:GHSHE:2017:2234 en ECLI:NL:GHSHE:2017:4857.
Arbeidsrecht WWZ; vervolg New Hairstyle (ECLI:NL:HR:2017:1187); beslissing na verwijzing; hoogte billijke vergoeding; gevolgen van opzegging voor werknemer; uitvoerige analyse van alle van belang zijnde omstandigheden, waaronder de invloed van de transitievergoeding, WW-uitkering, andere feitelijke
Arbeidsrecht; Wwz. Veroordeling in hoger beroep tot herstel van de arbeidsovereenkomst tegen latere datum dan de ontbindingsdatum. In verband daarmee te treffen voorzieningen (art. 7:682 lid 6 BW). Grondslag terugbetaling transitievergoeding. Voorzieningen in verband met terugbetaling. Kan rechter z
kennelijk onredelijk ontslag; onrechtmatig verkregen bewijs?; onjuiste informatie naar UWO bij ontslagaanvraag; valse ontslag reden
WWZ; verrichten nevenwerkzaamheden tijdens ziekte, frustreren re-integratie? dringende reden? ernstige verwijtbaarheid?
Arbeidsrecht. Schadevergoeding wegens kennelijk onredelijke opzegging (art. 7:681 lid 2 onder b (oud) BW). Ingangsdatum van daarover verschuldigde wettelijke rente. HR 14 november 2008, ECLI:NL:HR:2008:BE9995, NJ 2008/589.
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Arbeidsovereenkomst met statutair bestuurder; overeenkomst voor onbepaalde of bepaalde tijd? Geëindigd door opzegging? Aanvulling rechtsgronden? Weging gevolgen van het ontslag.
Arbeidsrecht, ontslag op staande voet, dringende reden. Onder invloed van alcohol op het werk verschijnen.
Ontslag op staande voet kassière supermarkt tijdens ziekte wegens het verrichten van nevenwerkzaamheden als schoonheidsspecialiste. Hof oordeelt dat geen sprake is van een dringende reden. Geen absoluut verbod op nevenwerkzaamheden. Voor zover werkneemster de bedrijfsarts onvolledig heeft ingelicht
Het verzoek van de werknemer om vernietiging van een ontslag op staande voet en om de werkgever te veroordelen tot betaling van een transitievergoeding wordt niet-ontvankelijk verklaard, omdat het buiten de vervaltermijn is ingediend. Het verzoek is aanvankelijk ingediend alleen met betrekking tot d
Opzegging arbeidsovereenkomst zonder toestemming UWV van werknemer die 2 jaar ziek is.Billijke vergoeding afgewezen. Vergoeding geldt als alternatief voor vernietiging. Niet aannemelijk dat vernietiging van de opzegging geleid zou hebben tot loonaanspraak
Wwz-zaak. Onder verwijzing naar een uitspraak van 28 juni 2016 (ECLI:NL:RBNHO:2016:5444) oordeelt de kantonrechter dat niet alleen bij de vaststelling van de hoogte van de billijke vergoeding in het kader van een ontbinding van de arbeidsovereenkomst, maar ook bij de vaststelling van die vergoeding
Vervaltermijnen van artikel 7:686a lid 4 BW. Verzoekster wordt in een aantal verzoeken niet-ontvankelijk verklaard. Ze was met die verzoeken (net) te laat.
Werkneemster is in dienst bij een stichting op het gebied van de volkshuisvesting. Werkneemster beheert onder meer de registratie van woningzoekenden. Zij staat tezamen met haar man ingeschreven als woningzoekende bij deze stichting. In juni 2015 wijzigt zij de inschrijving van haar en van haar man.
Pakketbezorger PostNL is werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst. Feitelijke uitvoering is, gelet op beschermingsgedachte van het arbeidsrecht, doorslaggevend.
Wwz. Verzoekschrift tot vernietiging van de opzegging van de arbeidsovereenkomst is op 20 november 2015 ingediend. Vervaltermijn verstreken? Bewijsopdracht. Werkgever dient te bewijzen dat op 17 september 2015 een gesprek met de werknemer heeft plaatsgevonden, waarbij aan de werknemer is medegedeeld