Vordering tot vernietiging c.q. schorsing concurrentiebeding in kort geding. Hof oordeelt concurrentiebeding en samenhangend relatiebeding niet langer geldig (artikel 7:653, derde lid BW) nu arbeidsovereenkomst niet juist is opgezegd.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:672 BW
Genoemd in 1.418 uitspraken · Officiële wettekst
1.418 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
kennelijk onredelijk ontslag
Kennelijk onredelijk ontslag wegens bedrijfseconomische redenen, toepassing van het gevolgencriterium.
ktr; kennelijk onredelijk ontslag. Opzegtermijn.
Kennelijk onredelijk ontslag. Onregelmatig ontslag. Sociaal Plan
Een werknemer verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Bij hem is de ziekte van Pan geconstateerd. De werkgever heeft daarna de arbeidsovereenkomst opgezegd wegens reorganisatie. Zij heeft daarvoor een ontslagvergunning gekregen van het UWV. De werknemer verzoekt ontbindin
Arbeidszaak. Opzegging arbeidsovereenkomst kennelijk onredelijk nu werkgever iedere voorziening achterwege heeft gelaten voor oudere werknemer die immer vlekkeloos heeft gefunctioneerd. Matiging van de vergoeding wegens benarde financiële omstandigheden van werkgever.
Sociaal Plan in verband met reorganisatie en het daarmee gepaard gaande banenverlies. In het Sociaal Plan is afgesproken dat de opzegtermijn voor de werkgever wordt verkort tot maximaal twee maanden en dat de betreffende werknemers voor de financiële gevolgen daarvan zullen worde
Sociaal Plan in verband met reorganisatie en het daarmee gepaard gaande banenverlies. In het Sociaal Plan is afgesproken dat de opzegtermijn voor de werkgever wordt verkort tot maximaal twee maanden en dat de betreffende werknemers voor de financiële gevolgen daarvan zullen worde
Ontbindingsverzoek arbeidsovereenkomst door werkneemster na verkrijging ontslagvergunning en opzegging door werkgeefster. Art. 7:685 BW. Het stond werkneemster vrij om te kiezen voor de ontbindingsprocedure, ook op het moment dat door het UWV Werkbedrijf reeds een vergunning was
Verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst werkneemster, nadat er een ontslagvergunning door UWV Werkbedrijf is afgegeven; de opzegtermijn is nog niet verstreken. Ontbindingsverzoek wordt afgewezen.
Verzoekster werkt sinds 1 mei 2000 bij de werkgever, laatstelijk als telefoniste/receptioniste tegen een brutosalaris van € 1.704,80 per maand. Verzoekster is thans 56 jaar oud. Wegens bezuinigingsmaatregelen heeft de werkgever besloten over te gaan tot invoering van het Voice Ov
Arbeidszaak. Ontslag van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer wordt in dit geval niet kennelijk onredelijk geacht. Wel oordeelt de kantonrechter dat het ontslag onregelmatig is, omdat werkgever niet de vereiste opzegtermijn in acht heeft genomen. Werkgever dient, hoewel er
De aan eiseres toegekende vergoeding, na ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter, wordt met inachtneming van de juiste fictieve opzegtermijn aan de periode van 9 april 2005 tot 1 augustus 2005 toegerekend. De eerste dag van werkloosheid doet zich in geval van
In artikel 16 lid 2 van de CAO voor het metaalbewerkingsbedrijf wordt expliciet, door af te wijken van lid 1 van dat artikel waarin verwezen wordt naar de termijnen van artikel 7:672 BW, laatstgenoemd wetsartikel buiten werking gesteld, derhalve ook de korting van 4 weken op de
Het gaat in dit hoger beroep om de vraag of het aan [appellant] gegeven ontslag vernietigbaar is, of MVV jegens [appellant] de juiste opzegtermijn in acht heeft genomen en voorts over de hoogte van de schadevergoeding op grond van kennelijk onredelijke opzegging van het dienstver
Arbeidsrecht. Volgens het sociaal plan dient bij ontbinding van de arbeidsovereenkomst na een procedure bij de kantonrechter de fictieve opzegtermijn voor rekening van werkgever te komen, waarbij een voorwaarde is dat de betrokken werknemer geen verweer voert. De kantonrechter ac
Arbeidsrecht; Opzegtermijn art 7:672 BW en overgangsrecht (art. XXI).
-
Ook bij een strikte toepassing van art. 16 lid 3 WW dient art. XXI van het overgangsrecht in ogenschouw te worden genomen; Eiser is toekenning van WW-uitkering tot 1 augustus 1999 geweigerd omdat de schadevergoeding welke eiser is toegekend bij ontbinding dienstbetrekking door ka
-
-
XXI Flexwet van toepassing bij bepaling fictieve opzegtermijn (16.3 WW); 7:672.1 BW i.c. niet van toepassing. Eiseresses arbeidsovereenkomst is ontbonden m.i.v. 1-9-1999. Verweerder heeft eiseres medegedeeld dat geen recht op uitkering bestaat tot 1-12-1999, omdat de toegekende