In deze zaak gaat het om de vraag of de arbeidsovereenkomst tussen partijen ten onrechte is ontbonden op grond van een verstoorde arbeidsverhouding als bedoeld in artikel 7:669 lid 3 sub g van het Burgerlijk Wetboek (BW). Het hof beantwoordt deze vraag ontkennend en bekrachtigt d
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:670 BW
Genoemd in 1.075 uitspraken · Officiële wettekst
1.075 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Geen verwijtbaar handelen en evenmin verstoorde arbeidsverhouding. Kantonrechter heeft ontbindingsverzoek terecht afgewezen. Werkgever mag werknemer, vakbondsconsulent en kaderlid FNV, niet verbieden om als belangenbehartiger op te treden.
Ontbinding verstoorde arbeidsverhouding g-grond.
Verzoek om arbeidsovereenkomst te ontbinden afgewezen. Geen verwijtbaar handelen dat zodanig is dat daarom de arbeidsovereenkomst moet eindigen. Ook geen verstoorde arbeidsverhouding.
Werkgeefster heeft werknemer op staande voet ontslagen. De kantonrechter oordeelt dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is, omdat - kort gezegd - niet is voldaan aan het onverwijldheidsvereiste.
Schadeplichtigde werkgever; uitleg 7:680 lid 5 (matigingsbevoegdheid).
Afwijzing ontbindingsverzoek. Aannemelijk is dat het verzoek mede verband houdt met voormalig OR-lidmaatschap en vakbondactiviteiten van de werknemer. Onvoldoende gewichtige redenen voorhanden die deze opzegverboden opzij zetten.
Voorwaardelijk ontbindingsverzoek. Werknemer, actief vakbondslid, komt bescherming toe op grond van opzegverbod.