Arbeidsrecht. Procesrecht. Bewijslast met betrekking tot voldoen aan functie-eisen met het oog op salariëring. Betekenis van bepaling in algemeen verbindend verklaarde cao voor bewijslastverdeling (art. 150 Rv).
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:670 BW
Genoemd in 1.075 uitspraken · Officiële wettekst
1.075 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Arbeidsovereenkomst of leerovereenkomst, ontbindende voorwaarden, rechtsgeldige beëindiging, billijke vergoeding
Vordering loondoorbetaling. Kantonrechter oordeelt dat werknemer per e-mail duidelijk en ondubbelzinnig heeft ingestemd met beëindigingsvoorstel werkgever. Gestelde arbeidsongeschiktheid van werknemer ten tijde van sluiten overeenkomst leidt niet tot ander oordeel.
Werkgever heeft de arbeidsovereenkomst opgezegd en niet de ontbindende voorwaarde ingeroepen. Opzegging in strijd met opzegverbod. Toekenning van een billijke vergoeding aan werknemer.
Dagdieverij / arbeidstijdfraude. Geen sprake van een dringende reden. Het ontslag op staande voet wordt daarom vernietigd. Het tegenverzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen, nu het opzegverbod aan ontbinding in de weg staat.
Ontbindingsverzoek op grond van artikel 7:671b lid 1 onderdeel b jo. 7:669 lid 3 onderdeel a BW (bedrijfseconomische redenen) toegewezen na afwijzing UWV. Opzegverbod wegens zwangerschap- en bevallingsverbod niet langer geldig.
Ontbinding a-grond wegens sluiting vliegbasis afgewezen wegens toepasselijkheid opzegverbod wegens zwangerschaps-en bevallingsverlof (art. 7:670 lid 2 BW). Werkgever moet verlofsaldo corrigeren.
Bepaling dat arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigt op datum X met voorafgaande opzegging, betekent dat opzegging met inachtneming van opzegbepalingen vereist was. Bewijsvermoeden verboden onderscheid (zwangerschap) bij ontslag. Tegenbewijs mogelijk
Kort geding, Doorbetalen van loon bij ziekte. Inschakelen van een bedrijfsarts. Wet verbetering poortwachter.
Billijke vergoeding wegens opzegging van de arbeidsovereenkomst (met toestemming van het UWV) wegens bedrijfseconomische terwijl werkneemster zwanger bleek te zijn.
Ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van art. 7:669 lid 3 onder h BW (met dood in de privésfeer bedreigde crécheleidster). H-grond is een zelfstandige grond en kan worden beoordeeld zonder dat eerst andere gronden in aanmerking moeten worden genomen. Hof bepaalt een and
Werkgever dient verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst in. Verzoek is primair gegrond op art. 7:671b lid 1, onderdeel a, in verbinding met art. 7:669 lid 1 en 3, onderdeel g, BW (“verstoorde arbeidsverhouding”). Subsidiair is het verzoek gegrond op art. 7:671b lid 1, o
Hoger beroep beschikking ex art. 7:685 BW. Niet buiten toepassingsgebied getreden en geen schending fundamentele rechtsbeginselen
Nakoming overeenkomst aanneming van werk. Zonder nader onderzoek kan in dort geding niet worden aangenomen dat gedaagden tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit de overeenkomst. Vordering wordt afgewezen.
Verzoek tot voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst van zwangere werkneemster. Hoewel toekomstige samenwerking gelet op de verbroken liefdesrelatie tussen werkneemster en werkgever wellicht niet mogelijk zal zijn, is er onvoldoende reden om gelet op het stikte opzegverbod
Arbeidszaak. Verzoek tot ontbinding van arbeidsovereenkomst van werkneemster die afwezig is geweest wegens zwangerschaps- en bevallingsverlof en in verband met ouderschapsverlof vooralsnog niet volledig wil hervatten. Aangevoerd bedrijfseconomisch motief is onvoldoende onderbouwd
Werkgever verzoekt voor zover vereist de arbeidsovereenkomst met een zwangere werkneemster te ontbinden vanwege duurzaam verstoorde arbeidsverhouding. Werkneemster zou nadat ze haar rooster niet kon ruilen zelf ontslag hebben genomen. De kantonrechter kan zich niet aan de indruk
Een werkgeefster verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werkneemster, nadat die werkneemster is bevallen van dochter. Tijdens de zwangerschap is overleg gevoerd tussen partijen over het in parttime gaan verrichten van de werkzaamheden door werkneemster. Nadat hier
kantonzaak, ontbinding arbeidsovereenkomst door onenigheid over borstvoeding.
Alle omstandigheden afwegend, is het hof van oordeel dat [geïntimeerde] de negatieve financiële gevolgen van het ontslag voor [appellant] had kunnen verzachten, gelet op de financiële positie van zijn bedrijf en dat hij, gelet op de duur van de arbeidsovereenkomst, de leeftijd va