: Ontbindingsverzoek. Toewijzen d-grond. Werkgever heeft voldoende onderbouwd dat het werknemer op punten ontbreekt aan vereiste vaardigheden voor haar functie en dat zij onvoldoende in staat is gebleken zich die vaardigheden in de loop der jaren eigen te maken. Tevens h
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:669 BW
Genoemd in 2.546 uitspraken · Officiële wettekst
2.546 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 65 · live
Verzoek tot vernietiging ontslag op staande voet met tegenverzoek tot (voorwaardelijke) ontbinding. Ontslag op staande voet niet rechtsgeldig gegeven. Werkgever legt aantal gedragingen van werknemer aan ontslag op staande voet ten grondslag. Één gedraging kan worden vastgesteld.
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens (ernstig) verwijtbaar handelen (seksuele intimidatie). Wel gedeeltelijke toekenning wettelijke transitievergoeding.
Werkgever verzoekt om ontbinding van de arbeidsovereenkomst primair op de d-grond, subsidiair op de h-grond. De kantonrechter is van oordeel dat werknemer niet, althans onvoldoende, gewezen is op de gestelde tekortkomingen in zijn functioneren. Bovendien is ook geen verbetertraje
Vernietiging ontslag op staande voet. Verweerster laat in eerste instantie de dringendheid van de dringende reden los, op welke zij later niet nog eens kan terugkomen door het alsnog geven van een ontslag op staande voet.Toekenning van zowel transitie- als billijke vergoeding.
ontbindingverzoek werkgever ex 7:671 b BW op e-grond en g-grond en tegenverzoek werknemer op grond van 7:686 BW. Tegenverzoek afgewezen, e-grond afgewezen, g-grond toegewezen
- Afwijzen d-grond: functioneren werknemer is sinds 1996 niet beoordeeld; klachten werkgever zijn gedaan in een periode van slechts twee maanden (2017); geen verbetertraject/scholing aangeboden. - Afwijzen e-grond: voor zover de door werkgever genoemde klachten terecht zouden zij
Werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst primair op grond van bedrijfseconomische omstandigheden (‘a-grond’) en subsidiair op grond van een verstoorde arbeidsverhouding (‘g-grond’). Het verzoek op de a-grond slaagt niet, omdat de werkgever onvoldoende aannemelijk
Medewerker van de reclassering, verantwoordelijk voor de directe aansturing van de werkzaamheden van werkgestraften, onderhoudt in strijd met de gedragscode van Reclassering Nederland een nauw persoonlijk contact met een vrouwelijke werkgestrafte. De kantonrechter oordeelt dit al
De opzegging van de arbeidsovereenkomst berust niet op een redelijke grond als bedoeld in artikel 7:669 BW. De h-grond is voldoende gemotiveerd weersproken. Verschil van inzicht tussen werkgever en werknemer is niet gebleken. Werknemer heeft recht op een billijke vergoeding.
Naar het oordeel van de kantonrechter leveren de naar voren gebrachte feiten en omstandigheden een redelijke grond voor ontbinding op, zoals bedoeld in artikel 7:669 lid 3 onderdeel d BW.
Wwz. Billijke vergoeding. Ernstig verwijtbaar handelen werkgever
Ontbindingszaak; afwijzen e-grond; toewijzen g-grond; afwijzen schadevergoeding ex art. 7:661 BW; discussie indiensttredingsdatum voor bepaling hoogte transitievergoeding, inhoud vaststellingsovereenkomst in (nieuwe) arbeidsovereenkomst is daartoe bepalend (art. 7:902 BW).
Hogeschool verzoekt ontbinding arbeidsovereenkomst met docent op grond van verwijtbaar handelen. Hij zou zich tegenover 2 leidinggevenden hebben misdragen. Na bewijslevering is werkgever in het bewijs geslaagd. Ontbinding. Geen transitievergoeding
Werknemersverzoek ex artikel 7:682 BW. Beoordeling a-grond. Herplaatsingsinspanning betekent overleg werkgever met werknemer. Geen herstel dienstverband maar billijke vergoeding.
Ontbinding, disfunctioneren
Ontslag op staande voet van Interieur adviseur/ontwerper van grote onderneming vernietigd. Ontslag wel onverwijld gegeven, maar geen dringende reden in de zin der wet. Dat werknemer uren onjuist heeft geregistreerd is hem te verwijten, maar deze gedraging is niet zo ernstig dat d
Hoger beroep tegen ontbinding arbeidsovereenkomst op grond van verstoorde arbeidsverhouding faalt. Handelen van werknemer zelf heeft geleid tot verstoorde arbeidsverhouding.
WWZ. Ontslag om bedrijfseconomische redenen nadat werknemer is gere-integreerd. Verschil van mening over welke functie werknemer heeft na zijn re-integratie en of zijn arbeidsplaats door de reorganisatie komt te vervallen.
Vernietiging van het ontslag op staande voet. Er is geen sprake van het grovelijk veronachtzamen van plichten, nu enkel sprake is van een ‘domme fout’ als gevolg van een menselijke vergissing. Ontbinding arbeidsovereenkomst op grond van een verstoorde arbeidsverhouding. Het vertr
billijke vergoeding ex. art. 7:682 lid 3 BW voor statutair bestuurder, billijke vergoeding ex art. 7:6716 lid 8c BW bij ontbinding arbeidsovereenkomst als statutair directeur; maatstaf voor hoogte van de billijke vergoeding na arrest HR 30 juni 2017 ECLI:NL/HR:2017:1187 en conclu
Ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van ernstig verwijtbaar handelen. Bevoegdheid artikel 100 Rv. Werknemer wordt verweten dat hij onjuiste afspraken voor privéaangelegenheden en studie maakt, fraudeert met leaseauto door het terugdraaien van kilometerstand en door hie
Ontbinding arbeidsovereenkomst: geen sprake van verwijtbaar handelen, wel van een verstoorde verhouding.
Ontbindingsverzoek afgewezen, omdat geen sprake is van zg. e of g grond. Werkneemster is 17 jaar bij werkgever in dienst en de gestelde bedreiging is niet komen vast te staan. Om die reden is ook geen sprake van vertrouwensbreuk.
Vernietiging ontslag op staande voet. Ontslaggrond onvoldoende duidelijk geformuleerd en geen onverwijlde mededeling omdat de dringende redenen reeds eerder aan een (ingetrokken) ontslag ten grondslag zijn gelegd. Zelfstandig (voorwaardelijk) ontbindingsverzoek, primair op grond