Staat, payrolling, verlofrechten, overgang van onderneming? regres? art. 7:663 BW ongerechtvaardigde verrijking?
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:663 BW
Genoemd in 503 uitspraken · Officiële wettekst
503 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Verzoek tot ontbinding van arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding, na overgang van onderneming, toegewezen (artikel 7:669 lid 3, onderdeel g BW). Geschil over de in de transitievergoeding in aanmerking te nemen hoogte aan provisie. Ratio van de regelgeving (artik
overgang van onderneming, duiding opzegging wegens bedrijfsbeeindiging, opzegverbod, art. 7:670 lid 8 BW, art. 7:670b lid 2 BW.
Vordering loonbetaling na overgang van onderneming. Gevolg van beslissing UWV tot verlenging van de loonbetalingstermijn.
Overgang van onderneming binnen schoonmaakbranche. Betekenis CAO bepaling. Beroep werkneemster op voortzetting dienstverband met vervreemder. Beëindiging van arbeidsovereenkomst met vervreemder in kort geding onvoldoende aannemelijk. Desondanks afwijzing loonvordering nu aannemel
Schoonmaakbranche; overgang van onderneming. Economische eenheid. Specialistisch werk in de zorg
Overgang van onderneming: zwembad Haren. Voldaan aan 'overeenkomstverseiste'; identiteitsbehoud?; toerekening aan onderdeel sporthal, verbreking van deprivatisering?
Ontslag op staande voet terecht? Camerabeelden van beweerde diefstal uit portemonnee van cliënt in verpleeginstelling. Rechterlijk vermoeden, werkneemster toegelaten tot tegenbewijs.
Artikel 7:622 BW e.v.; Wet verplichte deelneming in bedrijfspensioenfonds 2000. Het verplichte bedrijfspensioen heeft op dezelfde wijze als de pensioenovereenkomst te gelden als een arbeidsvoorwaarde die op grond van artikel 7:662 BW e.v. bij overgang van onderneming van rechtswe
Arbeidsovereenkomst niet van rechtswege geëindigd: drie keer verlengd. Echter geen overgang van onderneming. (Verkoop van dierbenodigdheden)
Art. 81 lid 1 RO. Kennelijk onredelijk ontslag; schadevergoeding. Art. 7:681 BW.
Arbeidsrecht.Overgang van onderneming in de zin van art. 7:663 BW. Opvolgend werkgeverschap in de zin van art. 7:668a; HR 24 oktober 1986, LJN AC9537, NJ 1987/293.
De wijze van vergoeding van de door de werknemer verrichte diensturen, althans de uren waarop hij zich beschikbaar heeft gehouden om op afroep werkzaamheden te verrichten. Werkplek. Onderscheid in beloning tussen actieve en niet-actieve uren.
Concurrentiebeding. Beding in arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd ook rechtsgeldig na voortzetting van arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Beperking in duur. Geen belang bij schorsing in kort geding.
Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijk ontslag. Reorganisatie. Sociaal plan. Werkgever heeft niet toegezegd dat de arbeidsovereenkomst ongeacht nadien vast te stellen sociale plannen tot de datum waarop, volgens afspraak, de werknemer van de VUT gebruik zou gaan maken, in stand zou w
Arbeidsrecht; overgang (deel van) onderneming in zin van art. 7:662 e.v. BW; zie ook C06/118. wijze van informatievoorziening aan werknemer schending goed werkgeverschap ex art. 7:611?
Art. 7:662 e.v. BW Overgang van onderneming. Welke (arbeids) voorwaarden gaan over? Bedrijfsgebonden voorwaarden. Personeelsfaciliteiten? procesrecht: appellant niet ontvankelijk voor zover in hoger beroep een vordering wordt ingesteld tegen de gevoegde partij (art.217 Rv). Wkn z
Geschil over de vraag of ontslagneming door de statutair directeur van een besloten vennootschap het einde van zijn arbeidsovereenkomst met deze vennootschap tot gevolg heeft (81 RO).
1 oktober 2004 Eerste Kamer Nr. C03/087HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: TAXICENTRALE MIDDELBURG B.V., gevestigd te Middelburg, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n [Verweerster], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, ad
kopje volgt
kopje volgt
kopje volgt
kopje volgt
kopje volgt
De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat appellante als (bedrijfstak)pensioenfonds niet op grond van artikel 1:2, eerste lid, van de Awb als belanghebbende bij een aanvraag om uitkering op grond van hoofdstuk IV van de WW kan worden aangemerkt.