kort geding; geen schorsing non-concurrentiebeding
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:653 BW
Genoemd in 1.108 uitspraken · Officiële wettekst
1.108 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
KG. Non-concurrentiebeding in arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is nietig, nu een schriftelijke motivering bij het beding ex artikel 7:653 lid 2 BW ontbreekt. Een nietig beding kan niet worden geschorst, zodat gevorderde schorsing wordt afgewezen.
Het in strijd met specifieke geheimhoudingsverklaring verschaffen van vertrouwelijke informatie aan een derde, levert een dringende reden voor ontslag op staande voet op. Verzoek tot matiging van relatie- en concurrentiebeding wordt afgewezen.
Werknemer pleegt fraude. Verzoek tot vernietiging ontslag op staande voet afgewezen.
Concurrentiebeding zwaarder gaan drukken? Toepassing Brabant/Van Uffelen en AVM Accountants/Spaan.
Arbeidszaak. Vernietiging ontslag op staande voet.
Ontslag op staande voet rechtsgeldig gegeven.
toekenning transitievergoeding en toekenning volledige vergoeding ex 7:672 lid 9 BW naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar
Arbeidsgeschil: hoger beroep in kort geding afgedaan met inachtneming van afstemmingsregel. Het arrest in hoger beroep in kort geding is gewezen nadat de bodemrechter in eerste aanleg reeds vonnis had gewezen. Gelet op de afstemmingsregel is het vonnis van de kantonrechter in kor
Wwz. Geen arbeidsovereenkomst maar een overeenkomst van opdracht. Maatstaf van arrest Hoge Raad Groen/Schoevers: alle omstandigheden van het geval, in onderling verband bezien. Partijbedoeling en gegeven uitvoering aan de overeenkomst. Appellant was voorheen operationeel directeu
Beding van non-concurrentie als bedoeld in art. 7:653 BW gedeeltelijk geschorst; aan werknemer vergoeding toegekend ex artikel 7:653 lid 5 BW voor de duur van de belemmering.
artikel 7:653 BW; concurrentiebeding bij arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd; overgangsrecht.
Schorsing van een concurrentiebeding op termijn. Belang van werkgever bij handhaving van het concurrentiebeding verwatert naar mate de tijd vordert, omdat werknemer geen contact meer heeft met klanten en werkgever gelegenheid heeft banden aan te halen.
Geen overtreding van het concurrentie- en relatiebeding en geheimhoudingsbeding door ex-werknemers die een eigen onderneming zijn gestart. Concurrentie- en relatiebeding deels nietig op grond van artikel 9a Waadi lid 2 en deels vernietigbaar.
Artikel 7:653 BW, naar voorlopig oordeel geen sprake van onbillijke benadeling door concurrentiebeding, geen aanleiding voor vergoeding ex artikel 7:653 lid 5 BW, matiging relatiebeding in kort geding niet mogelijk
Kort geding. Vorderingen in conventie en in reconventie afgewezen. Concurrentieverbod is of wordt niet overtreden door indiensttreding bij OCSD, omdat voorshands voldoende aannemelijk is dat Sciopeng Detachering geen opleidingen organiseert. Daaruit volgt dat OCSD, die kennelijk
Kort geding opheffing non-concurrentiebeding gedetacheerde werknemer. Strijd met belemmeringsverbod artikel 9a Waadi levert slechts gedeeltelijke nietigheid op. Uitleg non-concurrentiebeding. Belangenafweging. Afwijzing vordering.
Eiseres was tot eind december 2012 op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam bij DAP Salland als dierenarts. Het concurrentiebeding uit die arbeidsovereenkomst kent een verbod voor de werknemer om zich binnen een straal van 15 km van de praktijk en binnen een periode van 5 ja
Rechtsgeldig ontslag op staande voet; concurrentie- en relatiebeding
Kort geding. Relatiebeding. Uitleg. Belangenafweging. Schorsing. Dwangsommen. Geheimhouding. Vergoeding.
Ontbinding arbeidsovereenkomst op grond van art. 7:669 lid 3 onderdeel e BW. Toekenning transitievergoeding. Matiging concurrentiebeding.
non-concurrentie beding
concurrentiebeding, toestemming om bij concurrent in dienst te treden? kort geding, faillissement, doorstart
Kort geding. Overtreding non-concurrentiebeding. Geen uitzendbureau in zin van Uitzendrichtlijn. Artikel 9a Waadi niet van toepassing. Aannemelijk dat beding in bodemprocedure (deels) vernietigd wordt.
Werknemer kan niet aan concurrentiebeding worden gehouden, gelet op inhoud van later overeengekomen addendum. Geen verbod om in dienst te treden van concurrent. Onvoldoende aannemelijk dat werknemer doelbewust addendum heeft achtergehouden. Op werknemer rustte geen rechtsplicht o