kantonzaak; arbeidsrecht. 4e overeenkomst voor bepaalde tijd is 0-urencontract terwijl de 3 ervoor min-maxcontracten waren. gedurende arbeidsongeschiktheid loon tijdens ziekte op basis van wettelijk vermoeden in art. 7:610b BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:628 BW
Genoemd in 977 uitspraken · Officiële wettekst
977 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 39 · live
Toepasselijkheid Nederlands recht. Relatie tussen arbeidsovereenkomst met moederbedrijf en arbeidsovereenkomst met dochterbedrijf. Onregelmatig ontslag.
Onverschuldigd loon betaald. Arbeidsovereenkomst is geëindigd. Naar redelijkheid en billijkheid terugbetalen. Persoonlijke omstandigheden spelen daarbij een rol. Was in plaats van salaris een WAO-uitkering gaan ontvangen. Hersteld verklaard maar het werk niet hervat. Dat de ontva
De kantonrechter oordeelt dat artikel 7:61Gb BW niet van toepassing is in de onderhavige situatie omdat de werkgever en werknemer jaarlijks afspraken maakten over de omvang van de arbeidsovereenkomst.
29 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/187HR JMH/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: STICHTING VERPLEEG- EN ZORGCENTRUM LINDESTEDE, gevestigd te Wolvega, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M. Ynzonides, t e g e n [verweerster], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER i
18 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/280HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, incidenteel verweerster in cassatie, advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij, t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats],
Toekenning WW-uitkering met maatregel omdat betrokkene werkloos is geworden doordat de dienstbetrekking eindigt of is beëindigd zonder dat aan de voortzetting ervan zodanige bezwaren zijn verbonden, dat deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem zou kunnen worden gevergd. Teru
Het gaat in casu om de beantwoording van de vraag of eiser verwijtbaar werkloos is. In de tussen eiser en het uitzendbureau gesloten uitzendovereenkomst is een ontbindende voorwaarde opgenomen, die er op neer komt dat de uitzendovereenkomst van rechtswege eindigt indien en zodra
Oproepcontract verplicht werkgever om oproepkracht op te roepen bij voldoende werkaanbod. Laat werkgever dit na, dan is hij loon verschuldigd aan de oproepkracht. Rechtsvermoeden artikel 7:610b BW: ruimere referteperiode gehanteerd gelet op aard van het bedrijf.
Alhoewel het feit, dat de bedrijfsarts werkneemster- naar achteraf werd vastgesteld- ten onrechte arbeidsongeschikt achtte voor het hervatten van de eigen werkzaamheden, voor risico komt voor de werkgeefster, moet de omstandigheid dat de vaststelling achteraf (dat zij wél arbeids
22 oktober 2004 Eerste Kamer Nr. C03/156HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.M. Köhne, t e g e n BOUWMACHINES DEN HAAG B.V., gevestigd te 's-Gravenhage, VERWEERSTER in cassatie
Arbeidsovereenkomst van rechtswege voor onbepaalde tijd geworden; benadelingshandeling; verminderde mate verwijtbaar werkloos; niet aanvaardbaar dat geen enkele serieuze poging is gedaan om te voorkomen dat een beroep op de WW moest worden gedaan.
Ontslag op staande voet terecht gegeven.
Een door de werkgever op non-actief gestelde werknemer die tijdens de periode van non-activiteit vakantie houdt, dient daarvoor zijn vakantiedagentegoed aan te spreken.
-In beginsel recht op loon door werknemer na schorsing of op non-actiefstelling. -Terugvordering studiekosten door werkgever na beëindiging dienstverband? -Werkgever in beginsel gehouden boetes werknemer die werkgever als kentekenhouder zijn opgelegd te betalen.
weigering van werkloosheidsuitkering door verweerder over vakantiedagen van werknemers met een arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht (arbeidsovereenkomst m.u.p.) ivm. loondoorbetalingsverplichting van de werkgever terzake; uitleg CAO van de Stichting Samenwerkende H
Kennelijk onredelijk ontslag. Opzegging vereist bij arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Geen verjaring. Ontslag niet kennelijk onredelijk geacht.
19 december 2003 Eerste Kamer Nr. C02/101HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: HEMA B.V., gevestigd te Amsterdam, EISERES tot cassatie, incidenteel verweerster, advocaat: voorheen mr. T.H. Tanja-van den Broek, thans mr. M.H. van der Woude, t e g e n [Verweer
kantonzaak civiel
Kort geding vonnis in een arbeidszaak
Anders dan [geïntimeerde] betoogt is het hof van oordeel dat de specifieke matigingsbevoegdheid van art. 7:680a BW op alle loonvorderingen die een gevolg zijn van een vernietigbaarheid van de opzegging van toepassing kan worden geacht. Dus ook in het onderhavige geval waar [geïnt
-
-
-
-