Toewijzing verzoek faillietverklaring. Loon ziek gemelde werknemers verschuldigd.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:628 BW
Genoemd in 977 uitspraken · Officiële wettekst
977 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst van een werkneemster bij een payrollbedrijf per 1 december 2023 omdat de arbeidsrelatie is verstoord.
Kort geding; arbeidszaak. Geen rechtsgeldig einde arbeidsovereenkomst, werkgever heeft op grond van artikel 7:628 lid 1 BW een loonbetalingsverplichting.
Schriftelijkheidsvereiste uitzendbeding (artikel 7:691 lid 2 BW)
Kort geding. Loonvordering.
Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de aanzegvergoeding, achterstallig salaris en vakantiegeld. Werkgever is bij de betaling van het laatste salaris ten onrechte overgegaan tot verrekening van teveel genoten verlofuren. Werkgever had er voor moeten waken dat het negatief
Kort geding, loonvordering. Werkgever heeft ten onrechte (althans te snel) loonbetaling stopgezet na op non-actiefstelling werknemer. Loonvordering grotendeels toegewezen.
Loonvordering. Werkgeefster (payrollbedrijf) is van mening dat werkneemster zich niet aan haar verplichtingen houdt, nu zij niet reageert op externe vacatures en enkel via werkgeefster ter werk wil worden gesteld. Naar het oordeel van de kantonrechter kan zij daar ook niet toe wo
Ontslag op staande voet is onterecht gegeven. Werknemer heeft recht op een billijke vergoeding en een transitievergoeding en betaling achterstallig salaris. Omdat er is berust in het ontslag op staande voet, kan de door de werkgever bij wijze van tegenverzoek gevraagde ontbinding
Gedeeltelijke toewijzing loondoorbetalingsvordering, afwijzing vordering tot uitkering van een overlijdensuitkering omdat geen sprake is van een gezamenlijke huishouding.
Loonvordering artikel 7:628 en 7:632 BW
Vordering in kort geding om met terugwerkende kracht volledig hersteld gemeld te worden na een periode van arbeidsongeschiktheid wordt toegewezen. Na hersteld melding had werkgever werknemer niet nog voor 0,01% arbeidsongeschikt mogen houden. Alleen in gevallen van ‘situatieve ar
Deels niet de juiste procedure gevolgd; kort geding ipv verzoekschriftprocedure. Loonsanctie niet rechtsgeldig, dus (deels) toewijzen loonvordering.
Ontslag op staande voet. Geen dringende reden. Aanpassen rooster mag alleen in redelijkheid en na overleg. Afwijzing voorstel wn onredelijk. Geen werkweigering. Toewijzing gefixeerde schadevergoeding, transitievergoeding en beperkte billijke vergoeding.
oproepkracht, recht op loondoorbetaling tijdens ziekte, reiskostenvergoeding
Geen ontslagname door werkneemster. Recht op loon over niet gewerkte dagen.
nulurencontract, beroep op rechtsvermoeden art 7:610b BW slaagt, werknemer niet meer opgeroepen, loonvordering slaagt deels (art 7:628 BW)
Loonvordering. Mondelinge overeenkomst beëindiging arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig.
Uit handelingen van werkgever blijkt dat de opzegging van werknemer is opgevat als een opzegging met inachtneming van de opzegtermijn. Dat werknemer zich niet beschikbaar heeft gehouden, is – zonder bewijsaanbod – niet komen vast te staan. Toewijzen.
Recht op loon tijdens ziekte, verrekening min-uren.
Wwz. Ontslag op staande voet. Het ongepaste gedrag van de werknemer op de werkvloer levert, mede gelet op de omstandigheid dat de werknemer al eerder is aangesproken op en/of is gewaarschuwd voor (soortgelijk) ongepast gedrag, een dringende reden op voor ontslag op staande voet.
Referteperiode van artikel 7:610b BW.
Arbeidsrecht. Vordering werknemer. Verstek werkgever. Ontslag op staande voet wordt vernietigd. Omstandigheid dat werknemer arbeid niet heeft verricht als gevolg van een vernietigbaar ontslag op staande voet, niet voor rekening werknemer. Loon toewijsbaar
Loonvordering. Vanwege ontbreken deskundigenoordeel deels afgewezen. Deels toewijzing omdat wg wn niet heeft opgeroepen (7:628 BW). Verklaring voor recht dat wn onrechtmatig handelt door de aangepaste overeenkomst niet te ondertekenen afgewezen.
Arbeidsrecht, ontbinding wegens (ernstig) verwijtbaar handelen. Bewijslevering ter zake van de vraag of de werknemer geld heeft weggenomen. Zie volgende tussenuitspraak ECLI:NL:GHDHA:2023:1168.