Een vordering tot vergoeding van verhuis en inrichtingskosten mag niet geheel worden afgewezen op de enkele grond dat de hoogte van het gevorderde bedrag niet onderbouwd is (zie in dezelfde zin onder meer HR 7 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1435). Was in dit geval sprake van een
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:279 BW
Genoemd in 9 uitspraken · Officiële wettekst
9 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Kort geding. Geldvordering. Waarborgsom en restant huur na ontbinding van de huurovereenkomst. De vordering is voldoende aannemelijk en wordt toegewezen.
Ernstige lekkage waardoor een deel van de woning onbewoonbaar is geworden. De huurder mocht de huurovereenkomst daarom ontbinden op grond van artikel 7:279 lid 1 BW. Verhuurder moet huur en waarborgsom terugbetalen. Zowel huurder als verhuurder hebben geen recht op schadevergoedi
Huur woonruimte. Huurder brengt met toestemming verhuurder enige aanpassingen in het gehuurde aan, voordat zij het betrekt (tussenmuur verwijderen en opnieuw stucen). Vervolgens komen vochtproblemen aan het licht. Partijen zijn verdeeld of de huurovereenkomst is ontbonden (wegens
Huur woonruimte. Onbewoonbaarverklaring woning wegens brand- en elektrocutiegevaar door lekkages en zwaar verouderde elektrische installatie. Gebreken, artikelen 7:203, 7:204. Huurvermindering artikel 7:207 BW. Geen schuldeisersverzuim artikel 6:58 BW Buitengerechtelijke ontbindi
Huur onzelfstandige woonruimte. Ontbinding overeenkomst. Schadevergoeding. Waarborgsom. Boete.
Huur bedrijfsruimte. Overeenkomst door opzegging geëindigd. Vaststelling tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten aan de hand van de maatstaf van artikel 7:297 BW
Vordering van verhuurder tot ontbinding van een huurovereenkomst woonruimte wegens de onbewoonbare staat van die woonruimte en het feit dat de kosten van herstel niet rendabel zijn. De huurder vordert daar tegenover herstel van de gebreken. Nu de huur niet is opgezegd wegens drin
-