Huur woonruimte. Vraag of huisvesting buitenlandse studente naar zijn aard van korte duur is als bedoeld in art. 7:232 lid 2 BW. Hof: in casu is dat het geval.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:274 BW
Genoemd in 256 uitspraken · Officiële wettekst
256 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Huurbeëindiging van aan student verhuurde woning op de Uithof vanwege weigeren redelijk aanbod (opnemen campusclausule in bestaande huurovereenkomst voor onbepaalde tijd).
Huur studentenwoning zonder dat sprake is van 'campuscontract'. Verhuurder zegt huurovereenkomst op na beëindiging studie huurder wegens dringend eigen gebruik.
Beëindiging huurovereenkomst vanwege het niet toestemmen van de huurder in een redelijk aanbod tot het aangaan van een nieuwe huurovereenkomst met betrekking tot dezelfde woonruimte (artikel 7:274 lid 1 sub d BW). Studentenhuisvesting. Wijziging van een huurovereenkomst voor onbe
Ongeoorloofde verhuur aan toeristen, huurachterstand, ontbinding en ontruiming.
Huurrecht. Kamerhuur door buitenlandse student. Geen sprake van huurovereenkomst die naar zijn aard slechts van korte duur is (artikel 7:232 lid 2 BW). Oordeel van de Huurcommissie met betrekking tot de splitsing van de all-in prijs, de redelijkheid van de aanvangshuur en het voo
Huur studentenkamer, opzegging vanwege dringend eigen gebruik
Beëindiging huurovereenkomst; dringend eigen gebruik; studentenhuisvesting; huurovk voldoet niet aan 7:274d BW, maar dat staat opzegging o.g.v. 7:274 lid 1 sub c BW niet in de weg
Vordering tot ontbinding huurovereenkomst op grond van campuscontractclausule afgewezen. Onvoldoende onderbouwd dat van meet af aan sprake was van verhuur aan aan onderwijsinstelling ingeschreven student, gelet ook op de overige bewoners van het wooncomplex. Tegenvordering voor g
Huur woonruimte. Dringend eigen gebruik voor verhuur aan studenten. Is er sprake van een studentenwoning? Verhuiskostenvergoeding.
Beëindiging huurovereenkomst zonder campusbeding. Bedoeling van partijen bij aangaan huurovereenkomst. Wanneer de woning in de hoedanigheid van student is gehuurd, is het een studentenwoning. Huurder heeft als student gehuurd. Beëindiging van de huurovereenkomst nu huurder geen s
Verzoek tot het beëindigen van de huurovereenkomst wegens het weigeren van een “campuscontract” afgewezen. De woning is niet als studentenwoning verhuurd terwijl onvoldoende is gesteld om aan te kunnen nemen dat de woning bestemd was voor studenten of dat de huurder wist of had m
Huur woonruimte; beëindiging huurovereenkomst in verband met dringend eigen gebruik gelegen in de statutaire doelstelling van verhuurder/eiseres om voor betaalbare woonruimte te zorgen voor studenten, afspraken met de Gemeente Delft omtrent verhuur van woonruimte aan studenten en
“Huur onzelfstandige woonruimte in studentencomplex; geen campusclausule; de huurder behoort niet langer tot de doelgroep; opzegging wegens dringend eigen gebruik; belangenafweging.”
Kamerhuur. Het thans uitsluitend voor studenten willen bestemmen van de kamer in het complex Uilenstede levert dringen eigen gebruik op voor de verhurende stichting. Er moet vanuit worden gegaan dat passende vervangende woonruimte beschikbaar is voor huurder. Voor de toekenning v
Veelbelovende en net afgestudeerde kunstenaars kunnen voor maximaal een jaar woon- en atelierruimte huren. Partijen gaan ervanuit dat het gebruik naar zijn aard van korte duur is, zodat de huurders geen huurbescherming hebben. De verhuurder en een van de huurders willen het huurc
Huur studentenkamer zonder “campuscontract”. Voor de toekenning van een vergoeding voor verhuis- en herinrichtingskosten is in dit geval geen plaats. Er bestaat evenmin aanleiding om af te wijken van het uitgangspunt van artikel 7:272 lid 1 BW, dat beslissingen op de in artikel 7
Huur woonruimte; verhuur kamer aan student; geen huurovereenkomst naar aard van korte duur (7:232 lid 2 BW); restrictieve toepassing; terughoudendheid temeer geboden, gelet op mogelijkheid die artikel 7:274 lid 4 BW biedt tot beëindiging verhuur aan student na afloop van studie.z
Vordering tot beëindiging van huurovereenkomst woonruimte op Uilenstede. Kantonrechter oordeelt dat huurder onvoldoende heeft weersproken dat Duwo het gehuurde dringend nodig heeft voor eigen gebruik. Duwo komt een beroep op lid 4 van artikel 7:274 BW toe hoewel zij de huuroveree
Vordering ex artikel 7:274 lid 4 BW in verband met huurovereenkomst die is aangegaan vóór inwerkingtreding van die bepaling. Geoordeeld wordt dat woning op wooncomplex Uilenstede moet worden aangemerkt als campuswoning. Het belang van verhuurder (Duwo) om het gehuurde ter beschik
Kamerhuur. Het thans uitsluitend voor studenten willen bestemmen van de kamers in het complex Uilenstede levert dringend eigen gebruik op voor de verhurende stichting, die zich in afwijking van haar statutaire doelstelling, volledig richt op het huisvesten van studenten. Dat in e
Kamerhuur. Het thans uitsluitend voor studenten willen bestemmen van de kamers in het complex Uilenstede levert dringend eigen gebruik op voor de verhurende stichting, die zich in afwijking van haar statutaire doelstelling, volledig richt op het huisvesten van studenten. Dat in e
Kamerhuur. Het thans uitsluitend voor studenten willen bestemmen van de kamers in het complex Uilenstede levert dringend eigen gebruik op voor de verhurende stichting, die zich in afwijking van haar statutaire doelstelling, volledig richt op het huisvesten van studenten. Dat in e
Beëindiging huurovereenkomst op grond van dringend eigen gebruik van de verhuurder (artikel 7:274 lid 1 sub c BW). Studentenhuisvesting. Huurder is geen student meer. Het beschikbaar stellen van de gehuurde woonruimte aan een student kan gelden als een eigen belang van de verhuur
Kort geding. Vordering tot ontruiming. Eigenaar heeft sloopplannen voor woningen in de zogenoemde Parooldriehoek. Deze sloop is al een paar keer uitgesteld, onder meer vanwege kredietcrisis. In verband daarmee heeft de eigenaar de woningen eerst op basis van Leegstandwet aan bewo