art. 7:271, lid 1 BW; opzegging huurovereenkomst voor bepaalde tijd; diplomatenclausule; Shell-contract
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:271 BW
Genoemd in 456 uitspraken · Officiële wettekst
456 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 16 · live
Verplichting van verhuurder tot tijdig informeren van huurder over de dag waarop de huur verstrijkt ex art. 7:271 lid 1 BW. Wettelijk voorgeschreven termijn van drie tot een maand voordat de duur van de huurovereenkomst is verstreken. Redelijkheid en billijkheid. Belangenafweging
kort geding. Laatste kansovereenkomst is geëindigd. Onvoldoende aannemelijk is geworden dat eerdere huurovereenkomst (stilzwijgend) is voortgezet. Vordering tot ontruiming toegewezen.
Verhuur van onderdelen “Gemeenteflat” Maastricht aan studenten op tijdelijke basis (‘campuscontract’ met vastgelegde einddatum). Tijdelijkheid had te maken met vooruitzicht van grootscheepse renovatie van de flat na 30 juni 2017. Renovatie zou worden gericht op vermogender huurde
Huurovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd, wetswijziging 1 juli 2016, aanzeggingsverplichting bij overeenkomst voor bepaalde tijd, opzeggingsgrond eigen gebruik na verkoop bij overeenkomst voor onbepaalde tijd
Huurzaak. Partijen hadden oorspronkelijk de bedoeling om contractuele medehuurders van een woning te worden. De huurovereenkomst is uiteindelijk echter alleen op naam van een van de partijen gezet. Die oorspronkelijke bedoeling van contractueel medehuurderschap is daardoor niet g
Geen einde huurovereenkomst vanwege ontbreken opzegging en uit feiten blijkt niet van wilsovereenstemming over beëindiging huurovereenkomst. Huurpenningen zijn niet onverschuldigd betaald.
Kort geding. Verzet. Huurovereenkomst voor korte duur (6 maanden) cfm wet doorstroming huurmarkt 2015. Betwisting ontvangst kennisgeving einde huur ex artikel 7:271 BW. Niet langer sprake van een huurachterstand. Ontruiming alsnog afgewezen.
Artikel 7:271 lid 1 BW: tussentijdse opzegging van tijdelijke huurovereenkomst zelfstandige woning
Huurovereenkomst van tijdelijke aard? Bij de huur van een appartement in een hotel mag op basis van de aard van het gehuurde zelf in beginsel verwacht worden dat het een gebruik van woonruimte betreft dat naar zijn aard slechts van korte duur is.
Huur woonruimte. Duur opzegtermijn voor de huurder in de overeenkomst drie maanden maar i.c. een maand want overeengekomen was (tevens) dat feitelijk per maand werd betaald. Dwingend recht.
Huur woon- annex praktijkruimte, aangegaan voor 2x10 jaar. Tegenprestatie: renovatie en onderhoud woning. Verrekening meerwaarde bij einde huur. Opzegging huur door verhuurder niet rechtsgeldig; vordering tot verrekening en vaststelling nieuwe huurprijs afgewezen.
Voor recht wordt verklaard dat de huurovereenkomst van kracht is zonder beperkingen op grond van de Leegstandwet, omdat de gemeente de vergunning op grond van de Leegstandswet heeft ingetrokken. Er is geen sprake van een huurovereenkomst die naar zijn aard van korte duur is, zoal
Huurders hebben geen gebruik gemaakt van de wettelijke gebrekenregeling. Huur wordt ten onrechte opgeschort.
Kort geding. Huur woonruimte. Vordering tot ontruiming. Huurder heeft toestemming om huisbewaringsovereenkomst met appellant aan te gaan. Huurder heeft echter niet de intentie gehad om ooit naar Nederland terug te keren. Als tussen huurder en appellant al een onderhuurovereenkoms
.
Huurrecht. Ter huisvesting van werknemers sluiten partijen een huurovereenkomst woonruimte tot de einddatum van een project. Verhuurder vordert onder meer huur over de opzegtermijn, omdat huurder niet heeft opgezegd tegen die einddatum. Uit de totstandkoming van de overeenkomst b
Tijdelijke huur van te koop staande woning. Naar zijn aard van korte duur? Ontruiming op basis van vonnis in kort geding, dat in hoger beroep vernietigd is.
Vordering tot vrijwaring, tussentijdse opzegging mogelijk, huur naar zijn aard van korte duur, tekortkoming nakoming tijdige ontruiming, aansprakelijkheid, schade, redelijkheid en billijkheid.
Huurrecht. Huurachterstand ontstaan tijdens WSNP. Opzegging door verhuurster op grond van art 305 lid 3 Faillissementswet. Belangenafweging. Opzegging geen misbruik van bevoegdheid.
1. Huurzaak. Is sprake van dringend eigen gebruik als bedoeld in artikel 7:274 lid 1, aanhef en onder c. BW en het Herenhuisarrest (HR 26 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL0683, NJ 2010/190)? Nee, want in dit geval is de noodzaak tot renovatie niet gelegen in het beëindigen van een s
Ontruiming woonruimte in kort geding na huurachterstand
Betreft artikel 7:271 lid 8 BW. Omdat een schriftelijke verklaring van partijen ter zake de huurbeëindiging ontbreekt, moet worden beoordeeld of uit de WhatsApp berichten een duidelijke en ondubbelzinnige verklaring van de huurster blijkt dat zij instemt met de huurbeëindiging. D
Verhuurder vordert in kort geding ontruiming van woonruimte wegens voorgenomen levering van de woning na verkoop. Vordering wordt afgewezen. Niet gebleken van overeenstemming tussen verhuurder en huurder over ontruiming van het gehuurde. Er is geen sprake van een huurovereenkomst
Overeenkomst van aanneming van werk (tegelzetwerkzaamheden). Verzuim zonder ingebrekestelling op grond van redelijkheid en billijkheid.