Huurrecht. Overeengekomen voortgezet gebruik door kinderen van wijlen huurster. Huurovereenkomst? Alsgeheeltoets. Ingebruikgeving tegen tegenprestatie in de zin van art. 7:201 BW? Vaststellingsovereenkomst.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:271 BW
Genoemd in 456 uitspraken · Officiële wettekst
456 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Huurovereenkomst voor bepaalde tijd tot stand gekomen of huurovereenkomst voor onbepaalde tijd met minimumduur? Art. 7:271 BW.
Huurovereenkomst woonruimte voor bepaalde tijd is op grond van artikel 7:271 lid 1 BW voor onbepaalde tijd verlengd. Artikel 7:271 lid 8 mist toepassing, omdat de huurbeëindiging tussen partijen is overeengekomen vóórdat de tijdelijke huurovereenkomst was afgelopen en voordat de
Huurovereenkomst woonruimte voor bepaalde tijd. Verlenging voor onbepaalde tijd met einddatum. Huurprijswijzigingsbeding oneerlijk? Indexatiebeding en opslagbeding van maximaal 5%. Artikel 3 lid 1 Richtlijn 93/13/EEG
Huurrecht. Reconventionele vordering. Beëindigingsovereenkomst tot stand gekomen als gevolg van een oneerlijke handelspraktijk en daarom vernietigbaar. Verhuur zelfstandige woonruimte of onzelfstandige woonruimte?
Huurovereenkomst woonruimte. De algemene bepalingen bevatten een verbod om het gehuurde geheel of gedeeltelijk in huur of onderhuur (tegen een tegenprestatie) dan wel in gebruik (zonder tegenprestatie) aan derden af te staan. Het in de huurovereenkomst zelf opgenomen boetebeding
Prejudiciële zaak (art. 392 Rv). Huurrecht. Procedure op de voet van art. 7:262 BW tegen uitspraak huurcommissie. Moet gedaagde in een dergelijke procedure die zijnerzijds - evenals de eiser - een beslissing van de kantonrechter wenst over een punt waarover de huurcommissie om ee
Huurrecht. Hoogte huurprijs vaststellen van meerdere zelfstandige wooneenheden in appartementencomplex. Huurcommissie. Beleidsboek waarderingsstelsel zelfstandige woonruimte. Vaststellen WOZ-waarde. Puntentoekenning oppervlakte ruimtes.
Verhuur voor bepaalde tijd van woning in duurdere woonsegment. In huurovereenkomst is zogeheten diplomatenclausule opgenomen. Verhuurder zegt huurovereenkomst tweemaal tussentijds op. In de eerste opzegging is geen opzeggingsgrond genoemd. In de tweede opzegging wordt als reden o
Kort geding. Huurrrecht. Woonruimte. Wet vaste huurcontracten. Huurovereenkomst gesloten voor bepaalde tijd na 1 juli 2024. Niet aannemelijk geworden dat sprake is van sociale noodsituatie en urgente huisvestingsbehoefte. Niet aannemelijk geworden dat uitzondering artikel 1 lid c
Kort geding. Huur woonruimte. In geschil is ten eerste of de verhuurder het einde van de huurovereenkomst voor bepaalde tijd op grond van artikel 7:271 lid 1 BW op de juiste wijze aan (de bewindvoerder van) de huurder heeft aangezegd. Verder is er in deze zaak sprake van een reek
Huurovereenkomst woonruimte voor bepaalde tijd is op grond van artikel 7:271 lid 1 BW voor onbepaalde tijd verlengd. Artikel 7:271 lid 8 mist toepassing, omdat de huurbeëindiging tussen partijen is overeengekomen vóórdat de tijdelijke huurovereenkomst was afgelopen en voordat de
Huur woonruimte. Heeft de huurder ter zake de inmiddels geëindigde huur recht op huurprijsvermindering vanwege de door hem gestelde gebreken aan de woning? De gestelde gebreken zijn door de huurder onvoldoende onderbouwd.
Einde van huurovereenkomst voor bepaalde tijd is zeven dagen te vroeg aangezegd. Beroep op art. 7:271 lid 1 BW en meer in het bijzonder de zinsnede "niet eerder dan drie maanden" is in casu naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.
Kort geding huurrecht. Niet voldaan aan aanzeggingsplicht tijdelijke huurovereenkomst. Huurovereenkomst is daarom voor onbepaalde tijd verlengd. Verhuurder moet water en elektriciteit weer aansluiten. Reconventionele vordering tot ontruiming wordt afgewezen.
Huurrecht artikel 7:266 BW, artikel 7:271 BW en artikel 21 Rv. Kortgeding tot ontruiming van een woning. Het gaat om een huurovereenkomst van korte duur (twee jaar). Huurder stelt zich op het standpunt dat niet tijdig en correct is aangezegd. De aanzegging dat de huurovereenkomst
Huurrecht. Onjuiste toepassing door kantonrechter van art. 11 lid 4 UHW. Doorbreking rechtsmiddelenverbod art. 7:262 lid 2 BW?
Huurrecht. Beëindiging tweede kans huurovereenkomst. Huurovereenkomst geëindigd door beëindiging van de begeleidingsovereenkomst. Daarnaast is de tijd verstreken waarvoor de huurovereenkomst was aangegaan. Verhuurder heeft van het verstrijken van die tijd tijdig kennis gegeven aa
nakoming van de huurovereenkomst, nu de toegang tot de woning is ontzegt. Hospita regeling in combinatie met bepaalde tijd contract. Belangenafweging in kort geding
“Is sprake van een huurovereenkomst voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 7:271 lid 1 BW of van een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd met een minimale huurtermijn?’
Huurrecht. Principieel vonnis over de vraag of huurder onder de nieuwe Wet doorstroming huurmarkt 2015 recht heeft op huurbescherming. Huurcontract voor bepaalde tijd met huurbescherming wordt naadloos gevolgd door een huurcontract voor bepaalde tijd zonder huurbescherming ex art
Ontbinding huurovereenkomst wegens - gedurende een lange periode - te late huurbetalingen. Contractuele boete fors gematigd vanwege het onereuze karakter van het boetebeding.
Terugbetaling huur na vaststelling aanvangshuurprijs door huurcommissie.
Eiser vordert, na de uitspraak van de huurcommissie, terugbetaling van de te veel betaalde huur en terugbetaling van de waarborgsom. De kantonrechter wijst deze vordering toe. Gedaagde wenst vervolgens de waarborgsom te verrekenen met de verschuldigde huur en voorschotten over de
Kort geding. Huur woonruimte voor bepaalde tijd, artikel 7:271 BW. Vordering tot ontruiming van het gehuurde is niet toewijsbaar. Huurster mocht er gerechtvaardigd op vertrouwen dat de huurovereenkomst na het verstrijken van de bepaalde duur zou doorlopen.