kort geding ontruiming huurwoning; hoofdhuurder heeft geen hoofdverblijf meer; niet aannemelijk dat beroep onderhuurder op art. 7:269 BW in bodemprocedure slaagt want huisvestingsvergunning ontbreekt. Lange ontruimingstermijn vanwege pers. omstandigheden.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:269 BW
Genoemd in 223 uitspraken · Officiële wettekst
223 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
7:269 Burgerlijk Wetboek, onderhuur
pseudo-onderhuur (7:269 lid 1 BW)? Tijdelijke karakter van vermeende onderverhuur is onvoldoende gebleken; ontbinding en ontruiming wordt toegewezen
Kort geding, ontruiming, geen rechtsgeldige totstandkoming (onder)huurovereenkomst, gemengde overeenkomst waarin zorgelement overheerst, woonruimtebepalingen niet van toepassing, geen beroep voortzetting onderhuur o.g.v. art. 7:269 lid 1 BW.
Woningontruiming. Beëindiging huurovereenkomst .
Kort geding. Executiegeschil ontruiming woning. Onderhuur. Kantonrechter heeft geoordeeld dat geëxecuteerde zonder recht of titel in woning verblijft en heeft haar veroordeeld tot ontruiming. Kantonrechter heeft beslissing ten aanzien van de uitvoerbaarheid bij voorraad niet gemo
Afwijzing vordering tot ontruiming woning; er is geen sprake van pseudo-onderhuur dan wel mislukte contractsovername, zodat niet zonder recht of titel in de woning wordt verbleven.
kort geding, executiegeschil. vordering tot schorsing tenuitvoerlegging ontruimingsvonnis.
Huur woonruimte. Huurder is instelling voor geestelijke gezondheidszorg die woningen onderverhuurt aan cliënten. Ontbinding huurovereenkomst wegens structurele en ernstige overlast veroorzaakt door (deel van) onderhuurders waarop door huurder onvoldoende adequaat is gereageerd. G
Kort geding. Vordering tot ontruiming huurwoning toegewezen.
huurzaak
Hoofdhuurder is overleden, er is sprake van onderhuur, voortzetting onderhuur, geen beëindiging van de voortgezette huur
Ontruiming.
Ontbinding hoofdhuurovereenkomst, geen geslaagd beroep op onderhuurovereenkomst.
kort geding. ontruimen woonruimte in Coronatijd. onderhuur onzelfstandige woonruimte. einde hoofdhuur voldoende aannemelijk. ontruiming toegewezen, maar op langere termijn (2 maanden). Proceskosten cf tarief Kantonrechter
Executiegeschil, onderhuurbescherming, (on)zelfstandige woonruimte, gevolgen ontruiming.
Huur woonruimte. Verhuurdersvacuum van 12 jaar. Cessie huurachterstanden. Dringend eigen gebruik en renovatie. Ontbinding afgewezen gelet op bijzondere omstandigheden.
Huurovereenkomst woonruimte. Besloten vennootschap in oprichting als huurder. Positie van onderhuurder na vertrek van huurder.
Ontruiming woning. Beroep op bestaan onderhuurovereenkomst niet gehonoreerd.
Huurrecht. Het hof volgt appellanten niet in het betoog dat zij de huurovereenkomst met geïntimeerde al jaren geleden hebben opgezegd. Vordering tot ontbinding huurovereenkomst en betaling van achterstallige huur tegen appellanten ook in hoger beroep toegewezen.
Kort geding vonnis. Toewijzing vordering tot ontruiming (onder)huurders. Geen voortgezette huur i.d.z.v. art 7:269 lid 1 BW. Niet houden van onderhuurder aan onderhuurovereenkomst zou naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn.
Huur. Woonfraude. 7:269 lid 1 BW. 7:244 BW.
Appelverbod artikel 7:262, lid 1 BW. Onderzoek van de rapporteur van de huurcommissie buiten aanwezigheid van de verhuurder levert geen doorbrekingsgrond (strijd met hoor en wederhoor) op. Afspraak tussen huurder en verhuurder over de zorg voor het herstel van gebreken door de hu
Huurrecht. Ambtshalve toetsing onredelijk bezwarend beding. Boetebeding bij onderverhuur en winstafdrachtbeding noch afzonderlijk noch in combinatie met elkaar onredelijk bezwarend.
Huur woonruimte. Welke titel ligt ten grondslag aan de huurverhouding tussen partijen: een (onder)huurovereenkomst of een nieuwe zelfstandige huurovereenkomst. Is onderhuur toegestaan?