Een alleenstaande 52-jarige man die bij zijn moeder was ingetrokken moet een driekamerhuurwoning binnen 4 maanden verlaten nu zijn moeder is overleden.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:268 BW
Genoemd in 375 uitspraken · Officiële wettekst
375 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 9 · live
Kort geding – Ontruiming. Vordering tot ontruiming toegewezen, geen duurzame gemeenschappelijke huishouding gevoerd met (overleden) vader, niet voldaan aan vereisten medehuurderschap.
Kleinkind vordert voortzetting van de huurovereenkomst na overlijden grootouders. Geen duurzame gemeenschappelijke huishouding.
Huurrecht. Voortzetting huurovereenkomst. Beroep op artikel 7:268 lid 2 BW slaagt niet. Geen huisvestingsvergunning. (ZIE OOK: ECLI:NL:RBMNE:2021:6765)
Kort geding, ontruimingsvordering toegewezen, beroep op voortzetting van de huurovereenkomst.
De kantonrechter oordeelt dat een zoon de huurwoning van zijn overleden moeder binnen 14 dagen moet verlaten. De man verbleef sinds oktober 2019 bij zijn zieke moeder om voor haar te zorgen en wilde na zijn overleden graag in de woning blijven. Volgens de rechter kan niet worden
Huur. Voortzetting huur ex art. 7:268 BW afgewezen. Ontbreken huisvestingsvergunning. Toewijzing vordering tot ontruiming.
De zoon van een overleden huurder van Ymere moet de huurwoning in het Oostelijk Havengebied verlaten.
huur woonruimte, voortzetten huurovereenkomst na overlijden huurder, artikel 7:268 BW
7:268 lid 2 BW; voortzetting huurovereenkomst na overlijden huurder afgewezen; duurzame gemeenschappelijke huishouding onvoldoende onderbouwd; reconventionele vordering tot ontruiming toegewezen, ontruiming niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard
Huurrecht. Vordering tot ontruiming. Beroep op voortzetting huurovereenkomst op grond van artikel 7:268 lid 2 BW als verweer. Duurzame gemeenschappelijke huishouding onvoldoende aannemelijk geworden. Gevorderde ontruiming toegewezen. (ZIE OOK: ECLI:NL:RBMNE:2022:2438)
Medehuurderschap, is sprake van een duurzame gemeenschappelijke huishouding? Gevolg ontbreken huisvestingsvergunning.
verzoek om medehuurderschap, artikel 7:267 BW
Kort geding. Vordering tot afgifte roerende zaken. Toegewezen bij wijze van ordemaatregel. Gedaagden hebben zaken onrechtmatig in hun macht gekregen. Voldoende aannemelijk dat eiseres door gedaagden onrechtmatig uit de woning is gezet. Artikel 7:268 lid 2 BW en 8 EVRM. Dan niet
Kort geding ontruiming, huurachterstand, geen hoofdverblijf.
huur; voortzetting huurovereenkomst na overlijden moeder?
Huurrecht. Ontruiming woning na overlijden huurder toegewezen, geen sprake van medehuurderschap.
Voortzetting huurovereenkomst na overlijden huurder. Geen sprake van duurzame gemeenschappelijke huishouding. Ruimere ontruimingstermijn.
Een man moet een huurwoning in Amsterdam Nieuw-West verlaten.
Geen duurzame gemeenschappelijke huishouding tussen moeder en naar het ouderlijk huis teruggekeerd meerderjarig kind. Artikel 7:268 BW.
Voortzetting huurovereenkomst ex artikel 7:268 BW na overlijden huurder? Een dochter met haar man en kinderen hebben ruim 20 jaar naast hun ouders gewoond met ieder een eigen huishouden. De dochter en haar man waren de eigenaren van beide woningen. De ouders huurden in die tijd d
Vordering voorzetting huur door inwonende zoon na overlijden moeder. Art. 7:268 lid 2 BW. Duurzame gemeenschappelijke huishouding. Ontruimingstermijn. Uitvoerbaar bij voorraadverklaring van veroordeling tot ontruiming.
huur woonruimte; geen duurzame gemeenschappelijke huishouding zoon en moeder
Huurrecht. Vordering tot voortzetting huurovereenkomst ex artikel 7:268 lid 2 BW afgewezen. Eiser heeft niet aangetoond te voldoen aan de wettelijke criteria. Ontruiming toegewezen vanaf 14 dagen na datum onherroepelijk worden van het vonnis.
Geen duurzame gemeenschappelijke huishouding in de zin van artikel 7:268 lid 2 BW tussen moeder en zoon (terugkeerder). Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:4097.