Huur woonruimte. Kort geding. Vooralsnog onvoldoende aannemelijk dat het feit dat de voormalige partner ten tijde van deze procedure geen medehuurder is zonder meer meebrengt dat de vordering tot ontruiming voor toewijzing gereed ligt. Vordering tot uitsluitend gebruik van het ge
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:267 BW
Genoemd in 349 uitspraken · Officiële wettekst
349 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Huurrecht. Zowel de man als de vrouw vorderen een verklaring voor recht dat hun – met uitsluiting van de ander – het huurrecht toekomt van de woning waarvan zij beiden contractueel medehuurder zijn. Analoge toepassing van artikel 7:267 lid 7 BW. Kantonrechter bepaalt dat de vrouw
Prejudiciële vragen. Huurrecht. Heeft beslissing o.g.v. art. 7:267 lid 7 BW werking jegens de verhuurder? Is art. 7:267 lid 7 BW ook van toepassing op contractuele medehuur en, zo ja, heeft de beslissing op grond van die bepaling dan ook werking jegens de verhuurder?
Vordering ex art. 7:267 lid 7 BW in kort geding afgewezen.
Huurzaak. Mederhuurderschap ex art. 7:266 BW o.g.v. huwelijk volgens de Marokkaanse wet. Partijen willen gaan scheiden, maar echtscheidingsprocedure loopt nog niet. Toedeling huurwoning aan één van hen.
Kort geding. Affectieve relatie hoofdhuurders geeindigd. Vordering tot exclusief gebruik van het gehuurde. Belangenafweging. Art. 7:267 lid 7 BW.
Aanvraag woningurgentie dakloos met minderjarige kinderen. Om aan urgentievoorwaarden te voldoen, moet eiseres eerst proberen via de civiele rechter medehuurder te worden en het huurrecht te verkrijgen van de woning van haar ex. Beroep ongegrond.
Geschil over toedeling huurwoning na beëindiging informele samenleving.
Voorlopige voorziening op grond van artikel 7:267 lid 7 BW. Vordering toegewezen.
Tijdelijk gebruiksrecht huurwoning na verbreking relatie. Afspraken in samenlevingsovereenkomst en artikel 7:267 lid 7 BW. Belangenafweging.
Kort geding – gebruiksrecht huurwoning na einde samenwoning
Huurzaak. Kort geding. Met (analoge) toepassing van art. 7:267 lid 7 BW bepaalt de kantonrechter dat huurder 1 voor de duur van de (nog aan te vangen) bodemprocedure, met uitsluiting van huurder 2, wordt gerechtigd tot het gebruik van de gezamenlijke huurwoning.
Kort geding. Verbreking samenleving. In geschil wie bij wijze van ordemaatregel in de gegeven situatie het gehuurde moet verlaten en wie daarin mag blijven. Belangenafweging. Voorts in geschil betaling huur/lasten.
Een man die samen met zijn toenmalige vriendin een woning huurde in Amsterdam-Centrum mag de woning niet meer huren.
Vordering tot voortzetting huurovereenkomst met uitsluiting van de (mede)huurder op grond van art. 7:267 lid 7 BW. Belangenafweging. Vordering afgewezen. Belang eiseres weegt niet zwaarder dan belang gedaagde.
Vordering ex artikel 7:267 lid 7 BW, belangenafweging. Afspraak, zeer hoge schulden en kinderen.
In kort geding wordt vastgesteld dat de vrouw ex art. 7:267 lid 7 BW in de huurwoning mag blijven wonen, met uitsluiting van de man. De belangen van minderjarig kind worden doorslaggevend geoordeeld. In reconventie wordt een omgangsregeling vastgesteld.
Huur woonruimte: veroordeling van hoofdhuurder tot medewerking aan het doen van een verzoek ex artikel 7:267 BW aan verhuurder op grond van onrechtmatige daad, belangenafweging, vordering tot ontruiming afgewezen, bewindvoerder formele procespartij.
Huurrecht vakantiehuisje. Verdeling contractuele medehuur, ex art. 3:185 BW. Belangenafweging.
Einde relatie samenwoners. Exclusief gebruik van huurwoning bij wijze van voorlopige voorziening na belangenafweging voorlopig voor de duur van drie maanden aan de man toegekend.
Vordering tot het treffen van voorlopige voorzieningen ex artikel 7:267 lid 7 BW. Vordering afgewezen, omdat voldoende aannemelijk is geworden dat de eisende partij afstand heeft gedaan van haar woonrecht met betrekking tot het gehuurde.
Exclusief gebruik van huurwoning kan bij wege van voorlopige voorziening aan een van ex-partners worden toegekend. Conflictueuze situatie zo snel mogelijk beëindigen. Vrouw, met groot sociaal netwerk in de stad, heeft drie jaar elders verbleven; man draagt overgrote deel woningko
Na wetswijziging van 1 augustus 2003 is terughoudendheid geboden bij analoge toepassing van de conflictenregeling voor wettelijke medehuurders van art. 7:267 BW bij conflicten tussen contractuele medehuurders. Belangenafweging bij verdeling gebruiksrecht.
4.6. Het hof zal de man toelaten tot het bewijs van zijn stelling dat de vrouw feitelijk woont en verblijft in [gemeente 1] en derhalve over woonruimte in [gemeente 1] beschikt. 4.7. Alvorens tot de getuigenverhoren over te gaan heeft het hof behoefte aan nadere inlichtingen, met