Prejudiciële zaak (art. 392 Rv). Huurrecht. Procedure op de voet van art. 7:262 BW tegen uitspraak huurcommissie. Moet gedaagde in een dergelijke procedure die zijnerzijds - evenals de eiser - een beslissing van de kantonrechter wenst over een punt waarover de huurcommissie om ee
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:249 BW
Genoemd in 129 uitspraken · Officiële wettekst
129 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Oneerlijkheid huurprijswijzigingsbepaling. Wanneer is een huurprijswijzigingsbepaling oneerlijk? Kan zo’n bepaling worden gesplitst? Wat als de bepaling in werkelijkheid niet is toegepast? Wat zijn de gevolgen als een oneerlijke huurprijswijzigingsbepaling wordt vernietigd?
Prejudiciële vragen. Huurrecht woonruimte. Artikel 5 Bhw en onderdeel 9 van bijlage I sub A Bhw. Toepassing van woningwaarderingsstelsel in gevallen waarin WOZ-waarde van gehuurde niet bekend is of geen goed beeld geeft van waarde van gehuurde.
Huurrecht woonruimte. Mate van contractsvrijheid bij huur van geliberaliseerde woonruimte. Overeengekomen bedrag voor door huurder te betalen servicekosten en kosten VvE. Toetsing door de rechter? Uitleg van art. 7:259 BW. Niet redelijk voordeel (art. 7:264 BW).
Huurrecht. Prejudiciele vragen. Toetsing aanvangshuurprijs. Art. 7:249 BW. Is voor waardering van energieprestatie van woning nodig dat bij ingang van huurovereenkomst een energie-index was vastgesteld of energielabel was afgegeven?
Prejudiciële vragen. Huurrecht. Kan huurder of verhuurder zich na uitspraak van voorzitter huurcommissie op grond van artikel 7:262 BW rechtstreeks tot kantonrechter wenden zonder eerst in verzet te gaan bij huurcommissie? Zo ja, binnen welke termijn?
Particuliere verhuurders verliezen geschil over rendement op sociale huurwoningen Nederlandse huurwet- en huurregelgeving leidt niet tot een onevenredige en buitensporige last voor particuliere verhuurders van sociale huurwoningen in het algemeen. Dat is het oordeel van de rechtb
Huur woonruimte. Bepaling aanvangshuurprijs. Ontbreken van benodigde WOZ-beschikking komt voor rekening verhuurder. Verhuurder veroordeeld tot terugbetaling van teveel betaalde huur.
Huurovereenkomst. Bepalen redelijke aanvangshuurprijs. Vaststellen WOZ waarde die op de peildatum nog niet was gepubliceerd.
Vraag of een na de ingangsdatum van de huurovereenkomst opgenomen en geregistreerd energieprestatiecertificaat in de waardering van het gehuurde mag worden betrokken. Prejudiciële vragen.
Art. 7:262 BW, uitspraak Huurcommissie. Toetsing aanvangshuurprijs. WOZ-waarde, ontbreken eigen waardering. Objectieve vaststelling. Energieprestatie, ontbreken eigen energielabel, eveneens objectieve vaststelling.
Aangezien geen sprake is van een voornemen tot wijziging van (huurprijs-)beleid kan een huurdersorganisatie als bedoeld in de Wet op het overleg huurders verhuurder (Wohv) de kantonrechter niet verzoeken te bepalen dat een verhuurder een aangekondigde huurverhoging inclusief een
huurovereenkomst woonruimte: tijdelijk of onbepaalde tijd met minimumduur
huurrecht, procedure na uitspraak van de huurcommissie over de redelijkheid van de overeengekomen huurprijs (artikel 7;249 BW), geen WOZ-beschikking aanwezig, bij de puntentelling moet worden uitgegaan van de wettelijk voorgeschreven minimumwaarde.
15 april 2005 Eerste Kamer Nr. R03/147HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: EAST CARIBBEAN CELLULAR N.V., gevestigd op Sint Maarten, Nederlandse Antillen, EISERES tot cassatie, advocaat: mrs. R.S. Meijer en M.E.M.G. Peletier, t e g e n CELLULAR ONE COMMUNICATIO
Huur woonruimte. Bepalen redelijke aanvangshuurprijs. Vaststellen aantal punten voor de energieprestatie als wel een energielabel bekend is maar dit niet aan de huurder is verstrekt.
Huurrecht. Reconventionele vordering. Beëindigingsovereenkomst tot stand gekomen als gevolg van een oneerlijke handelspraktijk en daarom vernietigbaar. Verhuur zelfstandige woonruimte of onzelfstandige woonruimte?
Prejudiciële vragen. Huurrecht woonruimte. Puntensysteem woningwaarderingsstelsel. Is er ruimte binnen het stelsel van art. 10 UHW, art. 5 BHW en onderdeel 9 bijlage I sub A BHW voor een hogere WOZ-waarde dan het daarin genoemde minimum, als de laatst bekende WOZ-waarde op de pei
Prejudiciële zaak (art. 392 Rv). Huurrecht. Procedure op de voet van art. 7:262 BW tegen uitspraak huurcommissie. Moet gedaagde in een dergelijke procedure die zijnerzijds - evenals de eiser - een beslissing van de kantonrechter wenst over een punt waarover de huurcommissie om ee
Huurrecht. Hoogte huurprijs vaststellen van meerdere zelfstandige wooneenheden in appartementencomplex. Huurcommissie. Beleidsboek waarderingsstelsel zelfstandige woonruimte. Vaststellen WOZ-waarde. Puntentoekenning oppervlakte ruimtes.
Toetsing aanvangshuurprijs woonruimte. Na peildatum laatste WOZ-beschikking voor de aanvang van de huurovereenkomst is het gehuurde ingrijpend gewijzigd en gerenoveerd. Verhuurder vraagt om door toepassing van art. 5 lid 2 BHW subsidiair 6:2 en 6:248 lid 2 BW af te wijken van reg
Huurzaak. Vaststelling redelijkheid initiële huurprijs zelfstandige woonruimte. Indien de woning nog geen WOZ-waarde bij beschikking is vastgesteld mag bij de berekening van de WOZ-waarde geen waarde worden gehecht aan een taxatierapport met daarin een geschatte waarde. Als uitga
Huurprijzenrecht woonruimte. Beroep van de verhuurder op art. 1 EP van het EVRM afgewezen. De rechter is gehouden UHW toe te passen; de regeling dient het algemeen belang. Beperkingen in het rendement zijn niet disproportioneel.
Huur woonruimte. Toetsings aanvangshuurprijs. All-in huur. De kantonrechter oordeelt dat sprake is van een geliberaliseerde huurprijs, waarin zij niet kan ingrijpen.
Huur. Woonruimte. Splitsing van de all-in prijs, artikel 7:258 BW