Vordering ontbinding huurovereenkomst woonruimte i.v.m. huurachterstand. Beroep op art. 7:207 BW slaagt niet: hetzij heeft huurder verhuurder onvoldoende kennis gegeven van gebreken, hetzij heeft verhuurder gebreken steeds binnen redelijke termijn verholpen. Geen matiging ex art.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:247 BW
Genoemd in 99 uitspraken · Officiële wettekst
99 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
“Coöperatieve vereniging (hoofdhuurster) huurt (vrijwel ononderbroken) vanaf 1928 complex van corporatie (hoofdverhuurster). Deze corporatie richt zich niet op de doelgroep van de woningcorporaties. De hoofdhuurder verhuurt de in het complex gelegen woonruimten onder aan haar led
Betreft afrekening servicekosten, waaronder groenvoorziening en raambewassing. 7:259-7:261 BW.
Huurprijs woonruimte, woningwaarderingsstelsel,l.dwingend karakter huurprijswetgeving, geen hoger beroep beslissing kantonrechter ex art 7:262, lid 1 BW. Geen 'doorbrekingsgronden'.
gebrek ivm ontbreken bergruimte; huurprijsvermindering
Huurzaak. Huurprijsverhoging geliberaliseerde woonruimte. Buiten het geval waarin op grond van artikel 7:274, lid 1 aanhef en sub d BW de huur is opgezegd bestaat voor een huurder geen rechtsgrond voor het vorderen van een verklaring voor recht met betrekking tot de redelijkheid
Huurovereenkomst woonruimte met “all-in prijs”, waarop partijen (particulieren met de Britse nationaliteit) het recht van het Verenigd Koninkrijk van toepassing hebben verklaard. Is artikel 7:258 BW van toepassing?
Geliberaliseerde huurders vorderen dat huurverhogiging ongedaan wordt gemaakt. Tevens vorderen huurders verhelpen van achterstallig onderhoud c.a.. Procedure art. 7:207 lid 1 BW niet van toepassing. huurprijsverhoging dient marktconform te zijn en redelijk in de verhouding verhuu
X geeft bij schriftelijke huurovereenkomst aan de besloten vennootschap Y in huur de eerste etage als kantoor en de hogere etages als bedrijfswoning. De besloten vennootschap Y geeft een gedeelte van het gehuurde, de tweede en derde etage, als woonruimte in onderhuur aan de direc
Bijzondere overeenkomst. Huurrecht
Huurrecht. Nederlandse woningwaarderingsstelsel niet in strijd met art. 1 eerste Protocol EVRM. Verwijzing naar EHRM 2 juli 2013, zaaknr. 27126/11 (Nobel vs. Nederland)
Huurrecht woonruimte. Vordering tot ontbinding huurovereenkomst met veroordeling tot ontruiming en (subsidiair) tot verhoging huur. Vormen de wettelijke huurbeschermings- en huurprijsbepalingen een ongeoorloofde inbreuk op eigendomsrecht verhuurder? Art. 1 Eerste Protocol EVRM. T
Wijziging huurprijsbeleid geliberaliseerde woonruimte. Adviesrecht bewonersvereniging ogv artikel 5 Wohv en overlegovereenkomst. Verhuurder heeft niet aan mededelingsplicht ogv artikel 5 lid 2 Wohv voldaan.
Bij het aangaan van de huur heeft verhuurder bijzondere toezeggingen gedaan aan huurster ten aanzien van de te verwachten rustige woonomgeving. In strijd daarmee zijn instellingen gevestigd in het bouwblok waarin huurster is gaan wonen. Dit heeft nadelige gevolgen gehad voor zowe
Opzegging ex art. 7:274 lid 1 sub d BW na weigering voorstel tot verhoging van geliberaliseerde huurprijs van woonruimte. Relatie tot jaarlijkse indexeringen; 2 verhogingen binnen 12 maanden? Maatstaf voor beoordeling van de redelijkheid van het voorstel. Benoeming deskundige.
geliberaliseerde woonruimte; geen beperkende werking redelijkheid en billijkheid met betrekking tot contractuele huur; onvoldoende capaciteit radiatoren levert gebrek ex artikel 7:204 BW op; gebrek vanaf aanvang huurovereenkomst aanwezig; artikel 7:259 BW is niet op geliberalisee
Art. 81 lid 1 RO. (Onder)huur woonruimte. Zelfstandige woning in de zin van art. 7:234 BW?
Ontbinding huurovereenkomst. Huurprijs verschuldigd nadat gehuurde in gebruik is verstrekt, art. 7:201 lid 1 BW. Gedeeltelijk art. 81 RO.
Huur woornruimte vrije sector. Gebruik huurprijswijzigingsbeding door verhuurder. Doordat niet is aangetoond dat de voorgestelde huur overeenkomt met de marktprijs is geen redelijk voorstel gedaan als bedoeld in 7:274 lid 1 onder d. BW, ook vanwege ontbreken overgangsperiode.
Vordering tot verklaring voor recht over woningkwaliteit. Kantonrechter oordeelt dat rechtens te respecteren belang bij vordering ontbreekt. Tussen partijen bestaat geen geschil. Dat geen bestuursrechtelijke ingang openstaat is niet gebleken.
Huurzaak. Dienstwoning. Beëindiging wegens dringend eigen gebruik. Eenzijdig per 1 januari 2006 doorgevoerde huurprijsverhoging van € 365 naar € 1.000 per maand niet rechtsgeldig. Restitutie van teveel betaalde huur.
Na beëindiging door gedaagden van hun officierschap bij het Leger des Heils, biedt Leger des Heils hen een nieuwe huurovereenkomst aan ten aanzien van de tijdens officierschap in gebruik gegeven woning. Na weigering door gedaagden om deze huurovereenkomst te ondertekenen, heeft h
Huurrecht; procedure ex art. 6:240 BW; bepaling in algemene voorwaarden onredelijk bezwarend wegens strijd met de wet.
Overeenkomstenrecht. Geschil tussen verkoper en koper van een beleggingspand bestaande uit verhuurde winkel- en woonruimte over wijziging door de rechter op de voet van art. 6:230 lid 2 BW van de gevolgen van hun koopovereenkomst ter opheffing van het nadeel van de koper – een te