Verbintenissenrecht; huurrecht bedrijfsruimte. Is dit onbemande tankstation een ‘gebouwde onroerende zaak’ in de zin van art. 7:230a BW en/of art. 7:290 BW? Toepassing van HR 14 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:899 (Vliegveld Valkenburg).
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:233 BW
Genoemd in 158 uitspraken · Officiële wettekst
158 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Huurzaak; Woningcorporatie Ymere moet de door huurders aan de energieleverancier betaalde kosten voor het gebruik van een warmtepomp in het gehuurde vergoeden. De kantonrechter oordeelt dat de warmtepomp moet worden aangemerkt als onroerende aanhorigheid in de zin van artikel 7:2
Zaak roerend of onroerend; waterwoning, vereniging met de grond en vereniging is ook duurzaam.
Huur niet-geliberaliseerde woonruimte. Energielevering door verhuurder overgedragen aan gelieerde vennootschap, afrekening servicekosten ex artikel 7:259 BW of volgens Warmtewet? Appelverbod. Ten aanzien van appellante 1: bekrachtiging. Ten aanzien van appellante 2: verwerping va
Art. 96 Rv.; Art. 7:228 BW; Verhuur onbebouwde onroerende zaak; pipowagen vervangen door zelf gebouwd tiny house; verkleuring huurovereenkomst?; vereisten voor opzegging Verzoekster vraagt veroordeling tot ontruiming. In 2015 stelde verzoekster een stukje grond op haar terrein te
Prejudiciële vragen m.b.t. de verhuiskostenvergoeding van art. 7:220 lid 5, 6 en 7 BW. Volledig ingerichte en gestoffeerde wisselwoning ('logeerwoning'). 'Verhuizing' in de zin van lid 5? Inbetalinggeving (art. 6:45 BW).
Belangenafweging bij verlenging ontruimingstermijn artikel 7:230a BW. Belang van huurster (instelling voor dagbesteding) weegt op dit moment zwaarder dan het belang van verhuurster (gemeente).
Verhuur woonruimte; is WKO-installatie een onroerende aanhorigheid ex art. 7:233 BW?; maatstaf; bestanddeelvorming (art. 3:4 BW); relevantie opstalrecht; verhouding huurrecht tot Warmtewet 2014; feitelijke grondslag vordering (art. 24 Rv); terugkomen van bindende eindbeslissing;
Huurrecht. Anticipatie op gewijzigde Warmtewet. Verhuurder mag geen hoger bedrag in rekening brengen dan de daadwerkelijke kosten van verbruik; het corporatiebreed toepassen van één tarief is niet mogelijk. Kosten voor afschrijving en onderhoud van de verwarmingsinstallaties moge
Kort geding. Vraag of sprake is van een huurovereenkomst. Beroep op dringend eigen gebruik.
Ontruiming stacaravan op recreatieterrein. Huurbescherming? Huur naar aard van korte duur.
Curaçaose zaak. Familierecht. Verrekening pensioenrechten. Overeenkomstige toepassing HR 27 november 1981, ECLI:NL:HR:1981:AG4271, NJ 1982/503, Boon/Van Loon. Achterwege blijven van verrekening; eisen van redelijkheid en billijkheid. Omstandigheden van het geval.
Huurrecht. Beëindiging huurovereenkomst voormalig vliegveld. Is een landingsbaan een gebouwde onroerende zaak? Art. 7:230a BW.
Europarcs (exploitant) vordert ontruiming staanplaats van huurster op park van exploitant. Ktr: geen huurbescherming ex art. 230a BW, nu het verhuurde een kavel betreft en geen gebouwde onroerende zaak. Evenmin bescherming ex art. 7:233 BW in samenhang met 7:236 BW omdat de (adm
Huurovereenkomst voor bedrijfsruimte later verkleurd naar huurovereenkomst voor bedrijfsruimte en voor woonruimte. Splitsing niet mogelijk, de bepalingen voor woonruimte prevaleren. Huurovereenkomst niet rechtsgeldig opgezegd. De gevorderde ontruiming wordt afgewezen.
Huur woonruimte; 7:254 en 7:262 BW. Verhuurder start procedure bij de kantonrechter nadat de huurcommissie uitspraak heeft gedaan op een verzoek van de huurder tot verlaging van de huurprijs. Beslissing van de rechter gevorderd? Stelplicht; woz-waarde; energieprestatie.
kort geding, gemengde overeenkomst, kwalificatie overeenkomst, geen conversie Zonhofje arrest, geen huurbescherming onderhuurders, afwijzing contractuele boete
Huurrecht. Vaststelling kale huurprijs. Vraag of installaties in het gehuurde die eigendom zijn van een derde, mogen worden betrokken bij puntentoekenning woningwaarderingsstelsel. Vraag of er dubbel wordt betaald voor dezelfde installaties. Vraag of de verplichting in de huurove
Huurrecht. Bedrijfsruimte 7:230a BW. Toewijziing achterstallige huur en boete.
Toetsing aanvangshuurprijs woning. Huurovereenkomst ingegaan na 1 juli 2024. De WKO-installatie wordt aangemerkt als onroerende aanhorigheid bij het gehuurde. De kapitaals- en onderhoudslasten van de installatie moeten worden geacht te zijn inbegrepen in de (kale) huurprijs van h
Huurovereenkomst woonruimte. Beëindigingsovereenkomst met kwijtingsbeding onder misbruik van omstandigheden gesloten. Onterecht administratiekosten en servicekosten in rekening gebracht. Service-abonnement is onredelijk bezwarend.
De gevorderde ontruiming en retourname van de objecten zijn niet toewijsbaar. De gebruikers van de objecten zou eventueel een beroep op huurbescherming kunnen toekomen. De vordering tot betaling van de huurachterstand evenals betaling van de toekomstige huurpenningen is in dit ge
Verzoekers huren ieder een (schuur)woning van verweerders; bedrijfsruimte of woonruimte?
Mondelinge uitspraak. Geliberaliseerde huur woonruimte. WKO-installatie. Artikelen 7:233 en 237 lid 2 BW. Onroerende aanhorigheid. Ongerechtvaardigde verrijking. Vorderingen huurder afgewezen. Het betreft geliberaliseerde huur. Partijen zijn daarom niet gebonden aan (de wettelijk
Huurder heeft ontruimingsbescherming van twee maanden, ingevolge artikel 7:230a BW. In lijn daarmee worden de vorderingen toegewezen.