Huur bedrijfsruimte. Tijdens de looptijd van de huurovereenkomst verkoopt de verhuurder het bedrijfspand onder voorbehoud van het recht van gebruik en bewoning. Wie is opzeggingsbevoegd, de zakelijk gerechtigde, de bloot eigenaar of gezamenlijk? Hoe moeten de opzeggingsgronden wo
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:226 BW
Genoemd in 344 uitspraken · Officiële wettekst
344 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Huur bedrijfsruimte. Wie is huurder: dga of BV? Geen B.V.i.o. Art. 6:159 BW. Bewijsopdracht over afspraken. De huurovereenkomst wordt in tweeën gesplitst. Zijn er dan ook twee boetes verschuldigd bij te late betaling van de huur?
Huurrecht, branchebescherming bij contractovername, dwaling slaagt niet, deskundige benoemd voor onvoorziene omstandigheden.
Kort Geding. Ingangsdatum huurovereenkomst terzake bedrijfspand t.b.v. supermarkt. Niet nakomen exploitatieverplichting.
Hoewel appellante in hoger beroep in het gelijk wordt gesteld, wordt zij toch in de proceskosten van het hoger beroep veroordeeld. Als zij haar vordering in het geding in eerste aanleg meteen deugdelijk zou hebben onderbouwd, zou die vordering al in eerste aanleg zijn toegewezen.
Huur woonruimte.
Kort geding. Huur bedrijfsruimte. De huurovereenkomst bepaalt dat de huurder het recht heeft de huurovereenkomst eenzijdig te beëindigen als van het overige verhuurbare vloeroppervlak in het winkelcentrum minimaal zes maanden meer dan 50% leegstaat. Verhuurder: exact 50% staat le
Executoriaal beslag kan worden gelegd ten aanzien van een vordering tot schadevergoeding op te maken bij staat, waarvan het beloop nog niet is bepaald.
huurovereenkomst The Wall, overeengekomen gebruik van het gehuurde en toegestaan gebruik volgens het bestemmingsplan, opschorting van de huurbetaling met het oog op verrekening, opvolgend verhuurders
Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte door verhuurder wegens dringend eigen gebruik (art. 7:296 lid 1 onder b BW). Redelijke belangenafweging (art. 7:296 lid 3 BW). Wachttijd (art. 7:296 lid 2). De Hoge Raad bepaalt nieuwe datum einde huuroveree
De exploitatie van het café-restaurant in Noordpolderzijl wordt na het overlijden van de uitbaatster voortgezet door de erfgenamen. De verhuurder (een stichting, die ook eigenaar is) heeft de huur opgezegd. Omdat de erfgenamen niet hebben ingestemd met de huuropzegging, is de zaa
Beslag op huurtoeslag.
Pandrecht op lidmaatschapsrecht coöperatie, huurbeding, executie. Art. 3:264 BW van overeenkomstige toepassing? Waarborgen openbare registers, art. 3:260 lid 1 BW.
Nakoming van verplichtingen uit huurovereenkomst. 7:201 BW wat is huur?
De kantonrechter overweegt dat in het licht van de ratio en strekking van artikel 7:226 BW ('koop breekt geen huur') geen principieel onderscheid gemaakt kan worden tussen de huurder aan wie op het moment van de eigendomsoverdracht van het gehuurde het genot reeds verschaft is en
Werkgeversaansprakelijkheid. Verzuim voormalige werkgever een WAO-gatverzekering voor werknemer af te sluiten. Verplichting tot schadevergoeding gaat niet zonder meer over op opvolgend werkgever. Oordeel hof dat opvolgend werkgever gehouden was de uit bedoeld verzuim voortvloeien
beëindiging huurovereenkomst woonruimte met stallingsmogelijkheid paarden wegens dringend eigen gebruik als bedoeld in art. 7:274 lid 1 sub c BW.
Huur bedrijfsruimte. Juridische versus economische eigendom. Artikel 7:226 BW: "Overdracht van de zaak waarop de huurovereenkomst betrekking heeft [...] door de verhuurder doen de rechten en verplichtingen van de verhuurder [...] overgaan op de verkrijger." De enkele economische
Vordering in kort geding tot ontruiming van gehuurd benzinestation afgewezen. Onvoldoende aannemelijk geworden dat regiem van ongebouwd onroerend goed op de huurovereenkomst van toepassing is.
Beroep op gezag van gewijsde (art. 236 lid 1 Rv) ten aanzien van een overweging in een eerder vonnis gaat in dit geval niet op omdat het in die overweging neergelegde oordeel niet dragend was voor de beslissing op het geschilpunt dat partijen in de betreffende procedure aan de re
Eiswijziging na enquête; strijd met goede procesorde; opschortingsrecht t.a.v. bepaling huurprijs jegens nieuwe eigenaar voor het gehuurde.
Huurrecht. Ontbinding huurovereenkomst woonruimte wegens ernstige tekortkoming tegenover verhuurder voordat huurder in huwelijk trad; rechtsgevolgen van beëindiging voor de echtgenote als medehuurder in de zin van art. 7:266 BW.
1e tussenarrest. Schade aan gehuurde bedrijfsruimte
Schending mededelingsplicht: verkoper van een winkelcentrum heeft koper vóór het sluiten van de koopovereenkomst ten onrechte niet gemeld dat een van de huurders eerder een schadeclaim bij verkoper had ingediend. Verkoper kan in dit geval geen beroep doen op onderzoeksplicht kope
Huur van bedrijfsruimte. Eigendomsoverdracht door verkoop doet de huurovereenkomst overgaan op de koper (7A 1612 (oud) BW en 7: 226 BW).