De vordering ziet op betaling van stookkosten van het voorgaande jaar. De oude verhuurder is niet gerechtigd om betaling van deze kosten te vorderen. Deze rechten zijn namelijk met de eigendomsoverdracht van het gehuurde overgaan op de nieuwe huurder
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:226 BW
Genoemd in 344 uitspraken · Officiële wettekst
344 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Huurrecht, geen expliciete en ondubbelzinnige huurovereenkomst. Het indexeren van de huurprijs met terugwerkende kracht door de huidige verhuurder is niet mogelijk nu door de voormalig verhuurder bewust de keuze is gemaakt hiervan af te zien.
Verhuur bedrijfsruimte. Terugbetalingsplicht borg van opvolgend verhuurder. Indexatie, rechtsverwerking en andersluidende afspraken. Schadevergoeding wegens leegstand.
Geschil over beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte en ontruiming. Geen sprake van opvolgend verhuurderschap/contractsovername.
Omgevingsvergunning Welkoop Hoogezand Procesbelang, belanghebbende, stedelijk ontwikkelingsproject, ongeschreven calamiteitenovergangsrecht, de oppervlakte en aard en de omvang van de bebouwing, betere positie.
Artikel 7:224 BW. Wanneer verhuurder bij aanvang van de huur in strijd met een beding in de huurovereenkomst geen schonegrondverklaring afgeeft, heeft hij geen belang bij afgifte daarvan door de huurder bij beëindiging van de huur. Vaststellingsovereenkomst als titel voor een ces
De huurder was eerder eigenaar van de jachthaven. Hij heeft de jachthaven verkocht en gedeeltelijke terug gehuurd. De nieuwe eigenaren komen hun hypothecaire verplichtingen tegenover de bank niet na, waarna de jachthaven wordt geveild. De veilingkoper roept huurbeding in en acht
Huurovereenkomst bedrijfsruimte. Door eigendomsoverdracht eindigt de huurrelatie tussen partijen. Beroep op opschorting van de huur en verrekening met de waarborgsom, slaagt niet. Achterstallige huurindexering wordt toegewezen.
Eiseres 1 heeft geen huurrelatie met gd, reeds hierom afwijzing vordering. Procedure in hoger beroep tussen eiseres 2 en gd afwachten. Bovendien bewijs nodig voor vraag of gevorderde ontruiming stand houdt in bodemproce, kg leent zich daar niet voor.
Gedaagde (verhuurder) is ogv art 7:226 lid 1 BW gebonden aan afspraak onbelaste huur. Eisers hebben koopovk mbt de inventaris overgelegd. Gedaagde heeft niet geconcretiseerd dat vorige verhuurder nog eigenaar was. Eigendomsrecht inventaris ligt bij eisers
Artikel 7:226 lid 1 en 3 BW. Is koper van verhuurde zaak gebonden aan voorkeursrecht van koop van huurder? Zie Vendex-arrest.
7:226 BW; strekking later afspraak; sprake van beding waaraan opvolgend verhuurder is gebonden?
Huurder van kantoorruimte beroept zich rechtsgeldig op opschorting van zijn verplichtingen tot betaling van huur op grond van artikel 6:37 BW, omdat naast de verhuurder van de kantoorruimte ook de Vereniging van Eigenaren van het kantoorgebouw, en de bank (op grond van een pandre
Uitleg beding “tegen algehele en finale kwijting”.
Incidentele vordering tot schorsing ex art. 225 Rv. Schorsing terecht ingeroepen. Sprake van rechtsopvolging onder bijzondere titel. Derde heeft processuele positie van appellanten overgenomen. Hoofdzaak in 2016 geroyeerd en in 2019 opnieuw aangebracht. Hof verstaat dat procedure
huur bedrijfsruimte 7:290 BW; huurovereenkomst is opgezegd; gebrekkige exploitatie supermarkt in gehuurde; grond voor ontruiming in kort geding? Belang van verhuurder.
Geschil over in 1990 gesloten huurovereenkomst met betrekking tot woning aan de [weg] 1 te [plaats]. Onder het gehuurde vallen niet de tegen de woning gebouwde berging/bedrijfsruimte ([weg] 3) en het daartegen gebouwde ‘molenhuis’ met de watermolen ([weg] 5). De huurder van de wo
Totstandkoming huurovereenkomst dan wel onrechtmatig afbreken van onderhandelingen?
Ontbinding huurovereenkomst met betrekking tot rijksmonument "Genneper Watermolen". Tekortkoming in de nakoming door huurder van de maalverplichting.
Kort geding. Vordering tot opheffing conservatoire (derden)beslagen afgewezen. Voorshands wordt aangenomen dat Promontoria thans de contractspartij is van DMB c.s. en ook gerechtigd is tot de aan Van Lanschot verstrekte zekerheden. Niet is gebleken dat de vordering van Promontori
Vaststelling huurprijs door bindend adviseurs. Adviseurs waren in het licht van art. 7:904 lid 1 BW niet gehouden een conceptrapport aan partijen voor te leggen. Bindend vastgestelde huurprijs blijft in stand.
Huurrecht. Huurder kan huur niet verrekenen omdat de nieuwe eigenaar/verhuurder mocht aannemen dat huurder jegens hem afstand heeft gedaan van een recht op verrekening. Het tussen de oude eigenaar/verhuurder en huurder gemaakte verrekeningsbeding is daarnaast geen deel uit gaan m
Huurrecht. Caribische zaak. Art. 7:226 BW Sint Maarten (‘koop breekt geen huur’). Overdracht van gedeelte van verhuurd perceel. Gaan rechten uit huurovereenkomst over op verkrijger van dat gedeelte? Gevolgen voor betaling huurprijs. Overgangsrecht. Concordantiebeginsel.
Huurovereenkomst roerende zaken waarbij moedermaatschappij van huurder zich als medehuurder hoofdelijk aansprakelijk heeft gesteld voor de huurbetalingen. Daarna verkoopt de moedermaatschappij de aandelen in de huurder/dochteronderneming aan een derde. Aan de verhuurder wordt op
Geen bestuurdersaansprakelijkheid omdat het perspectief dat de bestuurder in de onderneming zag niet van elke realiteit was gespeend. Niet is komen vast te staan dat bij de onderneming sprake was van een uitzichtloze situatie.