Ontbinding van een huurovereenkomst (woning) na een brand op grond van artikel 7:210 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:210 BW
Genoemd in 141 uitspraken · Officiële wettekst
141 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
huurrecht; onderhoudsverplichtingen huurder; (buiten)gerechtelijke ontbinding huurovereenkomst; huuropzegging
Een huurster van een woning in Amsterdam-West mag daar terugkeren nu de woning na een brand is hersteld.
Huur woonruimte die lijdt aan gebrek dat ex art. 7:206 lid 1 BW in beginsel door verhuurder moet worden verholpen, maar uitgaven vergt die redelijkerwijs niet van verhuurder zijn te vergen. Gebrek maakt genot dat huurder mag verwachten geheel onmogelijk, zodat ontbinding krachten
Brandschade in huurwoning. Is sprake van gebrek waarvan verhuurder niet verplicht is dit te verhelpen? Artikelen 7:210 en 7:206
kort geding. Huur bedrijfsruimte. Herstelverplichting verhuurder na brand.
buitengerechtelijke ontbinding huurovereenkomst exploitatierecht nu genot gehuurde geheel onmogelijk is geworden door afbranden recreatiegebouw (artikel 7:210 BW). Dat er een alternatief aanwezig is, maakt dit niet anders nu het gaat om genot van het gehuurde.
gebrek in de zin van artikel 7:204 BW, wanneer veiligheidsgebreken verdere kamerverhuur beletten? Nadere afspraak tussen huurder en verhuurder met betrekking tot onderhoud.
Huur woonruimte. Dringend eigen gebruik i.v.m. sloop/renovatie. Vaststellingovereenkomst in ontruimingszaak maakt geen einde aan geschil in bodemzaak.
Huurovereenkomst rechtsgeldig opgezegd? artikel 108 lid 2 WPO (nodig voor eigen gebruik). redelijkheid en billijkheid.
Huur bedrijfspand. Brandschade. Aangezien er geen sprake is van een toerekenbare tekortkoming aan de zijde van verhuurders - het tijdelijk niet bruikbaar zijn van de verhuurde unit 47H is immers het gevolg van overmacht - kon ontbinding door huurders enkel op grond van artikel 6:
Ontruiming gevorderd van bakkerij vanwege gevaarlijke situatie aldaar.
Bedrijfsruimte ( 7:290 BW), gebreken: geen ontbinding huurovereenkomst bedrijfsruimte na brand.
In een bedrijfsruimte die Schuitema Vastgoed B.V. huurde van Bun Vastgoed B.V. en onderverhuurde aan een exploitant van een C-1000 supermarkt heeft brand gewoed. Sindsdien is het onmogelijk in het gehuurde een supermarkt te exploiteren. Bun heeft de huurovereenkomst met Schuitema
Bestaat er voor een sociaal verhuurder de verplichting vervangende woonruimte aan te bieden nadat een gehuurde woning door brand is vergaan en de huur deswege is ontbonden op de voet van art. 7:210 BW?
Tenietgaan van het gehuurde door brand. Verhuurder maakt gebruik van het bepaalde in artikel 7:210 lid 1 BW. Voorshands is niet uit te sluiten dat verhuurder direct of indirect betrokken is geweest bij de brand, waardoor het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanva
Het hof oordeelt met de kantonrechter dat de door [appellant] te plegen investeringen om de huisjes weer bij de tijd te brengen - waarbij alsdan uitgegaan moet worden van samenvoeging, omdat het via de voordeuren van bijvoorbeeld badkamer naar keuken te moeten lopen niet van deze
Artikel 7:210, lid 1, BW. Ontbinding huurovereenkomst nadat de woning volledig is afgebrand en daardoor niet meer voor bewoning geschikt is. Heeft de verhuurder vervolgens de plicht om de huurders andere (passende) woonruimte aan te bieden. De kantonrechter is van oordeel dat de
Vordering van verhuurder tot ontbinding van een huurovereenkomst woonruimte wegens de onbewoonbare staat van die woonruimte en het feit dat de kosten van herstel niet rendabel zijn. De huurder vordert daar tegenover herstel van de gebreken. Nu de huur niet is opgezegd wegens drin