Nakoming kwalitatieve verplichting en kettingbeding in akte levering Kloosterkapel; gebruik van de Kloosterkapel na verkoop en levering van het Kloostercomplex door Congregatie; uitleg van het in de kwalitatieve verplichting opge¬nomen begrip ‘enige vorm van horeca’ en uitleg boe
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:94 BW
Genoemd in 1.436 uitspraken · Officiële wettekst
1.436 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Financieringsvoorbehoud. Koper heeft onvoldoende voldaan aan de op haar rustende inspanningsverplichting. Geen aanleiding contractuele boete te matigen.
Aandelenoverdracht. Geen vernietiging overeenkomsten/notariële akte op grond van bedrog en/of dwaling. Rechtsbetrekking die verplicht tot een voor alle gedaagden gelijke beslissing. Opzegging partner- en aandeelhoudersovereenkomst. Aanbiedingsplicht aandelen.
Eisers hebben een woning gekocht van de Stichting Eelder Woningbouw. Na aankoop worden er scheuren ontdekt en blijkt dat er sprake is van een constructiefout van het dak. Eisers spreken de Stichting aan tot vergoeding van hun schade. De Stichting voert aan dat de scheuren kenbaar
uitleg overeenkomst projectontwikkeling, matiging boetebeding tot nihil
Huur woonruimte. Ontbinding en ontruiming. Verboden onderverhuur via Air BNB. Aansprakelijkheid huurster voor gedragingen van een derde. Contractuele boete geen onredelijk bezwarend beding, niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. Matiging contractuele
arbeidszaak; non-concurrentiebeding in vaststellingsovereenkomst; gebondenheid door handtekening advocaat; klachtplicht werkgever bij overtreding non-concurrentiebeding? wanprestatie werknemer; onrechtmatige daad nieuwe werkgever; eenzijdige wijziging winstverdelingsregeling.
Q-Park, treintje rijden
Kanton. Huur. Uitleg boetebepaling zoals opgenomen in de algemene bepalingen huurovereenkomst kantoorruimte. Matiging van de boete.
Zonder betalen de parkeergarage verlaten (32 keer 'treintje rijden'). Exploitant vordert schadevergoeding middels boetebedingen. Algemene voorwaarden zijn wél van toepassing: redelijke mogelijkheid tot kennisneming geboden, geen oneerlijke bedingen in de zin van Richtlijn 93/13/E
Huur bedrijfsruimte. Geen misbruik van omstandigheden bij totstandkoming huurovereenkomst. Beroep op dwaling slaagt evenmin. Huurovereenkomsten café en bovengelegen ruimte worden ontbonden. Geen reflexwerking 6:236 en 6:237 BW.
Art. 81 lid 1 RO. Vermogensrecht. Boetebeding. Matiging (art. 6:94 BW); strekking boetebeding. Grenzen rechtsstrijd.
Vordering SNCU op uitzendbureau ter zake van niet-naleving van CAO’s. Geen aansprakelijkheid bestuurders.
Effectenlease. Voornemen tot het stellen van een prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Is art. 6 Bijzonder voorwaarden effectenlease een oneerlijk beding als bedoeld in de Richtlijn 93/13 EEG van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten? Zie ECLI:NL:G
Ontbinding door Proximedia van de overeenkomst wegens wanprestatie (wanbetaling) door de contractant. Geen matiging ‘verbrekingsvergoeding’.
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Buitengerechtelijke incassokosten. Vallen buitengerechtelijke incassokosten (art. 6:96 lid 2 onder c BW) onder het begrip ‘kosten’ in art. 6:44 lid 1 BW? Strekking art. 6:44 BW (en art. 1433 (oud) BW). Bevoegdheid rechter om in B2B-relatie buite
Opdrachtovereenkomst tot ontwikkeling van een website. Was opdrachtneemster bekend met beschermingsbewind waaronder opdrachtgeefster was gesteld? Heeft schriftelijke opzegging de opdrachtneemster bereikt?
Concurrentiebeding in taxibranche
Anders dan de eerste rechter oordeelde, komt geen reflexwerking aan de Colportagewet toe ten aanzien van een natuurlijke persoon die handelt in het kader van beroep of bedrijf. Overeenkomst strekkende tot verrichten van diensten inzake "informatica" voor vier jaar tegenover maand
Huurzaak. Illegale onderverhuur van woonruimte gedurende langere tijd aan diverse personen. Winstafdracht en (door de verhuurder reeds gematigde) boete toegewezen.
Arbeidsrecht. CAO. Mogelijkheid om in een algemeen verbindend verklaarde CAO de bevoegdheid tot het instellen van vorderingen wegens niet-naleving van die CAO te delegeren aan een privaatrechtelijke rechtspersoon, art. 3 Wet AVV en art. 15 Wet CAO. Verhouding tot bevoegdheid mini
Het boetebeding dat is neergelegd in artikel 20.6 van de Algemene Bepalingen Huurovereenkomst Woonruimte, ROZ-model 2003, levert in het onderhavige geval een buitensporig een dus onaanvaardbaar resultaat op, zodat matiging van de boete op de voet van artikel 6:94 lid 1 BW geïndic
verbrekingsvergoeding, Colportagewet, reflexwerking, dwaling
Proximedia
Algemeen civiel recht Overeenkomst.