Koop onroerende zaak. Boete wegens niet tijdig storten waarborgsom, schadevergoeding wegens niet tijdig betalen koopprijs. Verzuim en ingebrekestelling. Geen schuldeisersverzuim na beslaglegging door eerder verzuim schuldenaar: geen bereidheid en gereedheid tot betaling. Uitleg '
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:92 BW
Genoemd in 603 uitspraken · Officiële wettekst
603 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 13 · live
Koop. Geschil over de betaling van een contractuele boete en vergoeding van schade als gevolg van niet-nakoming dan wel ontbinding van een koopovereenkomst met betrekking tot onroerende zaken en aandelen in besloten vennootschappen; mededelingsplicht van de verkoper (81 RO).
Geschil inzake ontbinding koopoverenkomst woning wegens vochtproblemen. Bezwaren tegen deskundigenonderzoek in opdracht van rechtbank ongegrond. Beroep op wederzijdse dwaling afgewezen. Matiging boete.
Faillissementsrecht. Geschil tussen curatoren in diverse faillissementen, samen met de ontvanger, en de rechtsopvolger van een schuldenaar over de vraag of de curatoren c.s. na een ten onrechte gelegd conservatoir derdenbeslag aansprakelijk zijn voor de schade die de schuldenaar
Overeenkomst; meerwerk; fatale termijnen; verzuim; wanprestatie; nadere overeenkomst; ontbinding.
In de wanverhouding tussen de boete en de door de verkoper geleden schade wegens het niet nakomen door de koper van de overeenkomst, wordt aanleiding gezien de door de koper verbeurde boete te matigen tot 2/3 van het bedongen bedrag. Aangezien partijen in hun koopakte uitdrukkeli
In dit geschil draait het om de vraag of gedaagden de koopovereenkomst met eiser op goede grond buitengerechtelijk hebben kunnen ontbinden en in het ontkennende geval of zij op grond daarvan gehouden zijn een contractuele boete en schadevergoeding te betalen.
12 november 2004 Eerste Kamer Nr. C03/183HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: DE STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR VOOR HET BEHEER VAN DE AANDELEN CAG, gevestigd te Hurwenen, gemeente Maasdriel, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n 1. [Verwe
Het hiervoor overwogene, in onderling verband en samenhang beschouwd, leidt het hof tot het oordeel dat de billijkheid klaarblijkelijk eist dat het door [principaal geïntimeerde] verbeurde boetebedrag van minimaal fl. 970.000,-- (97 x fl. 10.000,--) wordt gematigd. De door de rec
beroep op beding terugverkoop. Voorwaarde vervuld?
-
-