Intellectuele eigendom; auteurs- modellen- en merkenrecht; relatie uitspraak bodemrechter - appel KG; IPR: bevoegde rechter; (dreigende) inbreuk op auteursrechten van G-Star op de Elwood-broek door H&M: verschillen doen niet af aan gelijkenis totaalindruk
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:6 BW
Genoemd in 359 uitspraken · Officiële wettekst
359 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
-
Ondernemingsrecht. Faillissementsrecht. Curator van failliete vennootschap onder firma spreekt vennoten aan, volgens hof in de kern: (i) tot betaling van schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad door wijze waarop vennoten 'de vof hebben bestuurd' (Peeters q.q./Gatzen-acti
Terugvordering van pgb-gelden. Verzekerde heeft niet voldaan aan de verplichting tot het verschaffen van inlichtingen en bescheiden. Verzekerde moet de uitgekeerde pgb-gelden als onverschuldigd betaald aan de zorgverzekeraar terugbetalen. Zoon van verzekerde trad op als gemachtig
Rechtspersonenrecht; juridische splitsing. Pauliana (3:45 BW). Verbintenissenrecht (art. 6:6 BW). Aansprakelijkheid verkrijgende rechtspersonen voor verbintenissen van splitsende rechtspersoon (art. 2:334t BW). Kan voor toepassing van art. 2:334t lid 2 BW op gesplitste rechtspers
3:166, 6:6, 6:10 BW. Vermogensrechtelijke afwikkeling ex-samenwoners. Onderneming en woning. Volgens de rechtbank is geen sprake van een vof maar van een eenmanszaak van de man. Ongelijke bijdrage in financiering gezamenlijke woning leidt niet tot een vergoedingsrecht.
Aansprakelijkheid andere echtgenoot voor verbintenissen aangegaan ten behoeve van de gewone gang van de huishouding (art. 1:85 BW); toepasselijkheid art. 1:85 BW op verbintenissen uit geldlening; verjaringstermijn; buitengerechtelijke kosten; tijdig verstrekken proces-verbaal.
aansprakelijkheid voormalig bestuurders woningstichting; betalingen/onttrekkingen zonder rechtsgrond; tegenstrijdig belang woningstichting en bestuurder; onverschuldigde betaling; ongerechtvaardigde verrijking; bestuurdersaansprakelijkheid; ernstig verwijt; verjaring.
Letselschadezaak: de benadeelde is aangereden door een lijnbus en heeft daardoor hersenletsel opgelopen, waardoor hij niet meer zelfstandig voor zichzelf kan zorgen. De benadeelde wordt op dit moment door zijn ouders, in een mandelzorgwoning gebouwd aan het ouderlijk huis, verzor
Art. 15aj, lid 2, Wet Vpb. Geen afwaardering van vordering uit hoofde van hoofdelijke aansprakelijkheid OB-schuld ex artikel 43, lid 2, IW 1990. Proceskostenvergoeding in eerste aanleg correct vastgesteld.
Vereffening, informatieplicht vereffenaar, Legitieme portie, omvang van de nalatenschap, stelplicht, gift, quasi-legaat, economische eigendom, vruchtgebruik.
Verbintenissenrecht. Prejudiciële vragen verband houdend met trits ‘hoofdelijke aansprakelijkheid’, ‘draagplicht’ en ‘regres’ bij verstrekking van lening of krediet en betrokkenheid van diverse, gelieerde vennootschappen.
Een van beide gedaagden heeft in eerste aanleg en in hoger beroep verstek laten gaan, terwijl het geding geen ondeelbare rechtsverhouding betreft. De kantonrechter heeft ten onrechte geen toepassing gegeven aan de slotwoorden van artikel 139 Rv, maar de eiser heeft daartegen geen
Verklaringsprocedure. Vorderingen toegewezen.
WHOA zaak. Aanwijzen herstructureringsdeskundige. Afkoelingsperiode.
Onbevoegde vertegenwoordiging VvE door bestuurder. Geen stilzwijgende bekrachtiging. Samenlopende verbintenissen; geen hoofdelijke verbondenheid, nu vorderingen tegen gedaagden gebaseerd zijn op verschillende rechtsgronden.
Huurrecht. Bedrijfsruimte als bedoeld in art. 7:290 BW. (On)bevoegde onderverhuur? Onrechtmatig gebruik?
Arbeidsongeval. Val bij de voorbewerking van te spuiten zaken. Vervolg op ECLI:NL:GHSHE:2021:2839. De werkgever is aansprakelijk voor de gevolgen van het ongeval. Geen eenvoudige voorziening getroffen om te voorkomen dat werken op hoogte nodig was (langere haken om een te bewerke
Kwalificatie overeenkomst.
Faillissement VOF. Vennoten aansprakelijk gesteld door curator voor de schade (het faillissementstekort) op grond van een gepleegde onrechtmatige daad tegenover de VOF. Vennoten stellen dat het faillissement te wijten is aan een zorgverzekeraar die haar betalingsverplichting jege
Samenvatting. Hoofdzaak en vrijwaring. Internationaal geschil. Rechtsmacht, betekening en verstekverlening. Artikel 1:88 BW. Naar het oordeel van de rechtbank hebben de tussen partijen gesloten overeenkomsten naar hun inhoud en strekking geen andere betekenis dan die van geldleni
Erfrecht. Tweetrapsmaking. Erflater heeft door een tweetrapsmaking zijn partner tot erfgenaam benoemd (bezwaarde) en zijn twee kinderen tot erfgenamen onder ontbindende voorwaarde (verwachters). Zijn ‘derde kind’ heeft erflater onterfd; deze beroept zich op zijn legitieme. De par
Nakoming kwalitatieve verplichting en kettingbeding in akte levering Kloosterkapel; gebruik van de Kloosterkapel na verkoop en levering van het Kloostercomplex door Congregatie; uitleg van het in de kwalitatieve verplichting opge¬nomen begrip ‘enige vorm van horeca’ en uitleg boe
de opzegging van de duurovereenkomst (franchiseovereenkomst), conform de opzeggingsregeling in die overeenkomst (met uitsluitend voorschriften inzake de opzegtermijn en een uitsluiting van iedere aanspraak op een financiële vergoeding voor de franchisegever) is, gelet op de eisen
Obligatie-uitgevende instellingen en hun bestuurder worden aangesproken door een belegger. Vernietiging van de overeenkomsten met de instellingen op grond van dwaling en oneerlijke handelspraktijk. De bestuurder is geen “handelaar” in de zin van artikel 6:193a lid 1 sub b BW. De