Schuldeisersverzuim.
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:39 BW
Genoemd in 55 uitspraken · Officiële wettekst
55 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Uitleg exploitatieovereenkomst. Vordering verjaard (art. 3:307 lid 1 BW)? Samenhang met 20/01468.
Is voldaan aan geldleningsovereenkomst doordat de ouders van de geldgever het leenbedrag hebben betaald aan de schuldeisers van de geldlener? Wanneer is de vordering tot terugbetaling opeisbaar nu partijen geen duidelijke afspraken hierover hebben gemaakt?
Verkeerde partij gedagvaard. Toch een inhoudelijke beoordeling
Vordering tot betaling van online bestelde goederen is niet opeisbaar als goederen bij de voerbuurman zijn bezorgd.
Niet gefactureerd onderhanden werk niet toewijsbaar. In AV overeengekomen betalingstermijn van 30 dagen vanaf factuurdatum. Factuurdatum ontbreekt. Art 6:38 BW niet van toepassing, art 6:39 lid 1 BW belet vorderen eerdere nakoming.
Einde affectieve samenleving. Opvolgende woningen eigendom van de man. Overeenkomst financiële afwikkeling woning A. In geschil of die ook betrekking heeft op de latere woning B. Haviltex-criterium. Verrekening.
Beroep op eigendomsvoorbehoud (beroep slaagt niet). Uitoefening van recht van reclame (artikel 7:39 BW). Bepaling of sprake is van gehele of gedeeltelijke niet-betaling (artikel 7:39 BW). Bepaling van de reclameringstermijn (artikel 7:44 BW). Het probleem van oneigenlijke vermeng
Leningen of schenkingen tussen familieleden. Toepassing artikel 7A:1798 BW (inmiddels vervallen).
Vordering van cliënt op Stichting derdengelden van advocatenkantoor blijft onbetaald - stichting wordt opgeheven - vraag naar aansprakelijkheid advocaat als bestuurder van de stichting - verjaring
Afwikkeling samenwoning. Eenvoudige gemeenschap van een woning. Overbedelingsschuld staat vast. Beslag loon gelegd op grond notariële akte van verdeling. In geschil is of de vordering wegens overbedeling wel opeisbaar is. Artikel 6:83 BW. Haviltex. Nader overleg was afgesproken.
Kort geding. Inbreuk op eigendomsrecht, revindicatie (afgifte handelsvoorraad). Rechtsgeldigheid van het beroep op het opschortings- dan wel retentierecht (artikel 3:290 BW jo. 6:52 BW). Bestaan van duurovereenkomst, de ‘opeisbaarheid’ van het hieruit voortvloeiende vorderingsrec
Geldlening of schenking? Tijd van nakoming bepaald? Artikel 6:39 BW.
Deze zaak gaat over de vraag of de failliet een opeisbare vordering uit hoofde van een leningsovereenkomst heeft op de gedaagde partij. De vraag of de vordering opeisbaar is wordt beantwoord aan de hand van de Haviltex-maatstaf en artikel 6:248 lid 1 BW. Vervolgens komt aan de or
Nakomingsvordering uit hoofde van verdeling van gemeenschappelijke woning. Geschil omtrent verdeling gemeenschappelijke woning na beëindiging samenlevingsovereenkomst. Partijen hebben ter comparitie in 2010 een overeenkomst gesloten, waarbij overwaarde van de nog niet verkochte g
Schadestaatprocedure. Schade SGR in verband met uitkering aan gestrande reizigers wegens faillissement touroperator. Schade kan niet nauwkeurig worden vastgesteld en wordt geschat.
Aanvankelijke overeenkomst tot geldlening - waarin een beperkte bevoegdheid tot vervroegde aflossing was opgenomen - wordt gewijzigd, waarna van de tekst van de overeenkomst een bevoegdheid tot vervroegde aflossing geen deel meer uitmaakt. Dwaling? Reikwijdte artikel 6:39 lid 1 B
Staat het karakter van een overbruggingskrediet in de weg aan tussentijdse opzegging? Opschortende voorwaarde of tijdsbepaling.
bewijswaardering, verbintenis onder tijdsbepaling, ten onrechte inroepen bankgarantie, niet onrechtmatig
Verkoop global notes van [C] kan niet afgewikkeld worden vanwege surseance van betaling van koper, [D]. Beleggingsgiro heeft vooruitlopend op afwikkeling van die verkoop de verkoopopbrengst reeds gecrediteerd ten gunste van verkoper notes. Creditering heeft plaatsgevonden onder d
Betalingsonmacht Nederlandse reisorganisator, aangesloten bij Stichting Garantiefonds Reisgelden (SGR). Rechtstreeks beroep op SGR door Turkse agent van reisorganisator. Toezegging SGR tot vergoeding van door reisorganisator niet betaalde facturen van agent voor ter plaatse verbl
Verbintenis onder tijdsbepaling. Beroep op artikel 6:40 sub b BW waarin wordt bepaald dat de schuldenaar de tijdsbepaling niet meer kan inroepen indien hij in gebreke blijft de door hem toegezegde zekerheid te verschaffen. De rechtbank heeft – kort samengevat – geoordeeld dat een
Verboden staatssteun; nietigheid overeenkomst; onverschuldigde betaling.
Overeenkomstenrecht. Geldlening Staat aan Postbank; mogelijkheid van vervroegde aflossing krachtens art. 5 lid 1 Postbankwet.
WAV; illegale werknemers; boete; regres; eigen schuld