Echtscheiding. Huwelijkse voorwaarden. Geval waarin aan periodiek verrekenbeding tijdens huwelijk geen uitvoering is gegeven. Omzetting in finaal verrekenbeding (vgl. HR 6 december 2002, LJN AE9241, NJ 2005/125 en art. 1:141 BW). Uit omzetting voortvloeiende vordering ontstaat (b
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:38 BW
Genoemd in 427 uitspraken · Officiële wettekst
427 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
-
Een premievordering van het bedrijfstakpensioenfonds in de glazenwassersbranche is aan te merken als een periodieke vordering in de zin van artikel 3:308 BW en verjaart na verloop van vijf jaar na aanvang van de dag waarop de vordering opeisbaar is geworden. Het Uitvoeringsreglem
Overeenkomstenrecht. Procesrecht. Is in koopovereenkomst bouwplicht overeengekomen? Uitleg overeenkomst. Exhibitievordering ex art. 843a Rv. Rechtmatig belang voldoende aannemelijk? Wanneer bestaat plaats voor aanvullen van rechtsgronden (art. 25 Rv)?
Vergoedingsrecht vrouw wegens aflossing € 212.000,-- op hypotheekschuld gemeenschappelijke woning (ongerechtvaardigde verrijking). Verjaringsverweer faalt: vordering vrouw werd pas opeisbaar na verbreken relatie. Verrekeningsverweer slaagt: man heeft woning grondig verbouwd en da
Waardering onderneming: DCF-methode en/of liquidatiewaarde. Deskundigenrapport.
Schadevergoeding; verjaring. Vaststellingsovereenkomst met voorbehoud voor bepaalde toekomstige schade. Voorwaardelijke vordering? Aanvullen van rechtsgronden. Verjaring o.g.v. art. art. 3:307 lid 2 BW; aanvangsmoment. Bewijs dat voldaan is aan voorwaarde in voorbehoud, ondanks v
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van 2:9 BW van de direct bestuurder en aansprakelijkheid op grond van 6:162 BW van de indirect bestuurder. Zij hebben namens de vennootschap grote leningen verstrekt aan de persoonlijke vennootschap van de indirect bestuurder en aan de indire
Premievordering Bpf Schoonmaak is een periodieke vordering in de zin van artikel 3:308 BW en verjaart door verloop van vijf jaren na aanvang van de dag, volgende op die waarop de vordering opeisbaar is geworden. Het uitvoeringsreglement bevat een termijn voor nakoming. Artikel 26
Botsende rechten op levering; Vaststellingsovereenkomst;, Verzoek terugkomen op bindende eindbeslissing.
Agrarische erfpacht. Aanspraak van de erfverpachter met betrekking tot fosfaatrechten? In welke zin moet de regel van aanvullend recht met betrekking tot pacht en fosfaatrechten worden opgevat? Moment van ontstaan respectievelijk van opeisbaarheid van de aanspraak van de erfverpa
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde part
Prejudiciële vragen. Betaling door middel van Afterpay. Toepasselijkheid van afd. 7.2A.1 BW over consumentenkrediet. Is uitstel van betaling een kredietovereenkomst? Kosten in de zin van art. 7:57 lid 1 onder g en art. 7:58 lid 2 sub e BW. Verstrekken van informatie ‘geruime tijd
Verjaring vordering m.b.t een overeenkomst van geldlening waarin geen termijn voor nakoming is bepaald. Verjaring vorderingen uit onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking.
Pensioenrecht. Uitleg hoofdzakelijkheidscriterium verplichtstellingsbesluit bedrijfstakpensioenfonds. Verjaring. Moment opeisbaar worden premievordering (art 3:308 BW). Vervolg op HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:527 (Booking.com).
Verdeling nalatenschap vader, ouderlijke boedelverdeling nalatenschap moeder, verjaring, gedwongen toerekening 4:228 lid 1 BW?, tussenvonnis
Renvooiprocedure. Vorderingen in cessieakte onvoldoende bepaald omschreven.
Algemene voorwaarden. Financieel recht. Consumentenrecht. Vervroegde aflossing van hypothecair krediet. Beding dat aan bank verschuldigde vergoeding bepaalt op basis van netto contante waarde-methode. Richtlijn oneerlijke bedingen. Richtlijn hypothecair krediet
Pensioenpremie, werkingssfeer Verplichtstellingsbesluit en verjaring. Werkgever valt onder Verplichtstellingsbesluit tot deelneming in Bpf MITT. Premievordering o.g.v. Uitvoeringsbesluit pas opeisbaar na nota, zodat deze niet is verjaard.
Verzekeringsrecht. Zorgverzekering. Controle niet-gecontracteerde zorg. Ontbreken wettelijke grondslag voor rechtstreeks opvragen van persoonsgegevens in de zin van de AVG van de verzekerden bij de zorgaanbieder. Onrechtmatig handelen wegens ongeoorloofde druk.
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Uitleg exploitatieovereenkomst. Vordering verjaard (art. 3:307 lid 1 BW)? Samenhang met 20/01479.
Premievordering bedrijfstakpensioenfonds. Verzet tegen dwangbevel ex artikel 21 Wet Bpf. Verjaring premievordering. Kosten van vervolging ex artikel 21 lid 8 Wet Bpf.
Verjaring vordering uit hoofde van geldleningsovereenkomst
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Devolutieve werking hoger beroep. Uitleg van de vordering: alternatief of cumulatief?
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomstenrecht. Verjaring. Procesrecht. Overeenkomst totstandbrenging onroerendgoedproject. Tekortkoming in de nakoming van een toezegging tot aanbieding van een soortgelijk project? Opeisbaarheid. Art. 3:307 lid 1 of lid 2 BW? Gedekt verweer in appel?