Verbintenissenrecht. Buitengerechtelijke ontbinding van koopovereenkomst door verkoper van woning na uitgebleven transport door toedoen koper; beroep op opschortingsrecht bij wederzijdse tekortkomingen, reikwijdte van regeling in Boek 6 titel 1 en 5 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:262 BW
Genoemd in 518 uitspraken · Officiële wettekst
518 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 21 · live
Uit de tussen partijen gesloten overeenkomst vloeien voor beide partijen verplichtingen voort, zodat deze is aan te merken als een wederkerige overeenkomst. Ingevolge het bepaalde in artikel 6:262, eerste lid BW is indien een der partijen haar verbintenis niet nakomt, de wederpar
Huurzaak. Door de huurder gestelde gebreken aan het gehuurde. Verhuurder is in het onderhavige geval niet verplicht om deze gebreken te verhelpen. Huurprijsvermindering wegens vermindering huurgenot wordt afgewezen, bij gebreke van voldoende onderbouwing van de vermindering van h
Overeenkomst van onderaanneming.
Een verhuurster vordert ontbinding van de huurovereenkomst met de huurder, op grond van overlast en wanbetaling.
Overlast voor huurder door andere huurder van dezelfde Woonstichting. Eisers dienen te worden hersteld in het rustig genot van het gehuurde. Huurprijsvermindering.
Overeenkomst tot het begeleiden en adviseren bij de verkoop van een tankstation. Sprake van een toerekenbare tekortkoming bij de uitvoering van de overeenkomst; ontbinding van de overeenkomst; ongedaanmakingsverbintenissen
Allereerst dient de vraag te worden beantwoord of de Nederlandse rechter bevoegd is van de vordering kennis te nemen. De rechtbank beantwoordt deze vraag bevestigend op grond van artikel 2 van de in deze van toepassing zijnde verordening (EG) Nr. 44/1001 van de Raad van de Europe
uitleg aanzegging gebruik opschortingsrecht.
Het hof kan Falcon in haar gedachtegang dat op de hiervoor bedoelde overdracht art. 14 van de statuten van betrokkene 1 van toepassing is, niet volgen. Het gaat bij deze statutaire blokkeringsregeling om een blokkeringsregeling, als bedoeld in art. 2:87 lid 3 BW. Blijkens de wets
ligplaats woonark, permanente bewoning, uitleg overeenkomst non-conformiteit, algemene voorwaarden, onredelijk bezwarend beding art. 7:17 BW, 6: 237 aanhef en onder g BW
Opzegging franchiseovereenkomst in verband met aanzienlijke rekening courantschuld van franchisenemer. Wens franchisegever om tot beëindiging van de franchiseovereenkomst over te gaan niet buitenproportioneel. Geen misbruik van bevoegdheid. Gezien omstandigheden van het geval, me
Geschil tussen opdrachtgever en opdrachtnemer over onbetaald gelaten declaraties; devolutieve werking van het appèl; onbehandeld gelaten beroep op opschorting, essentiële stelling.
24 juni 2005 Eerste Kamer Nr. C04/124HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van:[Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. J.H.E. Wanrooij, t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, niet verschenen.
Overeenkomstenrecht; Bewijsrecht; HMB zal haar stelling dienen te bewijzen, dat zij niet in staat is geweest haar werkzaamheden ten behoeve van de installatie en ingebruikname van de dekkraan en het A-frame te verrichten ten gevolge van het feit dat De Hoop de daarvoor benodigde
Overeenkomstenrecht; De kern van het geschil tussen partijen betreft de vraag of de Overeenkomst d.d. 23 juni 1995 is geëindigd en zo ja wanneer, en zo nee wanneer deze eindigt dan wel moet eindigen. Het gaat met andere woorden om de uitleg van artikel 8 van de Overeenkomst. De r
kantonzaak, schade bij verhuizing
-
-
-