Arbeidsrecht; Wwz. Loondoorbetaling na terecht ontslag op staande voet? Art. 7:683 lid 6 BW. Ontslag op staande voet is door kantonrechter vernietigd, maar door hof rechtsgeldig bevonden. Tijdstip einde arbeidsovereenkomst. Aanpraak op loon tussen ontslag en einddatum arbeidsover
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:248 BW
Genoemd in 5.399 uitspraken · Officiële wettekst
5.399 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Contractenrecht. Is akte van hoofdelijkheid vernietigbaar wegens bedrog of dwaling? Miskenning van afzonderlijke grondslag van reconventionele vordering. Motivering van oordeel over toepassing van art. 6:248 lid 2 BW.
Huurrecht. Opzegging huur; redelijk aanbod als bedoeld in art. 7:274 lid 1 onder d BW? Vordering tot verhoging huur met een beroep op EHRM 19 juni 2006, nr. 35014/97 (Hutten-Czapska/Polen). Vormen de wettelijke huurbeschermings- en huurprijsbepalingen een ongeoorloofde inbreuk op
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap. Aan beroep op dwaling te stellen eisen; verschil met waarschuwingsplicht; bijzondere zorgplicht banken; HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2815 (De T. / Dexia). Gevolgen va
Huurrecht. Faillissement huurder; effectiviteit van een beding in een huurovereenkomst voor zover daarmee wordt beoogd de verhuurder in geval van vervroegde opzegging van de overeenkomst door de curator in het faillissement van de huurder (als bedoeld in art. 39 Fw) aanspraak te
30 januari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/176HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de vereniging PARALLEL ENTRY, gevestigd te Schiphol, gemeente Haarlemmermeer, EISERES tot cassatie, voorwaardelijk incidenteel verweerster, advocaat: aanvankelijk mr. E.D. Vermeul
15 oktober 2004 Eerste Kamer Nr. C03/105HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: GTI ZWOLLE B.V., gevestigd te Zwolle, EISERES tot cassatie, advocaat: R.S. Meijer, t e g e n de vennootschap naar Zwitsers recht ZÜRICH VERSICHERUNGSGESELLSCHAFT, in Nederland handelen
Indexeringsregeling bedrijfspensioen. Uitleg pensioenreglement, bevoegdheid (voormalig) werkgever tot wijziging onder Pensioen- en Spaarfondsenwet. Beoordelingsmaatstaf: toepasselijke wet- en regelgeving, inhoud van de overeenkomst; misbruik van bevoegdheid, art. 3:13 BW; uitoefe
Arbeidsrecht. Aanzegplicht bij arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd; aanzegvergoeding; art. 7:668 lid 1 en 3 BW. Vraag of beroep op verschuldigdheid aanzegvergoeding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is in geval waarin werkgever mondeling heeft aang
Verbintenissenrecht. Overeenkomstenrecht. Procesrecht. Opzegging franchiseovereenkomst door franchisegever op grond van opzeggingsbeding. Rechtsgevolgen van ontbreken passend vergoedingsaanbod. Verschil in afdoening proceskosten eerste aanleg en hoger beroep.
Opzegging van huurovereenkomsten ter zake vaste standplaatsen op Recreatiepark Duinrand door de verhuurder/exploitant vanwege een door de verhuurder/exploitant beoogde herstructurering van het recreatiepark, in het kader waarvan de verhuurder/exploitant op het terrein kampeerhui
Arbeidsrecht. Bedrog door werknemer bij sluiten arbeidsovereenkomst. Mogelijkheid tot vernietiging arbeidsovereenkomst op grond van art. 3:44 BW. Buitengerechtelijke vernietiging (art. 3:50 lid 1 BW). Verhouding tot wettelijk stelsel van ontslagrecht. Mogelijkheid werking van ver
Contractenrecht. Ruimtelijke ordening. Projectontwikkelaar stelt gemeente aansprakelijk wegens wanprestatie/afgebroken onderhandelingen (niet doorgaan recreatiebungalowpark: gemeenteraad wilde noodzakelijke bestemmingsplan niet vaststellen zonder verbod van ‘uitponden’ bungalows)
Verzekeringsrecht. Machineschadeverzekering/bedrijfsschadeverzekering. Schade door corrosie als gevolg van een ontwerpfout. Valt de schade onder de dekking van “plotselinge en onvoorziene materiële beschadiging”? Begrijpelijkheid uitleg primaire dekkingsomschrijving aan de hand v
-
Arbeidsrecht. Verrichten van werkzaamheden door uitkeringsgerechtigde op participatieplaats (Participatiewet). Maatstaf om overeenkomst als arbeidsovereenkomst aan te merken (art. 7:610 BW); onderscheid tussen uitleg en kwalificatie; bedoeling van partijen. Is stimuleringspremie
Loonvordering; matigingsbevoegdheid rechter, art. 6:248 lid 2 BW (HR 11 juli 2008, LJN BD2408, NJ 2008/418); maatstaf gelijk aan toepassing art. 7:680a BW; omstandigheden van het geval, onaanvaardbare gevolgen, terughoudende toepassing (HR 13 september 2002, LJN AE4291, NJ 2002/4
Intellectuele eigendom. Auteurscontractenrecht. Vraag of beding onredelijk bezwarend is in de zin van art. 25f lid 2 Auteurswet; toetsing ex tunc; verhouding met art. 6:2 en 6:248 BW. Naburige rechten; art. 1 onder d Wet naburige rechten; vraag of deejay als fonogrammenproducent
verstek, energie-overeenkomst, cessie, consumentenzaak, (pre)contractuele informatieverplichtingen, ambtshalve toetsing, Europese Richtlijn, sanctie, beperkende werking redelijkheid en billijkheid, prejudiciele vragen aan de Hoge Raad
Informatieplicht bank jegens cliënt die borgstellingsovereenkomst afsluit; geen zorgplicht jegens echtgenote van borg in verband met toestemmingsvereiste borgstelling, art. 1:88 BW. Zelfstandige zorgplicht bank jegens echtgenote uit hoofde van klantrelatie; beperkende werking red
Arbeidsrecht, doorbetaling loon tijdens vakantie. Artikel 7:639 lid 1 BW. Algemeen verbindend verklaarde CAO bepaalt dat avond, nacht en weekendtoeslag tijdens vakantie niet wordt doorbetaald. Strijd met HvJ Williams / British Airways.
Verbintenissenrecht; rentederivaat, kredietverhouding. Verjaring, art. 3:310 lid 1 BW, daadwerkelijke bekendheid met schade en aansprakelijke persoon, betekenis afwezigheid geruststellende mededelingen. Gebondenheid cliënt aan "settlement clause", uitleg, beperkende werking van r
Verbintenissenrecht. Overeenkomstenrecht. Opzegging duurovereenkomst (pakketvervoer) op grond van opzeggingsbeding. Verlenging contractuele opzegtermijn op grond redelijkheid en billijkheid? Onderscheid aanvullende werking en beperkende werking, art. 6:248 BW; verandering van oms
OK; de aan de rechthebbenden toekomende schadeloosstelling ter zake van de onteigende effecten en vermogensbestanddelen van SNS Bank en SNS Reaal wordt vastgesteld;
Kort geding – BW art. 248 lid 2; Wwft art. 5 lid 3 – beëindiging bankrelatie – onacceptabel risico op witwassen of terrorismefinanciering onvoldoende aannemelijk – beroep op contractueel opzeggingsrecht naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? – belangenafw