Overeenkomsten tot het bewerken van onderdelen en assen voor de grootste kranen ter wereld. De conventie is gegrond op wanprestatie omdat gedaagde zich ten onrechte zou hebben beroepen op opschorting dan wel retentierecht. Vordering tot schadevergoeding na ontbinding. Eiseres moe
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:225 BW
Genoemd in 268 uitspraken · Officiële wettekst
268 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Arbeidsrecht. Aarvaarding aanbod voor beëindigingsovereenkomst? Vraag of ontslag op staande voet a) onverwijld is gegeven en b) goede grond heeft.
Eiser vordert – samengevat – dat gedaagde wordt veroordeeld tot nakoming van de tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst, waaronder begrepen het ondertekenen van de hem toegezonden koopovereenkomst, alsmede tot betaling van de in de koopovereenkomst opgenomen boete.
Bevoegdheidsincident. Relatieve bevoegdheid. Forumkeuzebeding in algemene voorwaarden in purchase order. Toepasselijkheid van algemene voorwaarden staat in beginsel los van totstandkoming van hoofdovereenkomst. Separabiliteit. Art. 6:225 BW.
Regel 13 van de gedragsregels van de Nederlandse Orde van Advocaten Kort voor een getuigenverhoor ontstaat een geschil over de vraag of er overeenstemming is over een regeling in der minne. Het getuigenverhoor vindt plaats, maar vervolgens wordt de eis gewijzigd in die zin dat na
Geen ongeschikt punt ( 6:225 lid 2 BW); ongerechtvaardigde verrijking (6:212 BW).
Verklaring voor recht dat de koop-/aanneemovereenkomst is ontbonden.
Verbintenissenrecht. Koopoptie. Stellen nadere, niet uitdrukkelijk door partijen overeengekomen, voorwaarden bij uitoefening koopoptie, impliceert niet zonder meer een afwijking van de koopoptie met in art. 6:225 lid 1 BW genoemd rechtsgevolg. Of van afwijking koopoptie sprake is
Gedaagde dient de bouwwerkzaamheden voor het oprichten van een stoeterij te staken totdat in een bodemprocedure nader is beslist.
Bevoegdheidsincident. Twee verschillende algemene voorwaarden van toepassing verklaard.
Ontslagvergoeding; art. 6:258 en 6:248 lid 2 BW
Verzekering voor bestuurders- en commissarissenaansprakelijkheid Eiser heeft vordering op rechtspersoon en maakt de bestuurder een persoonlijk verwijt van de gang van zaken bij de (inmiddels failliete) rechtspersoon, waardoor aandelen die aan eiser geleverd hadden moeten worden e
huurovereenkomst onbebouwde grond gesloten; invloed tijdsverloop op nakoming
Huwelijksgoederenrecht. Ontbinding huwelijksgemeenschap na scheiding; geschil over verdeling echtelijke woning (81 RO).
De borgstelling van 19 augustus 1999 is destijds door [appellant] onvoorwaardelijk afgegeven. De toestemming van de echtgenote bij deze borgstelling is toen, in augustus 1999 niet van enige voorwaarde voorzien. De opmerkingen van [appellant] bij de wijzigingsovereenkomst van apri
Huurrecht; totstandkoming van overeenkomst; ongeoorloofd afbreken onderhandelingen? (81 RO).
Overeenkomst betreffende de levering en plaatsing van kunststofkozijnen. Niet is komen vast te staan dat de leverancier toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen betreffende de 25 kozijnen. Met betrekking tot 3 andere kozijnen moet ervan worden uitgeg
totstandkoming overeenkomst; aanbod en aanvaarding; voorwaardelijke verbintenis; ontbindende voorwaarde; 6:217; 6:225; 6:22 Kernpunt van het geschil is de vraag of tussen de curator en GoInvest een overeenkomst tot stand is gekomen. De curator stelt dat door aanbod en aanvaarding
Geschil over totstandkoming van een huurovereenkomst voor bedrijfshal/kantoorruimte (81 RO).
art. 6:23 lid 2 BW, investeringsverplichting onder voorwaarde
Tussen een huurder van een bedrijfspand en een derde worden afspraken gemaakt over "overname van de huur" door die derde. Geschilpunt: is er sprake van onderhuur of van contractsovername? Hof legt de afspraken, op basis van Haviltex, aldus uit dat contractsoverneming werd beoogd.
De voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam weigert de gevraagde voorziening waarbij Heineken een geldvordering eist.
wilsovereenstemming verhuur bedrijfsruimte
In het onderhavige geschil gaat het – kort samengevat – om de vraag of [appellant] recht heeft op betaling door Hoogstede Holding van een bedrag van € 97.007,77 (oorspronkelijk ƒ 213.777,-) uit hoofde van een “garantieverklaring” (productie 1 bij conclusie van eis, verder: “de ga
-