Geen bewijs geleverd van brand door onzorgvuldigheid van de politie na oprollen van hennepkwekerij.
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:15 BW
Genoemd in 88 uitspraken · Officiële wettekst
88 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Koop van obligaties. Maandelijkse onttrekking/aflossing overeengekomen? Uit stukken blijkt niet dat overeen is gekomen dat eiser elke maand recht heeft op betaling van € 1.600,00. Geen wanprestatie
Veel verbintenisrechtelijke geschillen en forse geldvorderingen over en weer na wegens wanbetaling ontbonden koopovereenkomst van landgoed.
Ontvlechting samenwerking tussen vennootschappen; overdracht van onroerende zaken en van aandelen. Samengevoegde vorderingen ter zake van koopsommen voor een en ander; wie is schuldeiser, wie is schuldenaar. Onrechtmatig beslag.
Antillenzaak. Geschil over verschuldigde rente; procesrecht; passeren aanbod tot het leveren van tegenbewijs door middel van getuigen wegens onvoldoende specificatie; toepassing overgangsrecht inzake aan twee of meer schuldeisers verschuldigde prestatie.
EINDVONNIS: Gevorderde prestatie komt toe aan gemeenschap tussen eiseres en derde. Vorderingsrecht. Beroep op verrekening verworpen omdat niet is voldaan aan het vereiste van wederkerig schuldenaarschap. Reconventionele vordering tot verdeling van de gemeenschap op de voet van ar
Exceptio plurium litis consortium. Geen processueel ondeelbare rechtsverhouding. Bovendien levert zo'n rechtsverhouding geen grond op om een derde te dwingen zich als eiseres achter de vordering in de hoofdzaak te scharen. Vrijwaringsincident. Geen relatie die meebrengt dat derde
Vrouw, op huwelijkse voorwaarden (koude uitlsuiting) gehuwd, maakt aanspraak op verdeling als ware er sprake van een gemeenschap onder meer met beroep op HR 18-6-2004 N 2004, 339.
Nu hiervoor in rov. 4.2.2 en 4.2.5. is vastgesteld dat [appellant] en [huurder] tot aan de ontbinding van de huurovereenkomst bij het verstekvonnis van 21 februari 2001 gezamenlijk huurders van de woning waren, is [appellant] evenals [huurder] (hoofdelijk) aansprakelijk voor de n
15 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/132HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser 1], 2. [Eiseres 2] beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerster 2], beiden wonende te [woon
4 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/274HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. Mr. Eliza Anna Maria VAN UIJTHOVEN, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [eiser 2], kantoorhoudende te Tilburg, 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. Mr. Daan Pieter SCHAL
4 maart 2005 Eerste Kamer Nr. C03/274HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. Mr. Eliza Anna Maria VAN UIJTHOVEN, in haar hoedanigheid van bewindvoerder van [eiser 2], kantoorhoudende te Tilburg, 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. Mr. Daan Pieter SCHAL
Bevoegdheid (van erfgenamen) tot procederen. Concludeert tot verwerping van het beroep.