Bevoegdheidsincident. Internationale bevoegdheid. Brussel I bis. Forumkeuze. Art. 25 Brussel I bis. Eis van voldoende bepaalbaarheid van het aangewezen gerecht.
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:116 BW
Genoemd in 110 uitspraken · Officiële wettekst
110 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Schadevergoeding ivm onrechtmatige detentie
Internationale bevoegdheid. Commuun internationaal bevoegdheidsrecht. Contractuele verbintenis(sen). Art. 6 aanhef en onder a Rv. Plaats waar de verbintenis moet worden uitgevoerd. Gevorderd wordt in de hoofdzaak nakoming van een verbintenis tot het betalen van een contractuele b
Opdrachtnemer schiet tekort mbt tot werkzaamheden in tuin en veroorzaakt schade. In conventie grotendeels toewijzing van gevorderde (vervangende) schadevergoeding. In reconventie geen aanleiding voor bewijslevering mbt afspraken en gesteld wilsgebrek.
Incident onbevoegdheid, vordering tot nakoming echtscheidingsconvenant is geen huwelijksvermogensrechtelijke kwestie, toepassing Brussel I bis Vo, toepasselijk recht voor bepaling rechtsmacht op grond van EVO-verdrag (niet: Rome I vanwege datum sluiten echtscheidingsconvenant), g
- Geschil over terugbetaling geldleningen van vennootschap aan een bestuurder. - Incidenteel vonnis - Bevoegdheid Nederlandse rechter (Brussel Ibis-Verordening, art. 6 Rv) - Nietigheid dagvaarding - Is vennootschap rechtsgeldig in rechte vertegenwoordigd door één van de twee best
Internationale bevoegdheid; forumkeuze?; forum arresti; plaats van uitvoering van de verbintenis; overeengekomen plaats van betaling.
Bevoegdheidsincident. Interregionale bevoegdheid, want een van de gedaagden woont op Curaçao. Internationale bevoegdheid, want een andere gedaagde woont in Luxemburg. Nederlandse rechter bevoegd. Overeenkomstige respectievelijk rechtstreekse toepassing van de Brussel Ibis-Verorde
Bevoegdheidsincident, internationaal. Leningsovereenkomst verbintenis die aan de eis ten grondslag ligt. Recht van het land waar de partij die de kenmerkende prestatie moet verrichten woonplaats heeft. Woonplaats uitlener.
Geldlening kenmerkende presentatie.
EJ. Arbeid. De door naamloze vennootschap gestelde afspraken, gemaakt bij de verkoop van de naamloze vennootschap, gelden tussen koper en verkoper en kunnen geen verandering brengen in de door de naamloze vennootschap aangegane rechtsbetrekkingen en verplichtingen met derden.
Rechtsmacht. Zijn quota autorisaties roerende lichamelijke zaken in de zin van art. 7 lid 1, sub b, eerste streepje van de Herschikte EEX-Vo. Plaats waar de verbintenis moet worden uitgevoerd (art. 7 lid 1, sub a van de Herschikte EEX-Vo).
IPR. Rechtsmacht vernietiging schenking. Ruime uitleg art. 7 herschikte EEX-verordening. Overeenkomst van schenking nauwst verbonden met land waar partij kenmerkende prestatie moet verrichten. Kenmerkende prestatie is betaling geldsom. Gewone verblijfplaats schenker. Betaling ge
Contractuele rechtsverhouding. Bevoegdheidsincident. Internationale bevoegdheid. Forumkeuze. Art. 25 Brussel Ibis-Vo. Art. 7, aanhef en sub 1 onder a) Brussel Ibis-Vo. Geldigheid forumkeuze voor de aangezochte rechter (rechtbank Rotterdam) betwist. Evenwel is niet in geschil dat
Bevoegdheidsincident. Internationale bevoegdheid. Rechtbank bevoegd op grond van art. 7 sub 1 Brussel-Ibis-Vo? Betwisting door gedaagde van de overeenkomst waarop eiser haar vordering in de hoofdzaak baseert. HvJ EG 4 maart 1982 (Effer/Kantner). De enkele betwisting van het besta
De Bank wordt in de gelegenheid gesteld om haar standpunt dat de rechtbank Den Haag bevoegd is toe te lichten en dit standpunt met stukken te onderbouwen.
ondeelbare rechtsverhouding, art. 3:45 BW, onrechtmatig profiteren van andermans wanprestatie
Incident.overeenkomst van geldlening van Nederlands onderdaan met in Oekraïne gevestigd bedrijf. O.g.v. EVO is Nederlands recht van toepassing. Geldlening is o.g.v. 6:116 BW brengschuld. Nederlandse rechter bevoegd o.g.v. artikel 6 onder a Rv.
Aruba. Internationale rechtsmacht. Samenwerking timeshareproject.
Incident;vaststellingsovereenkomst; bevoegdheid Ned. rechter; Brussel I-Vo; art. 4 EVO.
1. IPR. Vordering uit particuliere borgtocht. Borg woonde in Nederland ten tijde van aangaan borgtocht. Nederlandse rechter bevoegd. 2. Incidentele vordering tot overlegging van bescheiden was nodig, ook al was zij nadat overlegging had plaats gevonden, niet meer toewijsbaar, kos
Artikelen 4 en 7 lid 1 van de EEX-Verordening (EEX-Vo, nr 1215/2012, ook wel genoemd herschikte EEX-Verordening), bevoegdheid Nederlandse rechter, brengschuld, tegenwoordig gebruikelijke betaalwijze, consument
Beoordeling bevoegdheid rechtbank. Vordering gegrond op een overeenkomst waarvan het bestaan wordt betwist.
Verstekzaak waarin schuldeiser contante betaling op het bedrijfsadres van de schuldenaar niet aanvaardt. Brengschuld en aanwijzing van betaling in de zin van artikel 6:116 BW.
Rechtsmacht en toepasselijk recht. Bevoegd ten aanzien van vordering uit ongerechtvaardigde verrijking in conventie. Niet bevoegd ten aanzien van vordering in reconventie inzake contract i.v.m. geldig forumkeuzebeding.