Vaststelling eigendom percelen en erfdienstbaarheden. Extinctieve verjaring. Vordering tot opheffing erfdienstbaarheid afgewezen.
Burgerlijk Wetboek
Art. 5:73 BW
Genoemd in 335 uitspraken · Officiële wettekst
335 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Erfdienstbaarheid van weg. Belangenafweging.
Tussenvonnis. Inhoud en uitleg erfdienstbaarheid. gestelde schade en het causale verband tussen die schade en de wijze waarop van de erfdienstbaarheid gebruik wordt gemaakt wordt betwist, reden waarom de rechtbank een deskundigenonderzoek wil gelasten. Zie ook arrest van het gere
Omvang en wijze van uitoefening bestaande erfdienstbaarheid van weg. Vraag of door plaatsing van een haag en metalen hekwerk sprake is van onredelijke beperking van het recht van erfdienstbaarheid.
Erfdienstbaarheid.
art. 5:73 BW (uitleg inhoud en wijze van uitoefening erfdienstbaarheid van weg); belangenafweging; art. 3:106 BW (verjaring rechtsvordering en tenietgaan erfdienstbaarheid)
5:79 BW, opheffen erfdienstbaarheid: belangenafweging van dit artikel; 45 lid 2 Wna: geen clerical error
Uitleg inhoud erfdienstbaarheid.
Kort geding tot nakoming erfdienstbaarheid om op het dienend erf geen bedrijf te exploiteren. Het exploiteren van een hondenuitlaatservice en hondenpension zijn in strijd met de gevestigde erfdienstbaarheid. Van verjaring van het recht zich op de verbodsbepaling van de erfdienstb
Partijen zjin buren. Onder de woningen van partijen bevindt zich een kelder, waarvan de toegang zich in het huis van gedaagden bevindt. Tussen partijen is in geschil wie eigenaar van de kelder is voor zover die zich bevindt onder de woning van eiseres. De kelder is op grond van d
erfdienstbaarheid van weg, uitleg akte van vestiging, erfdienstbaarheid ook bedoeld voor bedrijfsmatig gebruik door anderen dan de eigenaren? BW oud art. 738, 733, BW art. 5:73 lid 1 minst bezwarende wijze van uitoefenen; ontstaan door verjaring?
Erfdienstbaarheid (recht van weg) gevestigd in 1917. Uitleg reikwijdte van de erfdienstbaarheid, gebruik "te goeder trouw" ex art. 5:73 lid 1 BW. Omstandigheid dat de weg aanvankelijk werd gebruikt om een mogelijk 'illegaal' geëxploiteerd "kampeer- en zomerhuizenterrein" te berei
erfdienstbaarheid van weg; teniet door verjaring of vermenging?; vordering tot opheffing erfdienstbaarheid; parkeren op lijdend erf niet toegestaan; dwangsom niet voor parkerende bezoekers
Geschillen over het ontstaan en de wijze van uitoefening van erfdienstbaarheden (recht van overpad, verbod tot bebouwing, houden van een gasleiding), alsmede geschillen rondom de perceelsgrens met betrekking tot de schutting, bomen en beplanting.
Erfdienstbaarheid van weg.
Erfdienstbaarheid van weg. De slotsom is dat gedaagden in conventie niet handelen in strijd met de erfdienstbaarheid en dat het huidige gebruik van het plateau door gedaagden in conventie dus niet door de erfdienstbaarheid wordt beperkt, zodat in zoverre gedaagden in conventie da
Geschil over erfdienstbaarheid (recht van overpad over een tuinpad naast en achter rijtjeswoningen).
artikel 96 Rv, gezamenlijk verzoekschrift, artikel 69 Rv, dagvaardingsprocedure, voorwaarde voor inwerkingtreding van erfdienstbaarheid niet vervuld.
Inhoud erfdienstbaarheid en wijze van uitoefening; plaatselijke gewoonte door aanleg en gebruik sinds 1971; afsluiten hek/slagboom.
Burengeschil. Vaststelling inhoud van erfdienstbaarheid van pad en wijze van uitoefening. Vraag of geplaatste schutting inbreuk maakt op erfdienstbaarheid. Beroep op rechtsverwerking.
Erfdienstbaarheid van weg. Het hof legt de inhoud van een in 1883 gevestigde erfdienstbaarheid van weg aldus uit dat deze thans mede het gebruik met een vrachtwagen inhoudt. Geen verjaring. Geen verzwaring.
art. 733 BW-oud, art. 5:74 BW. Burengeschil over erfdienstbaarheid van overpad. Uitleg erfdienstbaarheid..
Erfdienstbaarheid. In conventie verbod tot blokkeren/belemmeren van uitweg. In reconventie onder meer verbod tot betreden woning en perceel.
Art. 81 RO. Burengeschil over recht van overpad. Art. 719 BW (oud); art. 5:70 e.v. BW.
Art. 81 RO. Geschil over gedeeltelijke demping vijver; art. 5:37, 39, 44, 52, 53, 59 BW, art. 6:162 BW. Samenhang met HR 2 september 2011, 09/04144.