Burenconflict. Geen onrechtmatige hinder door brandtrap die zicht biedt op naastgelegen perceel.
Burgerlijk Wetboek
Art. 5:50 BW
Genoemd in 370 uitspraken · Officiële wettekst
370 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Vonnis na bewijslevering. Artikel 5:50 lid 1 BW. Bewijsopdracht (zo niet te beperkt geformuleerd) te beperkt uitgelegd. Nadere aktewisseling.
Burenrecht. Geschil over de extinctieve verjaring van een strook grond, inbreuk op het eigendomsrecht van de buren door het plaatsen van een hekwerk tegen de zijgevel van hun woning, snoeien van beplanting binnen de in artikel 5:42 lid 1 BW genoemde afstanden, de uitleg van een e
Verjaring rechtsvordering. Inkijk in woning en tuin eisers. Grondslag: handelen in strijd met artikelen 5:50 en 5:51 BW c.q. met artikel 6:162 BW door zonder overleg een doorzichtig en te openen dakraam aan te brengen binnen twee meter van de erfgrens.
Bouwwerk met een blinde muur van 13 meter hoog en op een afstand van enkele tientallen centimeters van de erfgrens levert onrechtmatige hinder op als bedoeld in artikel 5:37 BW. De bouwer dient onder verwijzing naar artikel 5:50 lid 1 BW een afstand van 2 meter tot de erfgrens in
Vervolg op ECLI:NL:RBGEL:2015:4090. Burenrecht, artikelen 5:50 en 5:51 BW. Met het aanbrengen van een slot aan de roldeur is niet voldaan aan het bepaalde in art. 5:51 BW (blijvend vastzetten). Gedaagden mogen nog reageren op e-mail over toezegging over dichtmetselen binnenzijde
Geen verkrijgende verjaring van strook grond als gevolg van de aanleg van een grindpad, ook niet in combinatie met de aanwezigheid van een ernaast gelegen ondoordringbare haag van struiken. Doorzichtig raam binnen twee meter van de erfgrens. Wetsartikel: 3:105, 3: 306, 5:50, 6:16
Burenrecht. Verjaring rechtsvordering tot beëindiging bezit. Bestraten en onderhouden klein strookje grond voor eigen woning brengt in de gegeven omstandigheden mee dat naar verkeersopvatting sprake is van bezit
Burenrecht. Overeenkomst van dading tot stand gekomen? Ondoorzichtige ramen binnen twee meter van erfgrens. Misbruik van recht?
Burenrecht, artikel 5:50 en 5:51 BW, roldeur moet vaststaand worden gemaakt.
Appellante heeft een omgevingsvergunning voor het realiseren van twee bouwlagen op de bestaande uitbouw van haar pand. Naar verwachting zal in de bodemprocedure worden geoordeeld dat die bouw geen onrechtmatige hinder als bedoeld in artikel 6:162 BW oplevert ten opzichte van de e
Burenrecht. Art. 5:37 BW, onrechtmatige hinder. Bouw van schuur langs gevel met een raam. Verleende bouwvergunning staat niet in de weg aan volledige toetsing aan art. 5:37 juncto 6:162 BW.
Hinder als gevolg van nieuwbouw naastgelegen perceel. Deskundigenonderzoek naar lichtopbrengst. Vordering tot verwijdering vensters afgewezen omdat ramenondoorzichtig zijn gemaakt.
Arubaanse zaak. Geschil gaat om een gebouwde garage tegen de muur van erfgrens, deze bouw is in strijd met de welstandbepalingen. Nu appellant echter zelf ook in strijd met deze welstandbepalingen een grage heeft gebouwd tot op de erfgrens acht het Hof het onaanvaardbaar dat zij
KG: toepassing van art. 5:50 lid 1 B. Uitzicht op het dak van een garage, een oprit en een deel vaan een tuin is uitzicht op het naburige erf.
Omschrijving: appartementsrecht; verzoek op grond van artikel 5:130 BW; dak van bergingen behoort volgens splitsingstekening deels tot een appartementseigenaar en is voor een ander deel gemeenschappelijk. Uitleg besluit algemene vergadering VvE tot het leggen van vlonders op dak
Vordering in kort geding tot verwijdering van een plantenbak op hoogte binnen twee meter van de perceelsgrens, afgewezen.
Eiseres vordert dichtmaking van vensters in belendend perceel en ongedaanmaking van uitzicht vanaf balkon. Vraag van verjaring. Een deel van de vordering is verjaard na twintig jaar (3:306 BW) zonder stuiting. De vordering met betrekking tot het doorzichtig glas is niet verjaard
Geen
Het is de eigen - op zich rechtmatige keuze - van (de rechtsvoorganger van) eiser geweest om zijn schuur zo dicht tegen de erfgrens van gedaagde te bouwen. Het burenrecht (artikel 5:50 lid 1 BW) brengt echter mee, dat hij in beginsel daarin geen ramen mocht hebben. Het onder I ge
Onvoldoende (onderbouwd) weersproken is dat eiser en zijn huurders door de aanwezigheid en het gebruik van het balkon, ongeacht of en welk terrasscherm als afscheiding wordt geplaatst op de erfgrens, zodanige hinder ondervinden van het balkon dat deze gelet op de aard, de ernst e
Burenruzie; Erfdienstbaarheden.
Burenrecht. Vordering oprichting scheidsmuur. Twee meter. Verboden uitzichten. Balkons of soortgelijke werken. Privacy. Onrechtmatige daad. Art. 3:13; art. 5:49 BW; art. 5:50 BW; art. 5:62 BW; art. 6:162 BW.
Art. 81 RO. Zakenrecht. Burenrecht. Vordering tot verwijdering overbouw waarmee inbreuk wordt gemaakt op eigendomsrecht ander toewijsbaar?
Erfdienstbaarheid van een raam. Artikel 5:50 lid 1 BW. Geen bevrijdende verjaring o.g.v. art. 774 oud BW. Bewijsopdracht terzake bevrijdende verjaring o.g.v. art. 3.306.