Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Vereffening van nalatenschap. Vraag of rente over schulden van de nalatenschap buiten beschouwing dient te blijven op grond van overeenkomstige toepassing (ingevolge art. 4:218 lid 5 BW) van art. 128 Fw.
Burgerlijk Wetboek
Art. 4:206 BW
Genoemd in 332 uitspraken · Officiële wettekst
332 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Erfrecht. Vereffening. Voorschotbetalingen op loon vereffenaar. Vereffeningskosten moeten vóór de overige schulden van de nalatenschap worden voldaan.
Erfrecht. Artikel 4:210 BW. Aanwijzing aan de vereffenaar m.b.t. rente na de overlijdensdatum. Geen analogische toepassing van artikel 128 FW.
Voorschot op het loon van een vereffenaar van een nalatenschap (art. 4:206 lid 3 BW).
Prejudiciële vragen; vereffening nalatenschap; berekening vordering; art. 4:218 lid 5 BW; fixatiebeginsel art. 128 Fw van overeenkomstige toepassing op vereffening nalatenschap?; onderscheid tussen ‘lichte’ en ‘zware’ vereffening?
Voorschot vereffenaar. Erfgenaam belanghebbenden? Richtlijnen vereffening nalatenschappen.
Vaststelling loon vereffenaar ex artikel 4:206 lid 3 BW. Feitelijke werkzaamheden als vereffenaar die voor vergoeding in aanmerking komen. Geen ruimte voor vaststelling van vereffenaarsloon in dit kader voor werkzaamheden die mogelijk op basis van overeenkomst tussen erfgenamen e
Onrechtmatige rechtspraak in vereffeningsprocedure bij de kantonrechter?
Het verzet tegen de tussentijdse uitdelingslijst is ongegrond. Daarbij is mede ingegaan op de toelaatbaarheid van het doen van tussentijdse uitdelingen uit de nalatenschap door de vereffenaar en de verleende vrijstelling ex 4:221 lid 2 BW.
-
Art. 4:206 lid 3 BW / Uitgaande van de ontvankelijkheid van de vereffenaar (als belanghebbende) ingestelde hoger beroep is het hof van oordeel dat de kantonrechter op juiste gronden heeft geoordeeld dat de door de mede-vereffenaar uitgevoerde werkzaamheden niet de verzochte facto
Erfrecht. Vereffening nalatenschap. Vereffening is geen verdeling. Artikel 4:7 BW schulden van de nalatenschap. Vaststelling loon vereffenaar. Aanwijzingen kantonrechter aan vereffenaar. Indien geen spoedige overeenstemming erfgenamen over wijze van verdeling, dan saldo naar Staa
Vereffenaar is niet-ontvankelijk in hoger beroep van beschikking kantonrechter om niet afzonderlijk te beslissen op verzoek ex art. 4:206 lid 3 BW en om de vaststelling van het loon van de vereffenaar onderdeel te maken van de verzetprocedure; Vereffenaar is ook niet-ontvankelijk
erfrecht; vereffenaar, geschil tussen erfgenamen onderling en vereffenaar over vordering nalatenschap op een derde; 4:215 BW; opheffing vereffening; matiging loon vereffenaar; overige vereffeningskosten;.
Benoeming vereffenaar op verzoek van een hypotheekverstrekker. Enige erfgenaam heeft tegen deze benoeming geen bezwaar. Artikel 4:203 lid 1 onder b BW.
Erfrecht, tussenarrest. Procedure tussen erfgenamen die een nalatenschap beneficiair hebben aanvaard. Tijdens de procedure in hoger beroep wordt een vereffenaar benoemd die in de plaats treedt van geïntimeerden. Het zou zonder enige zin zijn te eisen dat appellante ook zichzelf a
Erfrecht. Verzoek vaststelling loon vereffenaar. Vereffenaar moet bij positieve nalatenschap loon in beginsel in overleg met erfgenamen vaststellen. In dit geval is vereffenaar niet in staat loon in overleg met erfgenamen vast te stellen omdat geen erfgenamen zijn gevonden. Kanto
Erfkwestie met vereffenaar. Bekrachtiging beslissing in hoger beroep: geen gewichtige redenen ex art. 4:206 lid 5 BW om de vereffenaar te ontslaan. Niet-ontvankelijkheid ten aanzien van de bij tussenbeschikking uitgesproken afwijzing van het verzoek tot schorsing van de vereffena
Erfrecht. Benoeming vereffenaar ex artikel 4:203 BW. Verzoek van een onderbewindgestelde erfgenaam. Andere erfgenamen laten nalatenschap onbeheerd.
Notaris vraagt om als vereffenaar te worden benoemd omdat hij onbetaald gelaten werkzaamheden heeft verricht in het kader van een beneficiair aanvaarde nalatenschap. Hij stelt dat hij 'bewaarder van het dossier' en schuldeiser is. De rechtbank merkt hem aan als belanghebbende in
Cassatie in het belang der wet. Erfrecht, procesrecht. Art. 4:209 lid 1 BW; kan in één beschikking zowel kosteloze vereffening van nalatenschap als opheffing van de vereffening worden bevolen? Verschuldigdheid van griffierecht; Wet griffierechten burgerlijke zaken. Parallel met k
erfrechtzaak: verzet tegen uitdelingslijst gegrond verklaard vanwege veel onregelmatigheden omtrent de nalatenschap van erflater (artikel 4:218 lid 3 BW)
Erfrecht. Art. 4:203 lid 1 sub a BW. Benoeming van een professionele vereffenaar op verzoek van een schuldeiser van de nalatenschap, te weten de uitvaartonderneming, omdat de vereffenaars/erfgenamen niet beschikken over vereiste specifieke deskundigheid.
Opheffing vereffening nalatenschap, vaststellen loon vereffenaar, griffierecht t.l.v. de Staat. Publicatie. Art. 4:209 lid 1 en 4, 4:206 lid 6 BW, 16 en 17 Fw
Verzoek op grond van artikel 4:209 Burgerlijk Wetboek de vereffening van de nalatenschap op te heffen.