Vordering op erflater; mogelijkheid van verhaal op de erfgenamen; boedelregister. Termijnstelling bij beschikking kantonrechter voor aanvaarding nalatenschap door erfgenamen, art. 4:192 lid 2 BW. Inschrijving beschikking in boedelregister rechtbank; exploot van betekening aan erf
Burgerlijk Wetboek
Art. 4:192 BW
Genoemd in 141 uitspraken · Officiële wettekst
141 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Art. 81 RO. Vordering tot nakoming overeenkomst; stelplicht en bewijslast. Klachten bewijslastverdeling.
Erfrecht.Testament. Beneficiaire aanvaarding. Inzagerecht administratie. Verplichtingen executeur en vereffenaar. Nietige en onjuiste verdeling door de executeur. Schulden en vorderingen van de nalatenschap. Legitieme porties en giften.
Vordering uit geldlening op ontbonden huwelijksgemeenschap en beneficiair aanvaarde nalatenschap.
Geschil tussen erfgenamen. Testamentaire last. De vraag is of de last zo moet worden uitgelegd dat de koopovereenkomst van 1 juni 2011 leidt tot onterving van gedaagde in conventie. De vraag wordt ontkennend beantwoord. Zuivere aanvaarding? De zaak zal naar de rol worden verweze
Eiser vordert dat gedaagde, als erfgename, de kosten van de uitvaart van erflater betaald. Gedaagde stelt daartoe niet gehouden te zijn, omdat zij de nalatenschap van erflater verworpen heeft. (Stilzwijgende) aanvaarding in de zin van artikel 4:192 BW kan slechts dan aan de orde
Erfrechtelijk geschil tussen tweede echtgenote erflater en zonen uit eerste huwelijk erflater. De rechtbank oordeelt dat de zonen de erfenis benificiair hebben aanvaard. Er is geen sprake van zuivere aanvaarding door feitelijk handelen van (één van) de zonen. Erflater heeft bij l
Koopovereenkomst woning. Eén van twee kopers pleegt kort voor leveringsdatum zelfmoord. Psychiatrisch verleden kopers. Vordering jegens achterblijvende koper en jegens erfgenamen. Beroep op geestelijke stoornis achterblijvende koper afgewezen. Gerechtvaardigd vertrouwen verkopers
- onvoldoende gesteld om aan te nemen dat gedaagde zich heeft gedragen als een zuiver aanvaard hebbend erfgenaam. - onduidelijkheid ten aanzien van de aanvaarding door de kleinkinderen van de erflaatster (Tussenvonnis LJN BQ0424)
Bewijswaardering. Bewezen dat een overeenkomst van geldlening tot stand is gekomen tussen de overledene en zijn zuster. Ex-vrouw gedeeltelijk aansprakelijk voor door de overledene van zijn zuster geleend geld (voor zover geleend voor het huwelijk werd ontbonden).
Geschil inzake de benoeming van een vereffenaar in een nalatenschap.
Onbevoegdheid. In kort geding is gevorderd dat aan een mede-erfgenaam een termijn zal worden gesteld, opdat hij een keuze maakt voor het, al dan niet, aanvaarden van de nalatenschap van zijn grootvader. Hiervoor is een bijzondere rechtsgang gegeven in artikel 4:192 BW. De voorzie
Beklag ex art. 552a Sv. X laat bij zijn overlijden € 874.874,99 na aan zijn minderjarige kinderen Y en Z, welk vermogen volgens het OM een criminele herkomst heeft. Het OM heeft ten laste van de wettelijke vertegenwoordigsters van Y en Z onder de notaris strafvorderlijk beslag do
Erfrecht.
11 februari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/172HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n COÖPERATIEVE RAIFFEISEN BOERENLEENBANK "HOOGLAND" B.A., gevestigd te Hoogland, gemee
erfrecht; termijn aanvaarden of verwerpen; kosten tot behoud; machtiging verkoop.