Artikel 4:194a lid 1 BW. Is sprake van een onverwachte schuld waardoor de erfgenaam – die de nalatenschap van erflaatster al zuiver aanvaard had - op grond van artikel 4:194a lid 1 BW machtiging aan de kantonrechter vragen om de nalatenschap van erflaatster alsnog beneficiair te
Burgerlijk Wetboek
Art. 4:185 BW
Genoemd in 18 uitspraken · Officiële wettekst
18 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Erfrecht. Legitieme. Beneficiaire of zuivere aanvaarding. Vorderingen vaderlijke erfdelen op grond van ouderlijke boedelverdeling. Waarde goederen nalatenschap moeder. In hoeverre kunnen vaderlijke erfdelen worden voldaan. Legitieme portie. In aanmerking te nemen giften en schuld
Erfrecht. Geschil over de vraag of de nalatenschap al dan niet zuiver is aanvaard en over de vraag welke giften in aanmerking moeten worden genomen bij de berekening van de legitieme portie en de inkorting ex art. 4:89 BW.
Kort geding. Vordering in conventie tot inzage, afschrift of uittreksel van stukken afgewezen. Eiseressen hebben bij merendeel daarvan geen belang omdat zij enkel schuldeisers zijn van erflaatster en geen erfgenamen. Ook is deze vordering al ingesteld bij incident in de bodemzaak
De kantonrechter verlengt de termijn waarbinnen de wettelijk vertegenwoordiger van de erfgenaam een verklaring van beneficiaire aanvaarding dan wel van verwerping van de nalatenschap dient af te leggen en machtigt verzoeker tot kennisneming van alle boeken, bescheiden en andere g
Verlenging termijn 4:193 lid 1 BW en machtiging inzage in de gegevensdragers en administratie van erflaatster (ogv 4:185 lid 2 BW) zodat verzoekster, in haar hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van de minderjarige erfgenaam, in staat wordt gesteld de omvang en samenstell
Klacht tegen notarissen. Afwikkeling nalatenschap. Taakverdeling boedelnotaris en executeur. Inschrijving boedelregister. Onrechtmatige onttrekking ervenrekening. Derdenwerking boedelregister. Wwft onderzoeksplicht. Schending Wwft. Klacht deels gegrond.
Erfrecht. Verzoek machtiging om nalatenschap namens een minderjarige te verwerpen. Omvang nalatenschap onbekend. Belang van minderjarige bij verwerping (nog) niet vaststaand. Machtiging verleend aan vertegenwoordigers voor inzage stukken zodat alsnog een boedelbeschrijving kan wo
Erf(proces)recht; ontvankelijkheid; procederen partijen in de juiste hoedanigheid? kennelijke fout hof die zich niet voor eenvoudig herstel leent?
tussenbeschikking o.g.v. art. 4:193 lid 1 BW. Verzoek aan kantonrechter om machtiging te verlenen voor het verwerpen van een nalatenschap namens minderjarige erfgenamen. Kantonrechter geeft ouders tijdelijk beheer van de nlp. Opstellen boedelbeschrijving.
Erfrecht. Verzoek machtiging verwerpen nalatenschap door minderjarigen. Kantonrechter geeft, alvorens te beslissen op verzoek, eerst een beheersbeschikking af. Daarmee kunnen verzoekers informatie opvragen bij banken/belasting etc.
Art. 4:190 BW en art. 4:192 lid 1 BW. Zuivere aanvaarding nalatenschap door feitelijk handelen, verwerping op later moment niet meer mogelijk. Vordering afgewezen vanwege declaratoir.
Matiging. Omstandigheden van belang. Reden matiging gelegen in niet betrachten terughoudendheid verkoper jegens achterblijvende koper na suïcide medekoper. Daarom matiging voor zover schade is ontstaan tijdens periode van beraad die koper zou hebben gehad als zij erfgenaam was (a
Erfrechtelijk geschil tussen tweede echtgenote erflater en zonen uit eerste huwelijk erflater. De rechtbank oordeelt dat de zonen de erfenis benificiair hebben aanvaard. Er is geen sprake van zuivere aanvaarding door feitelijk handelen van (één van) de zonen. Erflater heeft bij l
Koopovereenkomst woning. Eén van twee kopers pleegt kort voor leveringsdatum zelfmoord. Psychiatrisch verleden kopers. Vordering jegens achterblijvende koper en jegens erfgenamen. Beroep op geestelijke stoornis achterblijvende koper afgewezen. Gerechtvaardigd vertrouwen verkopers
- onvoldoende gesteld om aan te nemen dat gedaagde zich heeft gedragen als een zuiver aanvaard hebbend erfgenaam. - onduidelijkheid ten aanzien van de aanvaarding door de kleinkinderen van de erflaatster (Tussenvonnis LJN BQ0424)
Als verweer tegen toewijzing van de vorderingen voert gedaagde onder meer aan dat hij afstand heeft gedaan van de beperkte partnerschapgemeenschap en daarmee ook van het aandeel in de villa dat hem op grond van de beperkte partnerschapgemeenschap toekwam. Daardoor kan hij niet me
Incidentele vordering tot schorsing van de procedure.