Erfrecht. Einde beheer executeur (art. 4:150 BW). Recht op inzage en afschrift voor legitimaris niet-erfgenaam (art. 4:78 BW)
Burgerlijk Wetboek
Art. 4:150 BW
Genoemd in 41 uitspraken · Officiële wettekst
41 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Onrechtmatige daad executeur. Begroting schade.
Afwikkeling nalatenschap; vordering tegen execteurs tot doen van rekening en verantwoording; vordering tot verdeling; executeurs worden in de gelegenheid gesteld actuele boedelbeschrijving over te leggen met het oog op vaststelling verdeling door het hof.
executeur, goederen nalatenschap ruimschoots voldoende om de schulden te voldoen, geen vereffening art. 4:202 lid 1 sub a; 97 erfgenamen, bereidheid erfgenaam goederen van de nalatenschap in ontvangst te nemen, afgifte aan de Staat
Erfrecht. Afwikkeling nalatenschap. Executeur (eiser) vordert van gedaagde terugbetaling van circa 280.000 euro. Volgens gedaagde heeft erflater hem twee keer 125.000,-- geschonken. Bewijsopdrachten voor gedaagde.
Erfrecht. Geschil tussen broers. Heeft ene broer als executeur onrechtmatig gehandeld jegens de andere broer doordat het saldo van de nalatenschap(pen) is verdeeld onder de erfgenamen zonder voldoening van de legitimaire aanspraak. Afstand van recht. Rechtsverwerking. Onrechtmati
Artikel 4:144, 4:149 en 4:150 BW Aangezien gedaagde zijn werkzaamheden als executeur heeft voltooid en daarna het beheer over de geoderen van de nalatenschap aan de erfgenamen heeft overgedragen, is hij thans geen executeur meer en kan hij niet meer in die hoedanigheid worden ged
Erfrecht. Art. 4:149 lid 1 en 2 BW. Verzoek strekkende tot ontslag van een executeur afgewezen, omdat de executeur zijn werkzaamheden als zodanig heeft voltooid.
Erfrecht: verzoek om ontslag executeur o.g.v. art. 4:149 lid 2 BW afgewezen. Geen gewichtige redenen voor ontslag.
Art. 2:216 (oud) BW, nietigheid dividendbesluit, zaak verwant aan zaak bij Rb Midden-Nederland (ECLI:NL:RBMNE:2013:BY8377).
Invorderingswet. Aansprakelijkstelling executeur. Toetsing hoedanigheid ten tijde van indiening aangifte successierecht.
Erfrecht. Executeursbenoeming. Testamentair bewind. Taken en bevoegdheden executeur; beheer goederen nalatenschap, art. 4:144 lid 1 BW. Beëindigen beheer na eindigen taak als executeur; art. 4:150 lid 1 BW. Procesrecht. Herstel door Hoge Raad van kennelijke vergissing in uitspraa
Erfrecht. Executeursbenoeming. Testamentair bewind. Taken en bevoegdheden executeur; beheer goederen nalatenschap, art. 4:144 lid 1 BW. Beëindigen beheer na eindigen taak als executeur; art. 4:150 lid 1 BW. Procesrecht. Herstel door Hoge Raad van kennelijke vergissing in uitspraa
Verzoek om verweerders als executeurs ex 4:149 lid 2 BW wegens gewichtige redenen te ontslaan. De kantonrechter verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek. Executeurs hebben bij brief d.d. 30 juli 2010 te kennen gegeven dat en op welke wijze zij hun werkzaamheden hebbe
De feiten [eisers]. zijn kinderen uit het eerste huwelijk van [overledene]. [gedaagde sub. 1] is de tweede echtgenote van [overledene]. Uit dit tweede huwelijk zijn twee kinderen geboren, [gedaagde sub. 2] en [gedaagde sub. 3]. [overledene] is overleden op 7 mei 2003 en zijn vijf
Het hof heeft er, evenals de kamer, begrip voor dat de notaris het gevoel had in deze nalatenschap klem te zitten tussen de beide erfgenamen enerzijds en klager als executeur anderzijds. Desondanks is het hof van oordeel dat de notaris de situatie in deze nalatenschap op onjuiste