Verdeling nalatenschap. Uitleg testament. Verhouding tussen erfdelen en legaat.
Burgerlijk Wetboek
Art. 4:13 BW
Genoemd in 196 uitspraken · Officiële wettekst
196 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Gelegd beslag niet onrechtmatig, ondanks het feit dat vonnis op basis waarvan het beslag is gelegd, in hoger beroep is vernietigd. Ook geen misbruik van bevoegdheid bij het leggen van het beslag, nu eiser onvoldoende feiten heeft gesteld waaruit blijkt dat het door de beslaglegge
Geschil tussen twee broers over erfenissen vader en moeder. Ene broer is door ouders onterfd, met recht op legaat ter grootte legitieme. Andere broer heeft bij leven ouders gezamenlijk landbouwbedrijf overgenomen tegen 'agrarische waarde' en is nu enige erfgenaam (met beneficiair
Erfrecht. Geschil over geldvorderingen (stief)kinderen (art. 4:15 lid 1 BW). Uitkering door levensverzekeraar aan hypotheekbank in de, achteraf onjuist gebleken, veronderstelling dat de verzekering aan de bank was verpand.
bevoegdheidsincident, 4:15 BW, verwijzing naar kantonrechter na verbetering inleidend processtuk, 69 Rv
Erfrecht; artikel 4:15 lid 1 BW in samenhang met artikel 4:13 lid 3 BW. De vader van verzoeker en verweerder sub 2 en de echtgenoot van verweerster sub 1 is in 2019 overleden. Verweerders hebben een boedelbeschrijving opgemaakt en hebben op grond daarvan de verkrijgingsvorderinge
Erfrecht. Uiterste wilsbeschikking gemaakt voor 1 januari 2003, erflater na die datum overleden. Zet de wettelijke verdeling ex artikel 4: 13 BW de utierste wilsbeschikking opzij? Betekenis legaat aan partner inhoudende 3 jaren gebruiksrecht woning.
verzoek in kort geding om voorschot op betaling erfdeel in nalatenschap toewijsbaar; voldoende aannemelijk gemaakt dat sprake is van financiële nood alsook dat nalatenschap toereikend is voor uitbetaling voorschot
Hoger beroep niet –ontvankelijk want geen eindbeschikking, gezien het door de kantonrechter terugkomen op zijn eerder voornemen vader niet-ontvankelijk te verklaren als opgenomen in een eerdere tussenbeschikking.
Erfrecht. Uitleg testament. Dient het testament van erflater zo uitgelegd te worden dat bedoeld is (ook) de wilsrechten van artikel 4:21 BW uit te sluiten, ook al zijn die wilsrechten in het testament niet uitgesloten. Zin van het testament zonder die uitsluiting. Verklaringen va
Erfrecht. Artikel 4:19 BW. Minderjarige kinderen. Eigen beslissing kantonrechter.
Wie is (hoofdelijk) aansprakelijk voor de terugbetaling van het door schuldeiser aan erflater en aan zijn ex-echtgenote uitgeleende bedrag? De ex-echtgenote, de echtgenote en/of de kinderen?
Huwelijksvermogensrecht; wettelijke gemeenschap van goederen; schuld art. 4:13 BW
Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Boedelbeschrijving nalatenschap. Vaststelling omvang geldvorderingen, art. 4:13 lid 3 BW Curaçao. Grenzen rechtsstrijd in hoger beroep, ontbreken grievenstelsel, Curaçao.
Erfrecht. Geschil tussen erfgenamen en executeur/erfgenaam. Ontvankelijkheid: procedeert executeur in persoon of in hoedanigheid. Advocaatkosten als schulden nalatenschap. Terecht verdeling ten overstaan notaris bevolen. Vermeerdering van eis afgewezen, want richt zich tegen exec
Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Ouderlijke boedelverdeling, art. 4:1167 (oud) BW. Verdeling; betekenis aangifte successierechten voor waardebepaling. Verzoekschriftprocedure of dagvaardingsprocedure? Art. 4:15 BW, overgangsrecht en wisselbepaling, art. 69 Rv.
zorg voor ouders. remuneratoire schenking. geen nakoming natuurlijke verbintenis
Beroepsaansprakelijkheid notaris. Informatieplicht notaris t.a.v. mogelijkheid niet-opeisbaarheidsclausule in testament op te nemen (art. 4:82 BW). Rol verslaglegging notaris i.v.m. stelplicht nakoming informatieplicht.
Erfrecht. Wettelijke verdeling. De vordering van de kinderen jegens de echtgenoot van de erflater. Voor beloop van de vorderingen is niet de belaste verkrijging van elk der kinderen in de zin van de Successiewet bepalend.
Uitleg testament, maatstaf, art. 4:46 lid 1 en 2 BW; door uiterste wil beoogde verhoudingen, duidelijke zin, gebruik van daden of verklaringen van erflater die niet in het testament zijn vervat.
Erfrecht. Verzoek tot vestiging vruchtgebruik op de voet van art. 4:30 lid 6 BW. Uitleg verzoek; grenzen rechtsstrijd; art. 23, 24, 149 Rv. Klachten deels verworpen met toepassing van art. 81 lid 1 RO.
Geen hogere aftrek begrafeniskosten voor weduwe dan haar erfdeel. 2008 was het laatste jaar waarin begrafeniskosten tot de buitengewone uitgaven behoorden. Belanghebbenden stellen dat de weduwe de volledige begrafeniskosten heeft voldaan zodat zij die totale kosten kan aftrekken.
Art. 1, lid 2 en 5, Successiewet 1965; art. 4:13, lid 4, BW. Verkrijging ingevolge een overeenkomst tussen langstlevende ouder en kinderen met betrekking tot rentevergoeding op de onderbedelingsvordering van de kinderen (ontstaan door de ouderlijke boedelverdeling) die afwijkt va
Overeenkomstenrecht. Uitleg van met het oog op voorgenomen echtscheiding gesloten overeenkomst; Haviltexmaatstaf; geen verdiscontering van art. 7:177 BW in de overeenkomst; geen verplichting tot een (notarieel vast te leggen) schenking ter zake des doods. (81 RO)
In het testament van erflater is een ouderlijke boedelverdeling opgenomen waarin is bepaald dat de overbedelingsschuld aan eisers renteloos is. De erfgenamen komen, in afwijking van dit testament, een rente over deze overbedelingsschuld overeen. Naar aanleiding van deze nadere re