Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Burgerlijk Wetboek

Art. 4 BW

Genoemd in 8 uitspraken · Officiële wettekst

8 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live

ECLI:NL:RBNHO:2021:8413 1 × geciteerd
Rechtbank Noord-Holland · 29-09-2021 · Civiel recht; Personen- en familierecht

Primaire verzoek tot wijziging geboorteakte in die zin dat bij geslacht wordt vermeld “geslacht is niet kunnen worden vastgesteld” toegewezen. Diagnose genderdysforie is gesteld door VUMC. ABS heeft geen bezwaar tegen het verzoek. Ook verzoek tot wijziging voornaam toegewezen.

ECLI:NL:RBNHO:2019:9705 1 × geciteerd
Rechtbank Noord-Holland · 27-11-2019 · Civiel recht; Personen- en familierecht

De rechtbank stelt vast dat de overtuiging van de minderjarige tot een ander geslacht te behoren dan in de akte van geboorte is vermeld zeer doorleefd is en dat de ouders de wens van de minderjarige tot geslachtswijziging volledig ondersteunen. Deze wens heeft zich vanaf een zeer

Rechtbank Noord-Holland · 13-03-2024 · Civiel recht; Personen- en familierecht

De rechtbank wijzigt de voornaam van een minderjarige wegens zwaarwichtig belang van de minderjarige. De vader heeft als belanghebbende verweer gevoerd.

Rechtbank Amsterdam · 13-04-2022 · Civiel recht

Wijziging geboorteakte, wijziging geslacht van minderjarige, jonger dan zestien jaar. Tevens wijziging voornaam. Artikel 1:28 BW. Deskundigenverklaring is niet afkomstig van een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen deskundige.

Gerechtshof Amsterdam · 09-03-2010 · Civiel recht; Personen- en familierecht

Naamswijziging transseksueel

Gerechtshof 's-Gravenhage · 29-08-2007 · Civiel recht; Personen- en familierecht

Wijziging van de voornaam in casu voldoende zwaarwichtig belang aanwezig geacht: de voornaam is belastend.

Parket bij de Hoge Raad · 30-03-2007 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Wet WOZ; waardering complex dat deels monument is.

Parket bij de Hoge Raad · 11-07-2006 · Bestuursrecht; Belastingrecht

Conclusie PG In de zaken met de nrs. 42 172 en 42 173 staat de vraag centraal of een object, waarvan blijkens de redengevende omschrijving in het register van beschermde monumenten slechts een gedeelte wordt beschermd op grond van de Monumentenwet 1988, voor de toepassing van de