Erfdienstbaarheid ontstaan door verjaring? Beoordeling naar criteria oud BW en nieuw BW (vanaf 1992).
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:99 BW
Genoemd in 717 uitspraken · Officiële wettekst
717 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 18 · live
Burengeschil. Erfgrens. Kadastrale grensreconstructie. Bevrijdende/verkrijgende verjaring. Redelijkheid en billijkheid.
Huurovereenkomst. Vernietiging deel algemene voorwaarden. Geen rechtvaardiging voor ontbinding huurovk. Door rechtsverwerking slaagt beroep op verbod op permanente bewoning niet. Geen recht van opstal. Onvoldoende zwaarwegende grond voor opzegging huurovk
Erfdienstbaarheid opgenomen in akte uit 1910: uitleg mede op basis van art. 733 BW (oud). Wijziging erfdienstbaarheid? Eigendomsverkrijging en erfdienstbaarheid door verjaring?
Vordering verwijdering van rabatdelen die over de erfgrens uitsteken. Verkrijgende verjaring erfdienstbaarheid van overbouw. Vordering afgewezen. Mondeling vonnis.
(tegen)bewijswaardering in appel. Twee-conclusieregel: pas in de memorie na enquête wordt een beroep gedaan op de toepasselijkheid van algemene voorwaarden. Beroep op verjaring. Schadevergoeding (art. 6:97).
Verkrijgende/bevrijdende verjaring ten aanzien recht van erfdienstbaarheid van licht/zicht en lucht? Geen beoordeling mogelijk in kort geding van het bevrijdende verweer van het ontstaan van het recht van erfdienstbaarheid van lucht door bevrijdende verjaring, omdat dit bewijslev
Onbetaalde facturen mede van overgenomen eenmanszaak. Opschorting betaling. Zakelijke of particuliere borgstelling al dan niet in tijd beperkt. Haviltex.Buitengerechtelijke incassokosten, rente vanaf moment borg zelf in verzuim. Beslagkosten. Uitvoerbaarheid bij voorraad.
verkrijgende verjaring ex art. 3:99 BW?; bewijsopdracht;
Eigendom, erfdienstbaarheid, verjaring.
Burenrecht. Geschil over erfgrens. Geen verjaring. Schutting moet worden teruggeplaatst op kadastrale erfgrens en overbouw van schuur moet worden verwijderd. Mandelige haag belemmert uitzicht op openbare weg en moet deels gesnoeid worden.
Burenzaak. Eigendom betwiste grond wel degelijk overgedragen aan verweerders. Beroep op bevrijdende/verkrijgende verjaring strandt. Voorw. tegenvordering behoeft geen behandeling. Concl. op vordering aangemerkt als tegenvordering; die slaagt.
Kort geding. Vordering tot nakoming van de uit de koopovereenkomst van 1 mei 1999 voortvloeiende verplichting tot levering is verjaard, zodat de inschrijving van de koopovereenkomst van 1 mei 1999 niet (langer) het doel dient van het beschermen van het recht van gedaagde tot daad
Geschil over eigendom strook grond. Geen bezit, dus geen sprake van verjaring (artikel 3:111 BW). Geen huurovereenkomst, maar een koopovereenkomst. Ontbinding van de koopovereenkomst afgewezen, omdat geen verzuim is ingetreden. Ingebrekestelling was vereist.
Uitleg erfdienstbaarheid van weg op grond van akte en plaatselijke gewoonte. Geen erfdienstbaarheid van parkeren, ook niet door verjaring. Wel persoonlijk recht van parkeren. Dit is een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd. Geen vergoeding verschuldigd.
Erfdienstbaarheden. Geen sprake van recht van overpad door -verkrijgende of bevrijdende- verjaring. Plaatsen van erfafscheiding door gedaagden niet onrechtmatig.
Verjaring publieke grond; artikel 3:99 BW; artikel 3:105 BW; in bezit nemen en houden niet onrechtmatig; artikel 6:162 BW.
Verjaring publieke grond; artikel 3:99 BW; artikel 3:105 BW; in bezit nemen en houden niet onrechtmatig; artikel 6:162 BW.
Geen bevrijdende verjaring strook grond. Niet voldaan aan vereisten van inbezitneming en verjaring.
Eigendom strook grond; verkrijgende/bevrijdende verjaring? zo ja, schadevergoeding; verjaringstermijn van 5 of 20 jaar van toepassing?
Burengeschil. Erfdienstbaarheid van weg; recht van overpad; verwijdering van hek en camera’s; afsluiten erf; aanlijnen van honden.
Erfgrens. Verjaring. Goede trouw.
Kort geding. Burenzaak. Grensreconstructie door Kadaster. Verjaringstermijn door ruilverkaveling opnieuw gaan lopen.
Burenruzie; 3:105 BW bevrijdende verjaring (3:314 lid 2 BW, 3:306 BW; 3:99 BW verkrijgende verjaring (3:101 BW, 3:102 lid 2 BW, 3:118 lid 1 en 3 BW); bevrijdende verjaring erfdienstbaarheid, overgangsrecht (744 Oud BW, 93 Overgangswet nieuw BW).
Partijen zijn buren van elkaar en hebben een geschil over de erfgrens tussen beide percelen.