Luchtvaartclaim. Tussenvonnis.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:94 BW
Genoemd in 684 uitspraken · Officiële wettekst
684 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 17 · live
Eiser is enig aandeelhouder van pensioen BV. Eiser heeft in het verleden € 106.000 ter beschikking gesteld aan zijn echtgenote ten behoeve van haar fysiotherapiepraktijk. Op 21 januari 2014 heeft eiser samen met Pensioen BV een leningsovereenkomst gesloten met zijn echtgenote waa
Incident schorsing procedure ex artikel 225 Rv. Op grond van overgelegde stukken stelt hof vast dat (vermeende) vordering op appellanten door geïntimeerde aan eiseres in incident is overgedragen ex art. 3:94 lid 1 BW. Eiseres in incident heeft processuele positie van appellanten
Stille cessie; vorderingen uit hoofde van dividend; toekomstige vordering; rechtstreeks voortvloeiend uit bestaande rechtsverhouding.
Re-integratie van werkloze en arbeidsongeschikte werknemers op de arbeidsmarkt. Contracten tussen het UWV en re-integratiebedrijven. Contractsoverneming. Cessie. Bevoegdheid van een bij het UWV in dienst zijnde functionaris om in naam van het UWV op te treden. Beding over wijzigi
Vordering uit hoofde van onrechtmatige daad van zuster (als rechtsopvolger onder bijzondere titel van de gedurende de procedure overleden moeder van partijen) op haar broer. Verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording. Omvangrijke overboekingen naar eigen rekenin
Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurders vennootschap. Vordering ten aanzien van eerste feitencomplex is naar het oordeel van de rechtbank niet door de oorspronkelijke schuldeiser gecedeerd aan eiseres. Het tweede feitencomplex biedt onvoldoende grond voor het aannemen van een
Incident schorsing procedure ex artikel 225 Rv vanwege gestelde rechtsopvolging onder bijzondere titel. Naar aanleiding van eerder arrest in incident van het hof van 14 mei 2019 (ECLI:NL:GHARL:2019:4160) overgelegde akte kan niet worden vastgesteld dat sprake is van een cessie. H
appellante heeft onvoldoende onderbouwd dat zij rechthebbende is geworden van de vordering na cessie of contractsoverneming; partiële/gedeeltelijke ontbinding overeenkomst, vermindering van wederzijdse prestaties, waarde van reeds verrichte prestatie
Gedaagden hebben aan eisers diverse keren geldsommen ter beschikking gesteld ter financiering van de onderneming van gedaagden. Voorts hebben gedaagden financiering van een bancaire instelling overgenomen, met daarbij horende zekerheden. Uiteindelijk zijn gedaagden overgegaan tot
Aannemer heeft een rieten dak aangebracht op de woning van opdrachtgever. Dit dak beantwoordt niet aan wat de opdrachtgever op grond van de overeenkomst mocht verwachten omdat riet is gebruikt afkomstig uit zout water. Uit de rapporten blijkt dat zout in het riet een negatieve in
Cessie. Verjaringstermijn van in faillissement geverifieerde vordering 20 jaar.
pgb-fraude; vordering pgb-houder op zorgverlener rechtsgeldig gecedeerd aan zorgkantoor; wanprestatie; onrechtmatige daad; ongerechtvaardigde verrijking.
Schuldoverneming. Verrekening. 6:133 BW. Akte van cessie. Schuldeisersverzuim door derdenbeslag.
Hoger beroep na tussenarrest, gepubliceerd onder ECLI:NL:GHARL:2019:145. Inmiddels overgelegde cessieakte; mededeling cessie; koopprijs onder voorwaarde; geen strijd met fiduciaverbod; wettelijke rente na bevoegde opschorting.
Incident schorsing procedure ex artikel 225 Rv vanwege gestelde rechtsopvolging onder bijzondere titel. Bevoegdheid inroepen schorsingsgrond komt uitsluitend toe aan (opvolger) partij aan wier zijde oorzaak schorsing zich voordoet. Voor beoordeling van belang dat hof beschikt ove
Tussenvonnis met bewijsopdracht. Verzet. Kantonrechter oordeelt dat opposant geen daad van verzet heeft gepleegd als bedoeld in artikel 143, lid 2 Rv. De aantekeningen van de geopposeerde in haar dossier omtrent de gestelde handelingen en mededelingen van opposant, volstaan niet.
Kort geding, exhibitie art. 843a Rv m.b.t. bescheiden deels aangaande derden toegewezen. Rechtsbetrekking(en) voldoende aannemelijk, bescheiden voldoende bepaalbaar. Belang faillissementsboedel staan niet aan exhibitie in de weg.
Tussenvonnis met bewijsopdracht. Vergoeding voor de inrichting van horecazaken in Nederland en Spanje. Zijn partijen een voorwaarde voor betaling overeengekomen?
Bewijs van cessie. Gedeponeerd bewijsstuk.
Triodos Bank, FHG en Boels Zanders niet aansprakelijk voor gevolgen faillissement C2CP BV Twee voormalig bestuurders/aandeelhouders van de failliete vennootschap C2CP BV hebben in deze zaak de financier van die vennootschap (Triodos Bank), een mede-aandeelhouder (Faber Halbertsma
opzegging geldlening, beperkende / aanvullende werking redelijkheid en billijkheid bij opzegging.
Geen rechtsgeldige cessie. De akte van cessie is niet ondertekend ex artikel 156 Rv. Daarnaast ontbreekt de koppeling tussen de akte van cessie en het overdrachtsbestand.
Vordering door andere partij dan oorspronkelijk rechthebbende. Cessie? Volmacht? Lastgeving? Verjaring; moment waarop eisers bekend waren met de schade en de aansprakelijke persoon.
Onverschuldigde betaling. Erfkwestie. Uit de nalatenschap is door ABN Amro een totaalbedrag van € 102.796,88 aan erfgenaam A betaald, terwijl deze slechts recht had op een bedrag van € 51.574,85. Het stond erfgenaam B, de broer van erfgenaam A, vrij zijn vordering op naam uit hoo