Procesrecht. Schorsingsincident. Verzoek zaak op rol te plaatsen teneinde te verstaan dat de zaak is geschorst. Geldige overdracht vordering aan partij die schorsingsverzoek indient? Partijen worden in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over in cassatie aangevoerde stelling
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:94 BW
Genoemd in 684 uitspraken · Officiële wettekst
684 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Factoring is niet in strijd met het in artikel 3:84 BW opgenomen fiducia-verbod. De vorderingen zijn rechtsgeldig overgedragen. De akte is voldoende specifiek en er is mededeling gedaan aan de debiteuren van Fa-Med.
Artikel 3.92, lid 1, Wet IB 2001; inkomstenbelasting, resultaat uit terbeschikkingstelling van tot huwelijksgemeenschap behorende goederen wordt slechts genoten door bestuursbevoegde echtgenoot.
Artikel 3.92, lid 1, Wet IB 2001; inkomstenbelasting, resultaat uit terbeschikkingstelling van tot huwelijksgemeenschap behorende goederen wordt slechts genoten door bestuursbevoegde echtgenoot.
In strijd gehandeld met artikel 82 Wtk 1992 door bemiddelaar.
Cessie, aan vereiste schriftelijke mededeling voldaan met de betekening van het exploot van dagvaarding. Vordering resterende abonnementskosten afgewezen, schade is niet geconcretiseerd. Beweerdelijk tot de datum van dagvaarding vervallen rente is niet toewijsbaar, niet gesteld m
beroep derde op garantieverklaring
Ontvankelijkheid; cessie; wie was de opdrachtgever en wat is tussen partijen afgesproken?
arbeid, schadeverhaal ex-directeur woningbouwvereniging
Strijd met een goede procesorde door eerst bij conclusie van dupliek in reconventie de overeenkomst over te leggen waarop de vordering (deels) is gebaseerd. In het wettelijk stelsel van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is de verplichting voor partijen neergelegd om in
Ongeldige cessie. Woord "onder meer" in cessieakte is te onbepaald. Voorts ontbreekt de bevoegdheid van de koper om opdracht tot sanering te geven op kosten van de verkoper, buiten de verkoper om.
Artikel 3:94 BW jo. artikel 156 Rv. Vraag of er sprake is van een rechtsgeldige cessie van het inningsrecht van de pandhouder aan een derde ten aanzien van door een onderneming aan de pandhouder verpande vorderingen. Vereisten voor cessie. Ontbreken ondertekende akte.
in conventie: is voldaan aan de vereisten van cessie van de vorderingen van (de inmiddels gefailleerde vennootschap) Qualitax B.V. op Taxilease Rijnmond B.V. ten aanzien van de uitgekeerde schadepenningen uit hoofde van de verzekeringsovereenkomsten voor een aantal van de door Qu
4.3.2. Het hof deelt het standpunt van de bank in de toelichting op grief I dat de kantonrechter in zijn vonnis klaarblijkelijk ervan is uitgegaan dat de overschrijving is verricht naar een bankrekening bij de bank zelf. Dit volgt naar het oordeel van het hof uit de constatering
Licotec stelt dat haar aansprakelijkheid - voor zover al van enige aansprakelijkheid sprake zou zijn - van een geheel andere orde is dan de op artikel 7:611 BW gegronde aansprakelijkheid van de formele werkgever ([A.]) en dat daarom de draagplicht (in zijn geheel) bij de formele
Het hof oordeelt met de rechtbank voorts dat niet is komen vast te staan dat ook in het begin van de keten sprake is geweest van een geldige overdracht van de gepretendeerde vorderingen van ASB. Uit de onderhandse akte van 20 november 2001 (zie rechtsoverweging 2.3) blijkt nergen
Eiser stelt dat hij zijn vordering d.m.v. cessie heeft verkregen. De B.V. die de vordering cedeerde is inmiddels failliet. Voor de overdracht van de vordering is een onderhandse akte opgemaakt. Vordering wordt afgewezen, omdat geen mededeling is gedaan van de (akte van) cessie vó
Koop 2e-hands auto. Beschikkingsonbevoegdheid vervreemder. Koper wordt beschermd, ook al heeft hij niet naar kopie deel III gevraagd.
Koop-/aannemingsovereenkomst inzake ontwikkeling vakantiepark; recht op parkbijdrage van de exploitant kwalitatief recht in de zin van art. 6:251 BW?; onvoldoende motivering oordeel dat het voor toepasselijkheid van art. 6:251 BW vereiste verband bestaat tussen het recht op voldo
World Online, ABN AMRO en Goldman Sachs hebben onrechtmatig gehandeld tegenover de beleggers die hebben ingeschreven op de beursintroductie van World Online of die uiterlijk op 3 april 2000 aandelen World Online hebben gekocht. De cessie van beleggers aan VEB-Actie-WOL is niet re
Borgtocht. Geschil tussen bank en een directeur-grootaandeelhouder die ten tijde van het aangaan van de borgtocht handelde ten behoeve van de normale uitoefening van het bedrijf; particuliere borgtocht, uitzondering op toestemmingsvereiste in art. 1:88 lid 5 BW, samenhang met art
Beklag van derde tegen onder hem gelegd conservatoir beslag ex art. 94a Sv. 1. De rb heeft met juistheid tot uitdrukking gebracht dat op een ex art. 94a Sv gelegd conservatoir beslag, waaronder een derdenbeslag, ingevolge art. 94c Sv de vierde Titel van het Derde Boek Rv van over
9 april 2004 Eerste Kamer Nr. C02/320HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: AGIN HOLDING B.V., gevestigd te Rotterdam, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R. de Mooij, t e g e n Mr. E.A.E.G.J. LIBOSAN, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van
Faillissementsfraude; aannemen van betaling ex art. 344 Sr door gecedeerd krijgen van een vordering van de failliet op de Belastingdienst ter zake van teveel betaalde omzetbelasting. 1. Moment ontstaan belastingvordering. 2. Art. 24 lid 5 Invorderingswet 1990. Ad 1. Een belasting
De Rabobank heeft in eerste aanleg de nakoming van een door [appellant] aan de bank verleende borgtocht ten behoeve van WIM BV (in het vervolg WIM) gevorderd, alsmede de terugbetaling van een door de Rabobank aan [appellant] verstrekte geldlening. [appellant] heeft als verweer ge