Beslag. Art. 3:86 BW (revindicatie), verkrijger te goeder trouw. Geklaagd wordt dat de Rb heeft miskend dat de revindicatiemogelijkheid van art. 3:86.3 BW i.c. door tijdsverloop is vervallen en dat ontoereikend is gemotiveerd waarom de geluidsbanden niet aan klager als verkrijger
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:86 BW
Genoemd in 423 uitspraken · Officiële wettekst
423 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 15 · live
Beslag. Art. 3:86 BW (revindicatie), verkrijger te goeder trouw. Geklaagd wordt dat de Rb heeft miskend dat de revindicatiemogelijkheid van art. 3:86.3 BW i.c. door tijdsverloop is vervallen en dat ontoereikend is gemotiveerd waarom de geluidsbanden niet aan klager als verkrijger
Bewijslevering van diverse probanda, met name de vraag of gedaagde bezitter (in de zin van 3:119 BW) van het schilderij was.
Beslag. Art. 3:86 BW (revindicatie), verkrijger te goeder trouw. Geklaagd wordt dat de Rb heeft miskend dat de revindicatiemogelijkheid van art. 3:86.3 BW i.c. door tijdsverloop is vervallen en dat ontoereikend is gemotiveerd waarom de geluidsbanden niet aan klager als verkrijger
Beklag. Vooropgesteld wordt dat het wettelijk stelsel meebrengt dat op de rechter de plicht rust om, alvorens op een klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv te beslissen, a.d.h.v. de hem ter beschikking staande gegevens na te gaan of een ander dan klager als belanghebbende moet worden a
In Duitsland gestolen autokraan, in Denemarken opgedoken, door Deense ondernemer aan Nederlandse koper verkocht en geleverd, bevindt zich in Nederland. Bestolene, althans diens verzekeraar, vordert afgifte op grond van eigendom. Nederlandse koper, gedaagde, stelt eigenaar te zijn
Centraal staat de vraag of eiser eigenaar is van de auto waarop de Ontvanger beslag heeft gelegd. De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat deze vraag bevestigend moet worden beantwoord.
Doorverkoop/-levering van auto waarop eigenaarsvoorbehoud rust. Onrechtmatige daad jegens de oorspronkelijke verkoper? Verwevenheid van vennootschappen?
Overeenkomstenrecht; overeenkomst tot wederinkoop van een schilderij of last tot verkoop aan een gemeenschap gevolgd door ‘selbsteintritt’? Conversie van ongeldige meerzijdige rechtshandeling, maatstaf. Procesrecht; passeren bewijsaanbod, ontoereikende motivering; verzoek tot aan
Onrechtmatige daad. Koop door werknemer van door zijn werkgever aan bank verpande bedrijfsinventaris (81 RO).
Vraag of in beslag genomen oldtimers wel of niet zijn bezwaard met pandrecht ten behoeve van gedaagde. Oldtimers aangetroffen in pand van eisers - vermoeden van bezit. Bank weet dat vermoeden te weerleggen, waardoor eiseres haar gepretendeerde eigendom moet bewijzen.
Beslag. In een geval als i.c., dat er door wordt gekenmerkt dat de OvJ van oordeel is dat het belang van strafvordering het voortduren van het beslag niet vordert, dient de Rb de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp te gelasten aan de beslagene, tenzij een ander redelijkerw
Beslag. In een geval als i.c., dat er door wordt gekenmerkt dat de OvJ van oordeel is dat het belang van strafvordering het voortduren van het beslag niet vordert, dient de Rb de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp te gelasten aan de beslagene, tenzij een ander redelijkerw
Het hof sluit zich dan ook aan bij het oordeel van de rechtbank (vonnis van 28 juni 2006, r.o. 2.4) dat, gelet op de summiere stellingen van [appellant sub 1] aangaande de staat van de stacaravan, onduidelijk blijft waarom het door [appellant sub 1] voor de stacaravan betaalde be
De conclusie van de rechtbank is dat de relevante omstandigheden noch elk afzonderlijk noch in samenhang bezien leiden tot de conclusie dat bij een van de gedaagden sub 2 tot en met 8 sprake was van ontbreken van goede trouw zoals bedoeld in de bewijsopdracht.
Nu Auto Opgenoort niets heeft aangevoerd waaruit zou moeten volgen dat eiser niet te goeder trouw was ten tijde van de bezitsverkrijging, moet worden geoordeeld dat hij rechtmatig eigenaar is geworden van de auto, nu aan alle overige vereisten van art. 3:84 juncto 3:86 is voldaan
Retentierecht klager. In de overwegingen van de Rb ligt besloten dat zij ervan is uitgegaan dat klager de bromfiets te goeder trouw heeft verkregen. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat art. 3:120 3e lid BW de bezitter te goeder trouw het recht geeft de afgifte van een goed
Wat er ook zij van de vraag in hoeverre de door Lemonie in dat verband geponeerde feitelijke stellingen kunnen leiden tot de door haar bepleite rechtsgevolgen, moet worden geconstateerd dat [geïntimeerde] daartegenover een gemotiveerde, door producties ondersteunde feitenlezing h
Voormelde feiten en omstandigheden - de lage prijs waarvoor Action-VIP Cars de auto kon verwerven, de bijzondere situatie dat het kentekenbewijs van de auto pas de dag tevoren op naam van [persoon 1] was gesteld en de vragen die de verklaring van [persoon 1] openliet - in aanmerk
levering constitutum possessorium (artikel 3:90 lid 1 BW juncto artikel 3:115 sub a BW); verbod van interversie van houderschap (artikel 3:111 BW); gehonoreerd verweer strekt mede ten gunste van niet in het geding verschenen gedaagde (artikel 140 Rv).
Koper zoekt verhaal op verkoper nadat gekochte, gebruikte, auto's door de politie in Nederland in beslag zijn genomen omdat deze in Duitsland zouden zijn gestolen of verduisterd. Internationaal privaatrecht bij mogelijke verkrijging als verkrijger te goeder trouw. Stelplicht en b
Bank verrekent opbrengsten van door pandgever onbevoegd verkochte zaken. Pandhouder vordert het desbetreffende bedrag van de bank. Hof: een van de verrekeningen door de bank valt onder de delictsomschtijving van artikel 417bis Wetboek van Strafrecht althans is onzorgvuldig jegens
Gestolen auto, door politie in beslag genomen onder gedaagde. Verzekeraar vordert verklaring voor recht inzake eigendomsrecht. Gedaagde doet beroep op artikel 3:86 lid 3 BW. Gedaagde stelt sterk wisselend en innerlijk tegenstrijdig. Rechtbank verwijst uitdrukkelijk naar art. 21 R
Het beroep is ingetrokken nadat de AG ttz van de HR zijn conclusie had genomen en derhalve na de aanvang van de behandeling van het beroep a.b.i. art. 453 Sv. De HR doet de zaak op het bestaande beroep af (vgl. HR LJN AH9919).
belenen diamanten, onrechtmatig in pand nemen van diamanten? art. 11 Pandhuiswet Eiseres is een diamantenbedrijf. Een van haar commissionairs heeft tegen de wil van eiseres diamanten van eiseres beleend bij de Stads-bank van Lening te Amsterdam (SBL) en is vertrokken naar het bui