Procesrecht; art. 24, 347, 353 Rv. Uitleg koopovereenkomst. Toelaatbaarheid eiswijziging na pleidooi in hoger beroep naar aanleiding van door hof ambtshalve opgeworpen vraag naar strijd overeenkomst met art. 3:84 lid 3 BW. Geen uitzondering op “in beginsel strakke regel”. Mogelij
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:84 BW
Genoemd in 681 uitspraken · Officiële wettekst
681 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
-
Luchtvaartkartel. Cessie vorderingen aan claimvehikel. Heeft schuldenaar belang bij vaststelling geldigheid cessie of is voor schuldenaar beslissend of hij op redelijke gronden moet aannemen dat (kan betwijfelen of) cessie geldig is? Art. 6:34 en 6:37 BW. Op cessie-overeenkomst t
Luchtvaartkartel. Cessie vorderingen aan claimvehikel. Heeft schuldenaar belang bij vaststelling geldigheid cessie of is voor schuldenaar beslissend of hij op redelijke gronden moet aannemen dat (kan betwijfelen of) cessie geldig is? Art. 6:34 en 6:37 BW. Op cessie-overeenkomst t
Sale and lease back-overeenkomsten m.b.t. trekkers en opleggers, géén (geldige titel voor) eigendomsoverdracht wegens strijd met art. 3:84 lid 3 BW?, stelplicht en bewijslastverdeling, “werkelijke overdracht” in de zin van HR 19 mei 1995, nr. 15806, NJ 1996, 119 (Sogelease)?, uit
Tussenvonnis. Vervolg in zaak over civielrechtelijke gevolgen van een kartelbeschikking van de Europese Commissie. Aan bod komen de thema's: geldigheid van de cessies aan CDC en verjaring van de vorderingen.
Prejudiciële vragen. Overeenkomst tot het bieden van kinderdagopvang door kindercentrum. Kwalificatie als overeenkomst van opdracht. Bedongen opzegtermijn en opzeg- of annuleringsvergoeding verenigbaar met het eenzijdig dwingende recht met betrekking tot particuliere opdrachtgeve
Luchtvaartkartel. Rechtsgeldigheid cessies aan litigation vehicle. Stelplicht en bewijslast. Niet in strijd met fiduciaverbod. Vorderingen voldoende bepaalbaar, akten van cessie bevatten voldoende gegevens om te kunnen vaststellen om welke vorderingen het gaat.
Goederenrecht. Verbintenissenrecht. Erfgrenskwestie. Uitleg van koop en levering. Betekenis kadastrale aanduiding in dit verband.
Caribische zaak. Verbintenissenrecht. Geldlening. Reikwijdte van het leerstuk rechtsverwerking. Begrijpelijkheid van het oordeel over de vraag of de bedongen samengestelde rente in strijd is met de goede zeden. Zorgplicht van de kredietverstrekker. Matiging van de openstaande sch
Mededingingsrecht. Liftenkartel. De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is ondanks een arbitraal beding in de algemene voorwaarden van de liftenleveranciers. Het verjaringsverweer slaagt niet omdat ten aanzien van een aantal vorderingen tijdig stuiting heeft plaatsgevonden. De ove
Luchtvaartkartel. Rechtsgeldigheid cessies aan litigation vehicle. Stelplicht en bewijslast. Niet in strijd met fiduciaverbod. Vorderingen voldoende bepaalbaar.
Mededingingsrecht. Vrachtwagenkartel. Ontvankelijkheid Claimvehikels die procederen op basis van aan hen gecedeerde schadevergoedingsvorderingen. De eisen die artikel 3:305a BW stelt aan een collectieve actie zijn niet van toepassing. Toepasselijk recht. De gecedeerde vorderingen
Art. 81 lid 1 RO. Financier van aandelentransactie stort geld op kwaliteitsrekening notaris. Deel geld wordt in strijd met de financieringsvoorwaarden overgemaakt naar depotrekening. Vraag aan wie het depotbedrag toebehoort; opgewekt vertrouwen bij verkoper.
Sale and lease back-overeenkomsten m.b.t. trekkers en opleggers, géén (geldige titel voor) eigendomsoverdracht wegens strijd met art. 3:84 lid 3 BW?, stelplicht en bewijslastverdeling, “werkelijke overdracht” in de zin van HR 19 mei 1995, nr. 15806, NJ 1996, 119 (Sogelease)?, uit
Lease. Faillissement. Gedeelte huur en gedeelte koop/financiering.
De rechtbank oordeelt dat vorderingen na verwijzing (renvooi) niet verder kunnen strekken dan hetgeen aan de rechter-commissaris ter beoordeling voorlag. In dit geval ging het om het vaststellen van een rangregeling na een executieopbrengst. In deze zaak gaat het om een bijzonder
Naburige rechten. Art. 14a Wet Naburige Rechten (WNR). Heruitzenden door kabelexploitanten? Veronderstelt ‘doorgifte via de kabel’ een eerdere ‘mededeling aan het publiek’? Art. 9 lid 1 SatKabRichtlijn (Richtlijn 93/83/EEG). HvJEU 7 maart 2013, zaak C-607/11 (ITV/TVCatchup), ECLI
Gewone pauliana. Vraag of eiser is benadeeld doordat hij een vordering op zijn schuldenaar (medegedaagde) niet meer kan verhalen op de woning die schuldenaar en diens vrouw (medegedaagde) hebben gekocht. Die woning is volgens eiser namelijk onder de marktwaarde aan een oom van sc
Artikelen 3:84-3 en 3:45 BW (pauliana): vraag of eiser is benadeeld doordat hij een vordering op een van de gedaagde partijen niet meer kan verhalen op de woning van gedaagden. Die woning is volgens eiser namelijk onder de marktwaarde aan een oom en (ook) schuldeiser van gedaagde
Toetsing cessieverboden (3:83 lid 2 en 3:84 lid 3 BW); verjaring (3:310 BW); rechtsverwerking; renteswap en bijzondere zorgplicht bank.
Tussenarrest –Lira vs kabelexploitanten- comparitie ivm mogelijke afwijking feitelijke situatie tov Norma- verder Norma gevolgd- levering bij voorbaat ivm art. 45d Aw Zie ECLI:NL:GHAMS:2018:4101.
Korte samenvatting: Incident art. 843a Rv. Mogelijkheid indienen vordering tegen een derde.
Factoringovereenkomst. Strijd met fiduciaverbod (art. 3:84 lid 3 BW)? Vorderingen rechtsgeldig overgedragen gelet op vereisten van art 3:394 BW; akte van cessie en mededeling aan debitor cessus.
Procesrecht. Hof is buiten de rechtsstrijd getreden door op basis van de stukken ambtshalve de juistheid van door de rechtbank vastgestelde en door curator tot twee maal toe onderschreven feiten aan de orde te stellen en (na partijen in de gelegenheid te hebben gesteld zich hiero