Overeenkomstenrecht. Totstandkoming overeenkomst tussen onderhandelende partijen, maatstaf; vertegenwoordigingsbevoegdheid, opdracht aan makelaar tot bemiddeling bij verkoop houdt in beginsel geen volmacht in tot sluiten van een koopovereenkomst; toepasselijkheid schadeplicht van
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:70 BW
Genoemd in 178 uitspraken · Officiële wettekst
178 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Afgebroken onderhandelingen over huurovereenkomst. Geen gerechtvaardigd vertrouwen dat nog slechts op ondergeschikte punten overleg nodig was. Wederpartij heeft telkens voorbehouden gemaakt, in het bijzonder ‘subject to contract’ prominent opgenomen.
Vertegenwoordigingsbevoegdheid; was de management B.V. bevoegd de huurovereenkomst te tekenen?
Overeenkomstenrecht. Verkoop van woning onder ontbindende voorwaarde in de vorm van een financieringsvoorbehoud?; bevrijdend verweer, bewijslastverdeling, redelijkheid en billijkheid.
Procesrecht. Vervolg van HR 20 februari 2004, NJ 2004, 254; geding na verwijzing; bewijswaardering door verwijzingsrechter; toelaatbaarheid van na verwijzing overgelegde producties die betrekking hebben op vóór de cassatie-instantie ingenomen stellingen.
nietigheid dagvaarding, niet-ontvankelijkheid; instaan voor volmacht;
Tussen partijen is in geschil of eiseres en de VOF een geldleningovereenkomst voor een bedrag van NLG 20.000,= (€ 9.075,=) hebben gesloten. Eiseres stelt zich daarbij op het standpunt dat gedaagde sub 2 bij het aangaan van die geldleningovereenkomst in hoedanigheid handelde, name
Aanspraak van vruchtgebruikster van de nalatenschap, waaronder uit de pachtovereenkomst voortvloeiende rechten, op nakoming door de pachter van uit de pachtovereenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen (artikel 3:9 lid 2 juncto 3:216 BW). Toepasselijkheid van artikel 8 PW/7
De kern van het geschil is de vraag of tussen partijen een overeenkomst tot verkoop van het pand tot stand is gekomen.
onafhankelijk assurantiemakelaar; art. 3:70 BW (instaan voor volmacht).
Voorzover [appellant] betoogt dat [vennoot sub 1] hierdoor op grond van artikel 3:70 BW persoonlijk aansprakelijk zou zijn, kan het hof [appellant] hierin niet volgen. Immers nergens uit blijkt en dat is ook nergens uitdrukkelijk gesteld dat Fourage en Mesthandel [A.] zich op het
Betekening aan Engelse limited. Degene die alles regelt in Nederland aansprakelijk op grond van de artt. 3:70 en 6:162 BW?
De vordering van T & M, die gebaseerd is op het instaan door [geïntimeerde] voor de volmacht, kan naar het oordeel van het hof niet onder één van de hierboven genoemde begrippen (verbintenis uit overeenkomst of uit onrechtmatige daad) geschaard worden: niet gezegd kan worden dat
Schijn van volmacht tot het geven van een opdracht namens (onderneming van) vriendin. Ktr: "Niet is van belang of degene die de opdracht geeft de schijn van bevoegdheid heeft gewekt, maar of gedaagde (de vriendin), die in deze procedure tot betaling wordt aangesproken, dat heeft
aansprakelijkheid makelaar 3:70 BW
Verzekeringsrecht. Schadeafwikkeling na medische beroepsfout. Geschil tussen verzekeraars over de dekking onder de aansprakelijkheidsverzekering en samenloop met andere verzekering; procesrecht, ontvankelijkheid van beroep in cassatie van nieuwe procespartij, rechtsopvolging onde
Gedaagde en mevrouw a. waren bestuurders van The Network B.V. i.o. Mevrouw a. sluit een overeenkomst met de curator in het faillissement van BTS Science BV. Daarbij worden de contracten met AC overgenomen. Er vindt geen betaling plaats. AC dagvaardt gedaagde in persoon. Omdat ged
Beurspolis. Vertegenwoordiging van een leader door een andere leader. Reikwijdte to-follow-clause.
Het hof leidt uit een en ander af dat uit de stukken waarop Oudehuys zich beroept niet kan worden afgeleid dat de gemeente in de fase tot en met de mededeling van het besluit van B&W aan NSAW met uitponding heeft willen instemmen of van een dergelijke wil naar NSAW toe enig vertr
3 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/205HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerster 2], beiden wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in c
3 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/205HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerster 2], beiden wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in c
deposito voor kortere termijn dan opgedragen waarna geld renteloos blijft staan; aansprakelijkheid tussenpersoon en/of agent van de bank?
Verzet Stichting Werk en Scholing
27 februari 2004 Eerste Kamer Nr. C00/185HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. E. Meijer, t e g e n de stichting WONINGSTICHTING HAAG WONEN, als rechtsopvolgster van WONINGSTICHTING "VERBETER
20 februari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/283HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. G.C. Makkink, t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. A.H. Vermeu